Terug naar de startpagina.

Huwelijks-wereldreis

[ Andere reizen | Home | Wie zijn we | Huwelijk | Voorbereiding | Route | Verslag | Links | Contact ]
[ Azië | Oceanië | Amerika ]
[ Sri-lanka | Indië | Nepal | Thailand | Maleisië | Singapore | Indonesië ]
[ Westkust | Binnenland ]

Sri Lanka

Het binnenland

Zaterdag 5 mei: Theepluksters.

Een theeplukster.We wilden verder trekken naar het bergachtig binnenland, maar het lukte niet goed vandaag om de juiste bus te vinden. Na anderhalf uur wachten en zoeken, vonden we dan toch de juiste bus, onder andere door de hulp van een Engels meisje dat alleen door Sri Lanka aan het reizen was.

We vonden uiteindelijk een bus, maar dan wel een met een airco die keihard stond te blazen. Pascal hield er een verkoudheid aan over. De bus ging wel rap, op 3 uren stonden we 150 km verder en 1200 meter hoger. Het grappige was wel dat de airco uitgeschakeld werd toen we aan de beklimming begonnen. Kwestie van iets meer kracht te hebben om de berg op te rijden.

Het dorpje waar we nu waren aangekomen heette Ella, en het was echt iets naar ons hart. Temeer omdat we een heel gezellig Guesthouse vonden, met een te gekke uitbater: een dikke opa van 67 jaar, Mr J.

De barakken waar de theepluksters in wonen.Diezelfde dag hebben we nog een wandeling gemaakt tussen de theeplantages door naar Little Adams Peak. We zagen de theepluksters aan het werk en zagen ook de barakken waar ze in wonen. Later hoorden we van Mr J. dat ze maar 63 BEF per dag verdienen, maar wel een huisje (lees barak), elektriciteit en water gratis krijgen.

's Avonds kookte Mr J. rice & curry voor ons. Dit is het nationale gerecht hier: een berg rijst met verschillende schoteltjes pikante sausjes en stukjes vlees en vis, dat je allemaal door elkaar moet mengen. We zaten aan een grote tafel in het Guesthouse tesamen met een Engels koppel dat er ook te gast was.

Zondag 6 mei: wandelen in de bergen.

Douchen onder de waterval.We maakten prachtige wandelingen in de bergen vandaag. Eerst langs een spoorweg en dan langs een klein paadje tot aan een waterval (met de hulp van een inwoner, anders hadden we het nooit gevonden). Pascal nam er een douche in de waterval, zalig...

Daarna leidde diezelfde Sri-Lankees ons naar de top van de nabijgelegen rots. Doorheen een bos, waar houthakkers bomen aan het vellen waren om ze dan terplaatste te verzagen in dwarsliggers voor de spoorweg. Kathleen had het lastig om boven te geraken, maar het was een goede training voor onze trektocht in de Himalaya, later op onze reis.

Luisteren als er geen trein aankomt.'s Avonds gingen we nog even onze mail controleren en vonden maar liefst 39 berichtjes in onze mailbox. Echt plezant, zo blijven we in contact met het thuisfront.

Deze avond zaten we met een Amerikaans koppel aan tafel bij Mr J. We wisselden adressen uit van andere guesthouses en van plaatsen die we zeker moesten zien op Sri Lanka. Die waren voor 6 maanden op reis. Voor te lachen zeiden we: "tot in Jakarta". En enkele dagen later kwamen we ze al tegen in een andere stad op Sri Lanka.

Maandag 7 mei: Zes uren in de "observation car" v/d trein naar Kandy.

Indrukwekkende diesellocomotief.Vandaag was een speciale dag. Het was namelijk volle maan en dit vieren de Boedisten iedere maand. Zo hebben de Sri Lankezen elke maand een dag conge als het volle maan is. Maar deze maand was het heel speciaal, want het was de verjaardag van Boedha. Te vergelijken met Kerstmis bij ons.

