inleidingkennismanagementtoepassingende hypeBusiness Intelligence / warehousingkennismanagement versus informatiemanagentnieuwe rol informatiespecialistkennisbankenvoorbeelden uit de praktijkreferentielijst
1. Inleiding


1.1 Kennis 

Om de invloed van kennis in de huidige maatschappij duidelijk te maken, zullen we hier eerst de definities van data, informatie en kennis (zie ook figuur 1.1) bespreken. Deze definities komen uit het boek van Dhr. Weggeman. Later zullen we tevens ingaan op andere definities.

data, informatie en kennis
Onder data (of gegevens) verstaan we symbolische weergaven van getallen, grootheden, hoeveelheden of feiten.
Wanneer de ontvanger betekenis toevoegt aan de verkregen gegevens, kan over informatie gesproken worden.
Kennis  tenslotte is het vermogen dat iemand in staat stelt een bepaalde taak uit te (gaan) voeren door gegevens (van externe bronnen) te verbinden, te laten reageren met eigen informatie, ervaringen en attitudes. Anders gezegd: kennis is een persoonlijk vermogen dat gezien moet worden als het product van de informatie, de ervaring, de vaardigheid en attitude waarover iemand op een bepaald moment beschikt (K=I�EVA).

Bovenstaande definitie steunt op twee primitieve basisaannamen over kennis:

1. Kennis kan buiten een individu niet bestaan.Dit betekent dat je kennis niet in een systeem kunt opslaan en buiten het individu is kennis zonder betekenis, dus hoogstens een verzameling gegevens.

2. Kennis is een vermogen. Een persoonlijk vermogen dat iemand in staat stelt om een bepaalde taak uit te (gaan) voeren. Kennis is verbonden aan menselijk handelen.

Tot het einde van de 17e eeuw was kennis iets dat vooral interessant was met het oog op de sociale status van een persoon. Dhr. Drucker wijst op een recent transformatieproces dat geleid heeft tot een radicale wijziging van de betekenis van kennis. De produktiefaktoren arbeid, kapitaal en grondstoffen worden steeds vaker vervangen door de nieuwe produktiefaktor kennis.

In de ontwikkeling en het gebruik van kennis vallen drie fasen te onderscheiden:

- Fase 1 : De industri�le revolutie (1750-1880). Kennis werd vooral gebruikt voor het vervaardigen van gereedschappen en produkten.
- Fase 2 : De produktierevolutie (1880-1945). Kennis werd toegepast op de inrichting van arbeidsprocessen.
- Fase 3 : Wellicht de laatste fase: de managementrevolutie (1945-2000). Kennis wordt toegepast op kennis. Kennis wordt ingezet om te bepalen welke nieuwe kennis nodig is en om vast te stellen wat er gedaan moet worden om met die nieuwe kennis de gestelde doelen te halen.

Er zijn vervolgens twee verschillende benaderingen over hoe je kennis kunt managen, te weten de stockbenadering en de flowbenadering. In �2.3 zullen deze benaderingen verder worden uitgelegd.
Kennis wordt bij professionals vaak verkregen na een langdurige, gespecialiseerde opleiding en door te leren van ervaringen uit gedane werkzaamheden. Het bijhouden van kennis kost veel tijd en moeite, maar als het kennisniveau achter gaat lopen, dan ben je een belangrijk concurrentiemiddel kwijt.

Er kunnen drie redenen zijn waarom het kennisniveau achterloopt. De eerste reden is dat de technische mogelijkheden in het vakgebied van de betreffende persoon zo snel verlopen, dat het erg moeilijk wordt om het tempo bij te houden. De tweede reden komt vanuit het bedrijf zelf. Er is een verwacht rendement op een bepaalde investering en als dit rendement gehaald is, dan laat de organisatie dit verder rusten en wordt er dus niets meer van de professional verwacht. De derde reden komt vanuit de professional zelf. De professional heeft altijd ambities gehad met betrekking tot zijn carri�re, maar op een gegeven moment relativeert hij zijn ambities tot wat mogelijk is en dit heeft invloed op zijn kennisniveau. Dit wordt ook wel de 'levensfase-theorie' genoemd.

