Huwelijks-wereldreis |
| Oppervlakte NSW | : | 802.000 km2 | Bevolkingsaantal in NSW | : | 6.340.000
In Sydney leven 4.000.000 mensen |
| Tijd in NSW (tov Belgie) | : | winter: +10 uren
zomer: +10 uren |
Eerst nog op internet om de tijd te vullen en dan rond de middag was onze auto eindelijk klaar. Snel naar Sydney dan, want over tien dagen steeg onze vlieger op naar Tahiti en tegen dan moest onze jeep verkocht zijn.
De tocht ging goed vooruit en soms reden we langs velden vol met paarse bloemen, waar er paarden in graasden, echt prachtig. Maar nogal prikkelend voor Kathleens hooikoortsneusje. We reden zo ver mogelijk en overnachtten in "Holbrook", net over de grens van New South Wales. Aan onze bungalow lag zo'n mooi paars bloemenveld en Pascal ging natuurlijk op fotojacht. Kathleen bleef binnen maakte het eten klaar, want telkens ze buiten kwam kreeg ze een hooikoortsaanval.
Het was anders wel de mooiste bungalow die we al gehad hadden. Gloednieuw, helemaal in het hout bekleed langs binnen, veel ruimte en zeer proper. Het weer was terug prachtig en de zon scheen lekker binnen zodat we onze chauffage eens niet moesten opzetten. Pascal begon ook al met het uitmesten van onze jeep, kwestie van hem klaar te stomen voor de verkoop. We maakten het die avond nog heel gezellig, want dit was de laatste avond om van onze vrijheid in Australie te genieten. De volgende dagen zouden hektischer worden in het drukke Sydney en ook door de verkoop van onze auto.
Na een drietal uren reden we de stad Sydney binnen. Daar begon het pas. Het zoeken van de camping was zeer moeilijk. Toen we hem uiteindelijk gevonden hadden, viel het nog tegen ook, want er waren geen bungalows. Dan maar rondbellen naar de hostels rond de car market. Na drie telefoontjes hadden we er een gevonden.
Wij er naar toe, weer door het drukke verkeer en onze jeep kreeg bovendien weer zijn kuren. Net alsof hij niet van ons weg wou. Het stuurde bibberde rond 50 km/h. Het maakte ons nerveus, niet alleen vonden we het onveilig, bovendien zouden we hem zo niet gemakkelijk verkocht krijgen.
Het hostel "Virgin Backpackers" lag in "Kings Cross", een echte backpackersstreek en ook lugubere buurt met sexshops en hoertjes langs de straat. Ons klein kamertje was wel gezellig, doordat het in een oud gebouw was met antieke versierselen aan het plafond en er was TV, een ijskast en zelfs enkele legplanken om onze kleren op te schikken.
Al onze persoonlijke spullen haalden we uit de jeep en daarna zetten we hem maar op de parking van de carmarket want in de straat mocht je maar 1 uur blijven staan.
In een kaal straatje achter het hostel konden we onze auto wassen. Een werk dat toch wel een drietal uren in beslag nam, maar hij zag er dan ook wel perfekt uit. Hopelijk werd er op die manier rap een koper verliefd op. Dan naar de carmarket, dit is eigenlijk gewoon een verdieping van een ondergrondse parkeergarage waar backpackers goedkoop hun auto kunnen stallen en verkopen. Maar voor we onze auto daar mochten plaatsen moest hij eerst gekeurd worden, zo wil de uitbater van de parkeergarage aan eventuele kopers een beetje garantie geven dat de auto in goede staat zijn die er verkocht worden.
Als er niets aan je auto is krijg je een "pink slip", maar natuurlijk kregen wij een "white slip". De achteruitrijlichten en de stoplichten werkten niet. Dit wisten we zelfs niet. Vandaar dat er gisteren bijna een camionette in ons gat reed! En de speling op het stuur merkte die garagist natuurlijk ook op. Weer een vervelend item om onze auto verkocht te krijgen, want de anderen stalden natuurlijk trots hun pink slip op de voorruit uit.
Onze enige geluk was dat we de enige waren met een jeep. Er stonden ook nog een tiental stationwagens en evenveel camionetjes waar je kon in slapen (campervans). De twee uren dat we er nog stonden die dag kwamen er niet veel mensen meer langs op de carmarket en geenenkel ervan had oog voor onze jeep.