We besloten om vandaag met de trein door het gebergte naar Kandy te rijden. De belangrijkste stad voor de Boedisten op Sri Lanka. We vertrokken op 1200 meter boven de zeespiegel, bereikten 1800 meter om te eindigen in Kandy op 600 meter.

In de trein konden we voor een opleg van 50 BEF in het achterste voertuig zitten dat ingericht was als "observation wagon". De zetels stonden achterstevoren en er was een groot venster. We konden de mooiste plaatsen veroveren juist aan het venster en genoten dan ook met volle teugen van het voorbijschuivende landschap, vol met theeplantages. Snel ging het niet, 10 tot 20 km/h, met veel rook van de locomotief dat de tunnels volledig verduisterde.

De treinrit duurde 6 uren om 151 km af te leggen en bracht ons in Kandy, waar we direkt wisten waar naartoe, want de zus van Mr J. had daar een guesthouse: "Green Woods". Het was gebouwd op de berghelling en de ingang was op het dak. Het was er best gezellig met een klein vijvertje voor onze kamer en veel potbloemen. Onze was geraakte daar eindelijk eens droog.

Kandy in feeststemming.'s Avonds snoven we de sfeer op in Kandy. Het was er heel druk door die verjaardag van Boedha. Er hingen ook overal vlaggetjes en iedereen hangt dan voor zijn huis kubussen van papier met een kaarsje erin. Er stonden ook podia met zingende kinderen, maar toch mist het iets, naar onze normen. Want het verkeer blijft vooraleerst doorrijden (wij zouden het verkeersvrij maken), er is totaal geen alcohol te verkrijgen wanneer het volle maan is, er zijn geen terrasjes, geen hamburgerkraam, geen straattoneel, enfin: geef ons maar de Gentse Feesten.

Met de hulp van onze reisgids de Lonely Planet vonden we wel een heel idyllisch Indisch restaurant. Het eten werd er op een plateau gebracht en je moest de rijst en de sausjes op die plateau gieten en zo alles opeten.

We wandelen terug langs de tempel of Tooth en het meer van Kandy. Die tempel is heel belangrijk voor de Boedisten.

Terug thuisgekomen zat er een kikker op de bril van ons toilet, klaar om te springen. Maar hij wilde niet. We gaven hem een duwtje, maar hij kroop op zijn gemak onder de rand waar het water uitkomt als je doortrekt. Vanaf nu werd het dus onveilig om op het toilet te gaan zitten. De kikker kon elk moment je billen kussen.

Dinsdag 8 mei: Botanische tuin.

Deze morgen kregen we een echt Sri-Lankees ontbijt met "hoppers". Dit zijn een soort pannekoeken met rechtopstaande randen en in het midden is een roerei verwerkt. Je kan er confituur op doen of een banaan, zoals je wenst.

We bezochten in de voormiddag de botanische tuin van Kandy. Deze was een dikke 100 jaar geleden aangelegd door een Engelsman en er stonden tal van oude, gigantisch grote bomen. Pascal zag er ook weer een slang in het gras.

De gratis olifantewasplaats die we later ontdekten.In de namiddag lieten we ons door een tuk-tuk-driver naar een olifantewasplaats in de rivier brengen. Maar het was een grote ontgoocheling. In plaats dat we gewoon van langs de kant van de rivier konden staan kijken, hadden ze er een omheining rondgeplaatst en dik struikgewas en je moest er maar liefst 400 BEF voor betalen (dat is evenveel als twee overnachtingen hier). We besloten niet te gaan kijken in de hoop dat we later nog wel eens toevallig een wasplaats zouden tegenkomen.

In de late namiddag trokken we verder met de rugzak naar onze volgende bestemming in Sri Lanka, namelijk Dambulla. Dat was zowat centraal gelegen om allerlei oude steden te gaan bezoeken. We zaten weer in een Inter-City airco bus, die onverantwoord hard reed. Maar zo waren we er wel snel.

