Hoofdstuk 7

Pagina 7
Tapuit en Rode rotslijster zijn beide vogels van steenachtige gebieden. Ze zijn geen van twee�n algemeen. Vooral op de Hauts Plateaux kost het niet te veel moeite om beide soorten vast te stellen. Aan de randen van de Plateaux broedt de Citroenkanarie, een soort van de overgang van bosjes naar open stenige hellingen. Ook na de broedtijd kun je ze daar in groepjes aantreffen.
Tenslotte heb je nog een paar spectaculaire soorten als Kruisbek, Korhoen, Hazelhoen, Rode patrijs, Alpensneeuwhoen, Steenpatrijs, Grauwe kiekendief, Nachtzwaluw, IJsvogel, Hop, Bijeneter, Alpenheggemus, Orpheusspotvogel, Bergfluiter, Roodkopklauwier, Notenkraker, Alpenkraai, Vuurgoudhaantje, Rotsmus, Keep en Kleine trap. Ze komen allemaal in de omgeving van Gresse voor. De Orpheusspotvogel heeft een territorium tegenover Le Moulin. Sommige zitten vlakbij, maar voor andere soorten zal je verder weg moeten.
De atlas vermeldt van de spechten alleen de Zwarte, de Groene en de Grote bonte specht. De eerste soort is heel goed in de nawinter en het vroege voorjaar vast te stellen, wanneer ze volop baltsen. Je hoort ze dan overal in de bossen. Als de broedtijd eenmaal voorbij is, zie je ze maar zelden. De Draaihals wordt in de atlas wel vermeld, maar het ligt voor de hand dat die opgaven betrekking hebben op de Tri�ves. Draaihalzen broeden namelijk zelden boven de 1000 meter.
Witte kwikstaarten zijn algemeen, evenals de Boompieper die je overal op de hellingen vindt, als het gras wordt afgewisseld met bosschages. Maar pas op, er broeden ook Waterpiepers op de hoger gelegen hellingen. De zang en de baltsvlucht zijn weliswaar afwijkend, maar je gooit ze toch gemakkelijk door elkaar. Graspiepers zijn hier nooit vastgesteld, maar deze soort is in de Franse middelgebergtes aan een duidelijke opmars bezig. De grashellingen rondom de Pas de Serpaton zijn potenti�le broedgebieden. Dit is ook een goed gebied voor Veldleeuweriken die op de begraasde hellingen broeden; Boomleeuweriken of Kuifleeuweriken heb ik in de omgeving van Gresse nog nooit gezien of gehoord.
Boerenzwaluwen vindt je op veel plaatsen bij de boerderijen, terwijl rondom de kerk een kleine kolonie Huiszwaluwen huist. Gierzwaluwen vanuit Grenoble en andere lager gelegen stadjes komen hier vaak foerageren. Ze komen in het begin van de morgen aan, maar broeden hier niet. Wel kun je Alpengierzwaluwen tegenkomen. Ook als je ze nooit gezien hebt, herken je ze gelijk aan hun grote formaat en hun onbesuisde vlucht.
Geelgorzen zijn algemeen rondom Gresse. Overal in het afwisselende landschap kun je ze horen. Voor Grauwe gorzen en Cirlgorzen moet je naar beneden. In de graanvelden van de Tri�ves kom je de Grauwe gors regelmatig tegen; overigens is de Kwartel daar ook geen zeldzame vogel. In de kleine graanveldjes in de buurt van Le Moulin hoor je ze trouwens ook in juni roepen. De Cirlgors is in de Tri�ves in het meer mediterrane afwisselende landschap te vinden. Grijze gorzen zijn vogels van steenhellingen. Ze zijn niet algemeen en niet zo gemakkelijk vast te stellen. 's Winters als er volop sneeuw in de Vercors ligt, maar niet of heel weinig in de Tri�ves, kun je ze daar regelmatig foeragerend zien in de sneeuwvrije op het zuiden gelegen hellingen, samen met Merels, Roodborsten en Vinken. Deze vogels trekken 's winters niet naar het zuiden, maar dalen gewoon een flink eind af naar lager gelegen gebieden waar volop voedsel is.
Hoofdmenu
Hoofdstuk
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11
<===== Pagina achteruit    Pagina vooruit =====>
Hoofdmenu
Hoofdstuk
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11
<===== Pagina achteruit    Pagina vooruit =====>
Hosted by www.Geocities.ws

1