Heel de dag niets anders doen dan naast je auto zitten en wachten op volk. Als er dan eens iemand langs kwam snelden we er naar toe en probeerden hem te overtuigen om een jeep te kopen, maar nee, het was te veel geld. Iedereen die langs kwam ging voor een goedkoop wrak van rond de 40.000 BEF. Terwijl de onze veel beter was om mee door Australie te trekken, maar natuurlijk ook in een duurdere prijsklasse zat. Duurder zelfs dan die campervans. Eigenlijk hadden wij de duurste auto op de carmarket, maar dit was hij nu eenmaal waard met alle herstellingen die we eraan hadden laten doen.
Er hing gelukkig een heel goede sfeer. Iedereen babbelde tegen iedereen en telkens er een auto verkocht werd, trakteerde de gelukkige met bier. Dit smaakte niet alleen, het smeerde ook je stem om met veel enthousiasme je auto aan de man te brengen.
In de late namiddag kwam er nog een Italiaan zijn volvo verkopen. Het was geen echte reiziger, hij was op zoek naar werk in Australië, maar ging nu in Sydney blijven zodat hij geen auto meer nodig had. Zijn auto verkocht hij dan ook zonder kampeergerief, benieuwd als het hem zou lukken.
Om 17 uur sloot de carmarket en zo konden we eens op verkenning gaan. Want we zaten al twee dagen in Sydney en hadden verdorie het beroemde operahouse nog niet gezien. We stapten de deur uit van ons hostel, staken de straat over, liepen twee treden van een trap af en zagen het al in de verte uitsteken. Een twintigtal minuten later waren we al op het Mrs. Macquarie Point vanwaar je een perfekt zicht had op de Harbour Bridge, het operahouse en de skyline van de stad. Prachtig, alweer een hoogtepunt van onze reis. Vlakbij zo een grote stad, stond je in alle rust in een park naar al die lichtjes te kijken die dan nog eens in het water van de haven weerspiegelen.
Prachtig weer vandaag. Pascal moest natuurlijk naar de garage, maar Kathleen genoot van het zonnetje en ging Pascal af en toe bezoeken. Ze schreef het verslag bij op een terrasje met een lekkere Italiaanse koffie en deed een wasje in de wasserette, want al onze kleren waren vuil. Wassen en drogen kost ongeveer 150 BEF, maar echt goed gewassen is het niet. De waspoeder doe je direkt in de trommel en het duurt maar twintig minuten.
Vandaag kon de Italiaan zijn Volvo al verkopen. Voor 40.000 BEF hadden die kopers een zacht lopende, degelijke Volvo, met als enige nadeel dat je moeilijk wisselstukken voor zo een auto in Australië vindt. We waren stikjaloers, want wat we ook probeerden om de mensen aan te spreken en te lokken, niemand was geïnteresseerd. We hadden zelfs nog geen testrit moeten doen. Iedere dag zakten we dan ook met de prijs.
Om 16uur vertrokken we uit die donkere garage om toch nog een beetje van het mooie weer te kunnen gaan genieten. Rap nog een bordje "C U tomorrow" voor de voorruit gehangen, en weg waren we. Onze trouwkleren in de rugzak en naar het park van waaruit je perfekt het operahouse ziet staan. Het was er zeer plezant en er waren nog tal van andere pas getrouwde koppels die daar ook foto's aan het nemen waren. We lieten ons dan ook eens fotograferen bij een ander koppel en toevallig waren die ook al op wereldreis geweest en daarbij hadden ze zelfs België bezocht!
We eindigden de fotosessie op de trappen van het operahouse en gingen toen binnen eens informeren wat er zoal te doen was. Je kon een rondleiding meedoen achter de schermen ofwel een voorstelling bijwonen. We beslisten nog niet, eerst zien hoe rap onze auto verkocht zou geraken.
Nog steeds mooi weer, allehoewel er in de namiddag bewolking kwam opzetten, evenals wind. 's Morgens dronk Kathleen weer haar koffietje op het Italiaans terras en in de namiddag was het zover. Pascal stond tegen drie jongens te babbelen terwijl Kathleen een koppel benaderde die naar onze jeep aan het kijken waren. Ze bleken zeer geïnteresseerd te zijn, want ze waren specifiek op zoek naar een jeep.Dit gemengd Zwitsters-Duits koppel was juist gearriveerd van Zuid-Afrika, daar hadden ze een minibusje gehad, maar dat was hen niet zo goed bevallen. In Australië wilden ze zeker een jeep zodat ze echt eens overal konden geraken.