Op aanraden van Duitsers die we aan de kust ontmoet hadden, trokken we naar het guesthouse "A little dream". Dit was een 8-tal kilometer verwijderd van het centrum van het dorpje aan een artificieel aangelegd meer, Kandalama tank (duidelijk te zien aan de dode bomen die er nog in stonden). Hier zaten we letterlijk in het hol van pluto in een gezellig guesthouse, maar wel zonder elektriciteit. Verlichting gebeurde met olielampen.

We zijn vroeg gaan slapen, want er was hier toch niets te beleven.

Woensdag 9 mei: Aukana Boedha.

De gouden tempel in Dambulla.We hadden weer een nieuw beestje in onze kamer, er wandelende namelijk een tak op ons muskietennet, een wandelende tak, dus. En uit Pascals bagage sprong een kikker.

In de voormiddag bezochten we de cave-temple van Dambulla. Dit is een verzameling van vijf tempels onder een grote overhangende rots met in het totaal 150 boedha-beelden. We moesten er onze schoenen af doen en mochten geen foto's nemen, wat we natuurlijk negeerden, waarvoor betaalden we anders?

De voet van de Aukana Boedha.Net buiten die tempel zat er een man een cobra te temmen. Pascal had graag even gekeken, maar Kathleen sleurde hem mee weg van dat beest, want ze heeft er een hemelse schrik van. Enfin, we zullen wel nog zulke mannekes zien in Indie, veronderstellen we.

Verder lieten we ons nog met een tuk-tukje naar de Aukana-Boedha brengen. Dit is een 12 meter hoge boedha, uitgehouwen in de rotsen, zo'n 1500 jaar geleden. Het was mooi om te zien en het was er ook rustig.

Terug in het dorpje gingen we eens in een lokaal restaurant rice & curry eten. Het was spotgoedkoop (62 BEF in totaal) maar ongelofelijk pikant. De tranen liepen uit Pascals ogen en Kathleens lippen, mond en maag stonden in brand. De Sri-Lankezen in het restaurant hadden natuurlijk dolle pret dat we het zo pikant vonden.

's Avonds gingen we nog naar een internetcafe, maar toen we weer naar het guesthouse wilden gaan was het al donker en reden er geen bussen meer. Er stonden toch nog enkele mensen te wachten op de bus en daarom wilde een vriendelijke buschauffeur ons toch nog tot halverwege brengen. De rest moesten we te voet doen en dat was toch maar akelig, zo in het donker en wetend dat hier slangen leven. Gelukkig had Pascal zijn zaklantaarn bij.

We dronken nog een pintje voor onze kamer, zegden slaapwel tegen de kikker in de badkamer en gingen rusten.

Donderdag 10 mei: Ritigala, een tempel in de jungle.

De voorbije nacht droomden we allebei van slangen. We houden dus echt wel niet van die beestjes!

Trouwfoto bij Sigiriya.Vandaag arriveerde Wilson in het guesthouse. Deze persoon hadden de Duitsers ook aangeraden, want hij kan je naar alle interressante dingen in de regio brengen. We reden dan ook de hele dag met hem in een tuk-tuk rond.

Vooraleerst bracht hij ons naar Sigiriya. Dit is een grote alleenstaande rots met bovenaan een tempel. We gingen er niet in (teveel geld entree, 1200 BEF), maar trokken onze trouwkleren aan en trokken foto's met Sigiriya op de achtergrond. Wilson ging zelfs aan de wachter vragen als we niet even binnen mochten voor een fotootje, en het mocht! We zijn er dus gratis binnen geweest, dankzij onze trouwkleren.

In de graskant aan Sigiriya vonden we het kruid "Mimosa". Ieder takje heeft langs weerszijden een 8-tal blaadjes en als je er met je vinger aankomt vouwen de blaadjes dicht, grappig. De lokale mensen gebruiken het kruid als medicijn tegen slangenbeten.