Zoals aan het begin van het hoofdstuk verteld, komen we hier terug op enkele andere veelgebruikte definities van kennis. Dhr. Zuiderwijk van Pink Elephant geeft aan dat kennis het vermogen is, om iets te kunnen doen met informatie. Dhr. Leurink sluit zich hierbij aan en zegt: 'Kennis beschouwen we als die informatie, die je op een specifiek moment nodig hebt om te gebruiken voor een vooraf bepaald doel.' Dhr. McKinsey geeft in het Vakblad over kennismanagement nog een tip over het bewaren van kennis: 'Kennis zit in de hoofden van mensen en ontstaat o.a. door interactie, je moet dus zorgen dat de interactie blijft en de kennis rondpompen onder de mensen, dan gaat het niet verloren.'


1.2 Van industri�le economie naar kenniseconomie

Het toenemende belang van kennis in onze economie en daarop aansluitend het belang van de organisaties die erin functioneren, wordt wel eens samengevat in het begrip kenniseconomie. Om een organisatie overeind te houden, moeten constant nieuwe idee�n worden bedacht en nieuwe producten gemaakt. Innovatie is belangrijk om je als organisatie te blijven onderscheiden van de rest. Economisch gezien zijn kenniscreatie en het combineren van kennis geen doel op zich, maar belangrijke factoren in de concurrentie tussen organisaties �n landen. Was vroeger het werken met de handen (industrie) belangrijk, tegenwoordig kom je niet ver meer zonder kennis.

Volgens dhr. Jacobs verliep de totstandkoming van de kenniseconomie in vier verschillende stadia. Nadat we kritisch gekeken hebben naar deze visie, kwamen we tot de conclusie dat het eigenlijk maar drie stadia waren die de totstandkoming van de netwerkeconomie tot gevolg hadden (zie figuur 1.2). Deze netwerkeconomie was een voorloper van de kenniseconomie.

1. Informatisering en digitalisering
van industriële economie naar kenniseconomie Dit is de brede toepassing van informatie- en communicatie technologie (ICT), die het mogelijk maakt om alle processen in de organisatie beter te organiseren en op elkaar af te stemmen. Alles gaat ook veel sneller. Door de digitalisering van verschillende media (documenten, video, geluiden, telecommunicatie) is het mogelijk informatie onafhankelijk van tijd en plaats te raadplegen. De gebruiker heeft hier voordeel van. De toegang tot de informatie wordt belangrijker dan het bezit van de informatie. Samenwerken en het op de juiste manier gebruiken van informatie, vormt duidelijk een toegevoegde waarde tot het geheel.

2. Verkorting van product- en technologiecycli
Door de toepassing van ICT is een proces ontstaan waardoor producten en technologie�n korter meegaan. Deze ontwikkeling is zichtbaar in veel sectoren van de economie. Producten die op de markt worden gebracht zijn minder lang verkoopbaar dan vroeger. Met als gevolg dat er steeds sneller nieuwe producten moeten komen om de concurrentie voor te blijven. Concurrenten gaan elkaar sterk in de gaten houden en op het moment dat er succes dreigt voor ��n van hen, dan duikt de rest er bovenop om maar zoveel mogelijk mee te profiteren. Het is een logische conclusie dat hieruit niet de meest doordachte beslissingen en producten komen. Organisaties moeten dan ook beschikken over een uitgebreide kennisbasis (van zowel interne als externe kennisbronnen) om deze vernieuwingen bij te kunnen houden.

3. Immaterialisering
Immaterialisering is, naast digitalisering, een aparte ontstaansbron van de kenniseconomie. Het technologische vermogen van een organisatie is niet langer een concurrentiemiddel. Je kunt er niet mee achterlopen, maar voorop lopen biedt geen enkele voordelen meer. De techniek is voor steeds meer mensen toegankelijk, dus moet je met een ander, moeilijker te verkrijgen middel, de concurrentiestrijd aan. Hoe immateri�ler de kennis, hoe moeilijker de waarde ervan te bepalen is.