Even later reden we al buiten voor een testrit. Reto, want zo noemde hij, aan het stuur. Pascal probeerde die rit zo kort mogelijk te houden, want we hadden heel veel schrik dat het stuur erg zou beginnen bibberen. Maar hij wilde verder rijden en ook eens op een rechte weg geraken waar hij 90 km/h kon rijden. Wij met de schrik in ons hart verder, maar onze jeep gedraagde zich goed: aan 50 km/h trilde het stuur een beetje maar dit ging over bij hogere snelheid. Reto merkte het dan ook wel op, maar vond het niet zo belangrijk. Eigenlijk waren ze op slag verliefd geworden op de auto, net als wij enkele maanden geleden. Hij ziet er gewoon zo indrukwekkend uit en er is zoveel uitrusting bij dat je er direkt mee zou willen vertrekken. En dat waren ze ook van plan. Ze beslisten om hem te kopen, deden niets meer van de prijs af, zouden morgen met het geld komen en daarna direkt vertrekken.
We waren door het dolle heen. Onze jeep was verkocht! Oorspronkelijk hadden we wel liever een hogere prijs gehad, maar nu waren we hem toch kwijt voor net iets minder dan de prijs waartegen wij hem gekocht hadden. We hadden wel een boel kosten gehad, maar dit was nog altijd een heel stuk minder dan dat we een jeep gehuurd zouden hebben. Het enige andere alternatief om Australië te bezoeken.
Rond 11 uur kwamen we met onze karton bier in de garage aan. Zoals de traditie het vraagde trakteerden we iedereen om onze verkoop te vieren. Onze kopers hadden het cash geld bij. We vertelden nog wat over onze reis tegen het koppel en ze konden precies al bijna niet meer wachten om het ook allemaal te gaan beleven.
Afscheid genomen van onze jeep en dan met de trein naar het centrum van de stad. Sydney is een leuke stad met veel bezienswaardigheden en vooral die gezellige havenactiviteit. Natuurlijk passeerden we opnieuw langs het operahouse en ditmaal gingen we eens informeren als we nog een backstage-rondleiding konden meedoen, maar alles was volgeboekt. Dan maar eens door het programmaboekje gebladerd en uit het ruime aanbod kozen we een balletvoorstelling genaamd "Requiem and Carmina Burana". We dachten er goed over na, want het was wel duur. Uiteindelijk beslisten we om het toch maar te doen. Dit was misschien onze enige kans is heel ons leven, want in Sydney kom je nu eenmaal niet zo gauw terug, normaal gezien.
Tegen de avond werd het echt stormweer, maar wij zaten gezellig in een barretje met onze eigen fles wijn en aten er een lekkere chocoladecake. De uitbater was een Griek en ook een zeilliefhebber. Zo was hij al verschillende malen op de eilanden rond Tahiti geweest, inclusief Bora Bora. Hij waarschuwde ons dat de mensen daar heel onvriendelijk waren. We kregen al een beetje schrik, want bovendien gingen we naar daar gedurende het regenseizoen, dus als het daar dan nog eens iedere dag zou regenen, zou onze vakantie daar wel eens kunnen tegenslaan. Terug naar onze kamer pletste de regen al op ons en waaide de wind al hard.
Raar maar waar, dit is onze zevende maand huwelijksverjaardag en we waren het allebei vergeten. Het viel ons pas in toen onze ouders ons feliciteerden via e-mail. Met het weer was vandaag niets aan te vangen. Onze regenjas dus maar aan en de metro en monorail op tot aan het "Powerhouse Museum". Dit is een zelf-doe-museum, opgetrokken in een oude fabriek, met vliegtuigen, een nagemaakte shuttle, treinen, stoommachines, kunst, computers, en nog vanalles. We vertoefden er de hele dag, niet enkel omwille van de gietende regen, maar ook omdat het er best plezant en interessant was.
Er was ook een tijdelijke tentoonstelling rond het werk van de designer Marc Newson. Die naam zegde ons niets, maar toen we zijn werk zagen, herkenden we direkt de mooie keukenhulpjes die onder de merknaam Alessi verkocht worden. Hij had ook een auto ontworpen waar Pascal weg van was. Het was niet enkel een heel schattig mooi autootje, het zat ook vol praktische zaken, zoals de achterzijportieren die omgekeerd opendraaien, zodat je een hele grote ruimte hebt om in te stappen, temeer omdat er geen metalen console is tussen de twee zijportieren. De voorzetels kunnen naar buiten draaien om het instappen te vergemakkelen en het meest grappige is toch wel de koffer: die schuift gewoon open als de lade van een kast.