De Ritigala tempel midden de jungle.We vervolgden onze weg naar Ritigala, een tempel temidden de jungle, die door weinig toeristen bezocht wordt doordat je er enkel op een moto of tuk-tuk kan geraken. En wat passeerden we onderweg? Inderdaad, een olifantewasplaats waar je geen inkom moest betalen.
Kathleen streelde er een mannekes-olifant, genaamd Radja, en die hield er terstond een stijve aan over. Het beest was 20 jaar oud en wordt elke dag zo'n drie uren gewassen. We gaven ze 25 BEF en waren blij dat we een paar dagen ervoor geen 400 BEF betaald hadden in Kandy om hetzelfde te zien.

Tenslotte kwamen we aan de tempel in de jungle. Prachtig was dit, en rustig, we zagen geenenkele andere toerist. Perfect recht gebijtelde blokken graniet waarmee ze trappen enzovoort gemaakt hadden. Echt indrukwekkend en alweer een grandioos decor voor trouwfoto's. Wel snikheet: 34 graden en 80% vochtigheid.

We bleven er een dikke twee uur en gingen toen iets eten. De tuk-tuk kreeg nog een lekke band, maar dat was vlug opgelost. Daarna gingen we wilde olifanten zoeken met de tuk-tuk. Als snel vonden we een grote kudde langs de weg aan het twijfelen als ze zouden oversteken of niet. De grootste olifant, de leider, stak tenslotte over, maar de rest volgde niet. Telkens als ze wilden vertrekken kwam er wel weer een of andere onnozelaar luid toeterend af met zijn camion of zo.

Na een halfuurtje hielden we het voor bekeken en kwamen tevreden weer in de "Little Dream" aan, waar ondertussen de kikkerpopulatie in onze badkamer gestegen was tot drie stuks.

Vrijdag 11 mei: Vuile stad Kurunegala.

We verplaatsen ons weer vandaag. Ditmaal naar Kurunegala, dit reeds richting Colombo, waar we zondag het vliegtuig naar Indië zullen nemen. Onze eerste indruk van de stad, was uiterst negatief. Dit was helemaal geen toeristenstad, en het was er dan ook erg vuil en totaal geen orde.

Kathleen was blij dat ze uit de bus was, want ze had de hele rit met haar bips op het metaal van de stoel moeten zitten. Trouwens, alle bussen zijn hier zo oud, dat ze bijna uit elkaar vallen. Ze zijn vuil en alle vervoer is hier zo slecht afgesteld dat de uitlaatgassen zeer zwarte wolken zijn en het anders-toch-zo-mooie-Sri-Lanka echt vervuilen.

Het guesthouse viel op het eerste zicht mee: een prachtig Brits koloniaal gebouw, maar eigenlijk was het helemaal vervallen. De badkamer was heel vies, maar we hadden geen andere keus in deze stad.

Om de lawaaierige en vuile stad te ontlopen zijn we dan maar de nabijgelegen rots gaan beklimmen. We hadden een knap uitzicht over de stad, het meer, de bergen en de rijstvelden. Hier kwamen we pas tot rust. Het zweet liep wel van ons, weer 35 graden met hoge vochtigheidsgraad.

Op de terugweg vonden we nog een uiterst goedkoop internetcafe (driemaal goedkoper dan in de toeristische centra). We lazen onze e-mails. Het is altijd ontspannend om iets van de familie in Belgie te lezen. Ondertussen werd het alweer donker (de schemering duurt hier maar een kwartiertje) en daardoor vonden we ons guesthouse niet meer terug. Maar een tuk-tuk bracht ons voor 20 BEF thuis.

Zaterdag 12 mei: het vuile strand in Negombo.

We besluiten om onze laatste twee dagen op Sri Lanka aan de kust door te brengen en trekken dan ook met de bus naar Negombo. De badplaats het dichtst bij de luchthaven, en ook gekend als homo-ontmoetingsplaats. We kenden de knepen nu al om niet op een airco-bus te belanden, het enige nadeel is dan wel dat het een trage bus is. We deden zo'n drie uren over 80 km.