Daarnaast is het consumentengedrag onvoorspelbaarder geworden en daar moet je ook op inspelen. Je moet je als organisatie bezig gaan houden met zaken om het product heen, zoals marketing, klantbenadering en service. De markt die vroeger gedreven werd door het aanbod, wordt nu vervangen door de vraaggestuurde markt.

Uit deze drie stadia ontstond de netwerkeconomie. Dit kwam door de steeds groter wordende rol van menselijke netwerken. Hoe sneller de levenscycli verlopen, hoe meer er van de mensen wordt gevraagd die zich met het ontwerp- en productieproces bezig houden. Tijd voor zwakke presentaties is er niet, dus moet de organisatie dit voorkomen door zich toe te leggen op datgene waar ze echt goed in zijn. Hierover willen ze zoveel mogelijk kennis in huis hebben. Overige kennis die ook van belang is, maar waarin ze niet uitblinken, moet worden verkregen uit samenwerkingsverbanden. Zonodig vanuit externe organisaties. De economie wordt steeds vaker een zaak van specialisatie en samenwerking. Zaken als kwaliteitszorg, vroeger van groot belang, zijn nu alleen nog maar een basisvoorwaarde om mee te kunnen doen op hoog niveau. Het samenwerken gaat niet op een afstandelijke manier, maar door intensief met elkaar op te trekken, elkaars vertrouwen te winnen en vooral elkaars organisatie goed te leren kennen. Alleen dan kan er sprake zijn van goede samenwerking en helpen we elkaar om geen kennis verloren te laten gaan.


1.3 Kennismanagement

Veel organisaties hebben behoefte aan een goede manier om informatie te structureren en de beschikbare kennis vast te houden voor later. Per jaar gaat er honderd jaar aan ervaring verloren. Zo moeten veel mensen oplossingen opnieuw bedenken, terwijl alles veel gemakkelijker zou zijn geweest als alle kennis, ervaringen en vaardigheden ergens geregistreerd was. Kennisorganisaties moeten anders georganiseerd worden dan de traditionele ondernemingen en kennismanagement is er om met de organisatie van kennis om te gaan en de kennis niet langer verloren te laten gaan.

Naast het niet weten hoe er met kennis moet worden omgegaan, is er ook behoefte aan kennismanagement omdat er knelpunten in de organisatie ontstaan. Zoals niet (goed) opgeloste problemen, weinig succesvolle opleidingen, slechte toegankelijkheid van kennis, etc. Kennismanagement is nodig om tot innovatie te komen, er moet beter worden samengewerkt, zodoende zal geen dubbel werk meer gedaan worden en alles moet goed op elkaar aansluiten. Dit alles lukt alleen als je kennis deelt.

Kennismanagement staat in de belangstelling om drie redenen. Ten eerste is er sprake van flexibilisering van producten en diensten. De klant wil een keuze kunnen maken uit op hem toegesneden producten en hiervoor is ICT nodig. Ten tweede is het vraagstuk van kennis bij mensen de laatste jaren enorm in belangstelling toegenomen. Goede inzet en levenslang leren zijn elementen waarbij het in belangrijke mate gaat om kennis. Ten derde is de push van de ICT een belangrijk element voor kennismanagement. Een andere reden voor de plotselinge populariteit van kennismanagement is een heel realistische. Bedrijven worden nu geconfronteerd met allerlei kennisbeslissingen die ze in het verleden hebben genomen en hierdoor is belangrijke kennis verloren gegaan. Dit willen ze voor de toekomst voorkomen. Kennis wordt gezien als een belangrijke toevoegende factor die door goed gebruik, nuttig kan zijn in de strijd met de concurrentie. Als bedrijven merken dat prijs en kwaliteit niet meer alles betekenen, dan willen ze wel meegaan in de vooruitgang.


terugnaar bovenverder


home | inleiding | kennismanagement | toepassingen | hype | B.I./warehousing | km vs im | de specialist | kennisbanken | praktijk | referentie

1