Later lazen we in de krant dat er aan de kust van Sydney golven tot 7 meter hoog waren geweest. Sommige ferry's waren dan ook afgelast geweest. Echt noodweer en niet wat je als toerist op dit moment van het jaar in Sydney verwacht. En ze voorspelden niet veel beter voor de komende dagen.
's Avonds gingen we in een surrealistisch steakhouse biefstuk en ribbetjes eten voor onze huwelijksverjaardag. "Bourbon & Beefsteak" noemde het, zeer gezellig, met zeer veel kadertjes en attributen aan de muur tot het kitscherige toe, maar we hadden het eigenlijk vooral uitgekozen omdat het er lekker warm was, want buiten was het echt vochtig koud. Het was er druk en we moesten aanschuiven om een plaatsje te krijgen. Natuurlijk was de fles wijn weer van de partij en achteraf dronken we nog iets in de bijhorende bar.
Kings Cross, het gebied waar wij logeerden, was eigenlijk een redelijk lugubere buurt eens het donker was. Want dan ging de neonverlichting aan van de talloze sexshops en zag je overal hoertjes tippelen. Zo kregen we in die bar waar we onze dejustief dronken een heleboel vreemde mensen te zien. Neem nu dat hoertje, al helemaal gekleed in haar losse spulletjes die met een vriend aan een tafeltje zat. Even later stapte ze op om te gaan werken en hij ze hadden nog geen woord gewisseld. Die man zat maar naar de voetbal op TV te kijken. De TV die natuurlijk onvermijdelijk in elk café staat. Gelukkig stond de klank af en was er een live band aan het spelen.
Naast ons tafeltje zat een heel nerveus meisje, dat naar onze veronderstelling, hyperkinetisch was. Aan de bar hangen dan allerlei grappige oude mannen, half naar TV te zien en half naar de live band aan het luisteren die op den duur maar harder en harder begon te spelen. Wel goede muziek. Onze ogen wisten niet waar eerst gekeken en we amuseerden ons kostelijk met dit alles te observeren.
Voor de derde dag op rij grijs weer met veel regen, maar we lieten ons er niet door ontmoedigen en stapten weer op de metro. Deze keer richting de Harbour Bridge, vanwaar je alweer een tof zicht hebt op het operahouse, maar ook op de skyline van Sydney. We reden er met de trein over en stapten af net over de brug. Eerst naar de permanente kermis, maar die was nog gesloten en dan te voet over de brug die er al staat (of hangt) van 1932.
De vele wind had ons net niet van de brug geblazen, maar het deed wel deugd om ons op te warmen in een pizzeria in "The Rocks", het stadsgedeelte waar het allemaal is begonnen. Dan nog even langs "Circular Quay", daar komen alle ferry's aan, en toen was het tijd om naar het operahouse te gaan. Want vanavond kregen we prachtig Australisch ballet voorgeschoteld in het al even prachtige operahouse.
In de zaal zaten we op de voorlaatste rij, heel hoog, maar hadden toch nog een redelijk goed zicht. De zetels zijn heel stijl opgesteld. Het orkest zit half onder het podium en speelde prachtige muziek, waarop het ballet echt goed kon dansen. Tijdens de pauze werden we geleid in een ruimte achter de zaal, helemaal in het glas, zodat je een magnifiek zicht hebt op de verlichte harbour bridge, de stad en de haven. Na afloop van de voorstelling trokken we buiten nog wat foto's met de avondlichtjes en namen dan de metro terug naar ons hotel.
Deze nacht hebben we niet goed geslapen door die stomme backpackers in ons hotel. De merendeel zijn Engelsen die precies nooit opgevoed zijn geweest. Zonder enig respekt smijten ze de deuren achter hen dicht, maken veel lawaai 's nachts en zitten heel de dag tot 's avonds laat voor de TV te niksen. De TV staat dan nog keihard zodat we het tot in onze kamer konden horen. We jaagden ons er wel niet meer in op. Als iets ons stoorde, gingen we gewoon vragen als het wat stiller kon en normaal deden ze dat ook wel, maar ondertussen ben je toch weer wakker.
's Morgens, bij het ontbijt in de keuken, bleven we nooit lang zitten. Het was er spijtig genoeg niet proper en meer dan de helft van de hotelgasten wast en droogt hun spullen niet af, zodat je dat eerst zelf kon doen om het dan pas te kunnen gebruiken. Het kookfornuis was waarschijnlijk nog nooit afgekuisd door de kuisvrouw. Het was zo vettig dat je de regelknoppen bijna niet meer kon verdraaien. Enfin, langs de andere kant straalde het hotel wel een zekere gezelligheid uit en je ontmoet al wel eens iemand in de gemeenschappelijke ruimte die je ligt en waarmee je een leuke babbel kan doen.