Het guesthouse "Sea Drift" viel heel goed mee, het gezelligste tot nu toe. Onze kamer had vele ramen en een propere badkamer. Hier kenden ze toch nog iets van nette kamers. De badplaats daarentegen was ongelofelijk vuil. De zee heeft dezelfde kleur als de Noordzee, en het strand ligt vol hondepoep, afval, olieresten, enz. De Sri-Lankezen wonen namelijk in huttekes op het strand hier en gooien al hun etensresten en dergelijk gewoon op het strand. Je ziet hier ook tal van vuile riolen in de zee uitmonden. We zijn dus wijselijk niet in de zee geweest.

Een katholieke kerk in Negombo.We zijn ook nog even gaan wandelen in de stad en zagen zo al de verschillende kerken, want alle godsdiensten zijn hier vertegenwoordigd in 1 stad: Christendom, Hindoes, Boedisten en Moslims. In de Katholieke kerk was juist een huwelijk bezig. We zagen het koppel buitenkomen met wel acht bruidskindjes allemaal in het felgroen gekleed. De familie en vrienden waren wel allemaal heel kleurrijk en mooi gekleed, dit in fel contrast met de vuile stad en het stort, alias strand.

's Avonds vonden we dan toch nog een gezellig restaurantje vlakbij ons guesthouse waar Pascal de Sri-Lankese sterke drank "Arrack" geproefd heeft. De smaak lijkt heel erg op whiskey en het wordt dan ook geserveerd met een flesje cola.

Niettegenstaande onze kamer heel net was, hadden we toch weer bezoek van een nieuwe soort beestjes, kevers namelijk, van wel 4 cm lang! Kathleen heeft er niet goed kunnen van slapen.

Zondag 13 mei: Luxe bij Sri Lankan Airlines.

We namen het op het gemak, want 's avonds vertrokken we naar New Delhi, de hoofdstad van Indië.

We gingen lunchen in een strandhotel naast ons guesthouse en hadden medelijden met de toeristen die in dit hotel gedropt waren. Het zal je maar overkomen, zo ver vliegen naar Sri Lanka en dan in een hotel zitten aan het vuilste strand van Sri Lanka! Wij hebben veel mooiere stranden gezien op Sri Lanka, onder andere in het zuiden.

's Avonds dan naar het vliegveld. We werden wel vijf keren naar onze pasports en tickets gevraagd en er liep een militair met een spiegeltje op een stok rond onze tuk-tuk om de onderkant te controleren op eventuele bommen of zo.

De departure-tax was natuurlijk onlangs verhoogd: van 250 BEF per persoon naar 500. Een onaangename verrassing en een heel geloop om dan toch nog ergens roepies te gaan afhalen.

Kathleen amuseert zich in het vliegtuig van Air Lanka.Het vliegtuig was een verademing. We vlogen met Air Lanka (van Sri Lanka) en zijn nog nooit zo verwend geweest in economy class. We kregen volop rode wijn (Kathleen verlangde er al dagen naar), lekker eten, een stoel met twee knoppen om die helemaal naar je rug te zetten en een TV-scherm in de stoel voor ons met een heel ruim aanbod aan films. Dat schermpje was zelfs een zogenaamd "touch-screen", gewoon aanraken en je kon alles instellen. Er hing ook een camera onder het vliegtuig en op de voorkant en dit beeld kon je op je scherm bekijken, plezant, vooral bij de landing om de landingspiste zo dichterbij te zien komen. Bij de audio-kanalen zat ook de recenste CD van U2 (voor Pascal) en we hoorden nog eens house-muziek ook. Hier kan Sabena echt niet aan tippen...

Tot zover Sri-Lanka, op naar Indië!


Terug naar de startpagina. http://www.geocities.com/kathleen_pascal
De huwelijks-wereldreis van Kathleen en Pascal

Hosted by www.Geocities.ws