Vandaag leek het weer er op te verbeteren. We typten eerst nog wat verslag bij en gingen dan naar de stad. Aan Circular Quay namen we de ferry naar Manly, een kustplaats van Sydney. Zo sloegen we twee vliegen in een klap: vanop de ferry zagen we mooi de haven en bovendien kwamen we zo eens in Manly. De rit duurde gelukkig maar een halfuur voor Kathleen, want naarmate we dichter bij de zee kwamen werden de golven steeds groter en rolde het schip steeds meer en meer. We kuierden tot aan het strand en zagen daar vele surfers op de grote golven, dé sport van de Australiërs. Het zonnetje scheen, maar het was toch nog frisjes, ongeveer 19°C.
Gezellig dronken we nog iets op een terrasje om onze tijd te vullen, want veel was er hier voor de rest niet te zien. Rond 16uur waren we al terug in Sydney zelf. Voor de laatste keer nog een blik op alles wat bekend is daar en om onze dag mooi te eindigen, bekeken we vanop een bank in de Botanic Gardens de skyline. Tegen de avond waren we allebei wat nerveus, want onze verwachtingen voor de volgende bestemming waren hooggespannen. Tahiti en meerbepaald Bora Bora, was de grote droom van Kathleen, maar wat zou het worden? Onvriendelijke mensen en veel regen? Hopelijk niet.
Zelfs onze laatste avond bij "Joe's Café" sloeg een beetje tegen. De wortelcake smaakte enkel naar kaneel en we hadden het frisjes. Door onze rugzakken in te pakken, konden we ons terug ontspannen, zodat we toch nog goed konden slapen.
Spijtig genoeg is dit onze allerlaatste dag in het prachtige Australië. Langs de andere kant was het hier in Sydney echt wel slecht weer geweest en waren we blij dat we naar warmer oorden konden vertrekken. Om 8u45 pikte de airport-bus ons op vlak voor ons deur en bracht ons naar de luchthaven. Hij deed er 40 minuten over zodat we nog ruimschot tijd genoeg hadden om in te checken, want ons vliegtuig vertrok pas op het middaguur. In deze bus was het net een ijskelder. Kathleen vroeg aan de chauffeur om de airco af te zetten, het was tenslotte buiten nog geen 20°C. Maar dit ging niet, aangezien de ramen van de bus niet open konden, stond de airco continu op. De chauffeur daarentegen reed wel met zijn raam open, zodat die wat warmere lucht binnen kreeg. We waren blij toen we uit die bus mochten. In de luchthaven waren ze nog zo gek niet om de mensen te laten bevriezen.
Alles verliep vlot en we vertrokken op tijd met Air New Zealand. De airbus maakte wel nog een tussenstop in Auckland en daar liep het een beetje verkeerd. We waren klaar om weer te vertrekken, toen de piloot opmerkte dat er een oven om het eten op te warmer oververhit was, potentieel brandgevaar dus. Iedereen eruit, want de elektriciteit moest afgezet worden om een nieuwe oven erin te plaatsen. Na een halfuurtje wachten, beslisten ze om alle mensen die vanuit Tahiti verder vlogen naar Chili, op een andere vlucht te zetten. Want door dit euvel zouden ze hun vlucht in Tahiti missen en pas enkele dagen later was de volgende vlucht.
We mochten dan terug plaats nemen in het vliegtuig, maar hebben toen nog maar liefst drie uren moeten wachten totdat ze alle bagage van die Chilenen gevonden hadden. Prutsers! Zo hadden we wel eens voet aan land gezet op Nieuw-Zeeland, het land dat ongeveer pal langs de andere kant van de wereldbol ligt ten opzichte van België. Twaalf uren tijdsverschil met België en we stonden compleet ondersteboven, raar toch allemaal.
Even later vlogen we over de datumgrens, een dag achteruit dus. We konden opnieuw beginnen aan de 23ste november. We kregen nog een lekkere maaltijd en konden daarna tamelijk goed slapen, want nu hadden we veel ruimte doordat die Chilenen eruit waren.
| http://www.geocities.com/kathleen_pascal
De huwelijks-wereldreis van Kathleen en Pascal |