Monteren
Up Het scherm -1 Het scherm -2 mouse-zones vol en pan Opnemen Importeren Monteren

Zorg dat de audio die je in je montage gebruikt allemaal van te voren zijn omgezet in hetzelfde formaat: wave.

Niet chaotisch werken, waarmee ik bedoel: stukje opnemen, monteren, stukje erbij opnemen, monteren, CD-track rippen, die ertussen zetten, weer een stukje opnemen, monteren, enz.  Dat gaat tegen je werken.

Het is verstandig om al je ruwe materiaal op de harddisk te hebben staan alvorens je begint met monteren. Nu zal dat niet altijd lukken, maar zorg dan dat je je montage saved alvorens je weer met opnemen bezig te houden. Na opname, kun je dan weer je montage oproepen, de zojuist opgenomen file(s) in een track importeren en verder werken. Save regelmatig de veranderingen in je montage met Ctrl + S (net als Dalet !)

Monteren is het op de goede plaats zetten van audiofragmenten. Maar het echte werk doe je met je oren: je wilt eigenlijk niet horen dat er gemonteerd is. Om dat te bereiken moet je weten hoe je de audio kunt manipuleren.

"Monteren doe je met je oren" lijkt misschien logisch, maar ik wil het nog eens benadrukken omdat ik zie dat er journalisten zijn die meer op hun ogen vertrouwen. En dat is onterecht. Het "zichtbare geluid" is slechts een interpretatie van het geluid en het is nauwelijks mogelijk om via dat beeld te weten wat er in een interview op de achtergrond gebeurt of in hoeverre je de galm afkapt van een gesprek dat in een galmende ruimte is opgenomen. De representatie van het geluid doormiddel van beeld is wel een prettig hulpmiddel, maar je moet luisteren naar wat je doet.

Om goed te "zien" of een montageknip goed is, doe je je ogen dicht.

Als je een stereo-opname op straat maakt, dan is dat heel lastig knippen. Het is natuurlijk al minder prettig om naar zo'n gesprek te luisteren, maar als door alle knippen ook nog eens allerlei geluiden worden afgebroken of plotseling beginnen, neemt de vermoeidheidsfactor van de luisteraar toe en neigt hij af te haken of raakt op z'n minst geïrriteerd.

Probeer een persoon op zo natuurlijk mogelijke manier te laten praten in je montage. Inhoudelijk moet het natuurlijk kloppen, maar het betekent ook dat je rekening moet houden met slikken, ehhh's, pauzes, versnellingen, stemverheffingen, enz. Gun een geïnterviewde "adem". Tussen het stoppen van het inademen en gesproken woord zit altijd een stukje stilte, laat dat staan, anders klinkt het onnatuurlijk.

Op het moment dat het gesprek even stil valt, is een klok die op de achtergrond staat te tikken opvallend hoorbaar  - knip in die "stilte" dan ook op het ritme van die klok. Dat soort geluiden kun je vaak niet zien, maar wel horen. En mocht het erg zacht zijn, vergeet dan niet dat bij uitzending het signaal door een compressor kan worden versterkt.

Laat je niet verleiden om zinsdelen aan elkaar te knippen, die "niet klinken". Misschien klopt het op papier, maar dat wil niet zeggen dat als je het op die manier knipt, de zin ook qua toon goed klinkt.
Op papier kunnen we makkelijk woorden omdraaien om een andere zin te bouwen, zodat we daarmee een bijzin kunnen weglaten, zonder dat we de inhoud aantasten. Als we dat met de gesproken tekst willen doen, zal dat waarschijnlijk niet kunnen. Ik zeg "waarschijnlijk", want er zijn allerlei trucs. Lenen van woorden of woorddelen uit een ander stukje halen bijvoorbeeld.

We hebben bij geluid met spreektaal te maken en dat betekent dat je bij een montage daar gebruik van kan maken. We kunnen bijvoorbeeld makkelijk op een g, een v of een s monteren en die letter als montagepunt gebruiken om woorddelen van verschillende zinnen aan elkaar te koppelen. Dat kan bijvoorbeeld nodig zijn omdat je het laatste deel van een zin weg wilt halen, terwijl de geïnterviewde met z'n stem omhoog gaat. Door dezelfde lettergreep ergens anders vandaan te halen, waar de geïnterviewde met z'n stem omlaag gaat, kan dan de oplossing bieden.

Er zijn veel woorden in het Nederlands die op een -d eindigen. Maar in de spreektaal eindigen die woorden op een -t. (Onder andere daaraan kun je een Nederlander ontmaskeren die Engels spreekt: de Engelsen kennen de eind -d namelijk wèl) 

Monteren is dus meer dan alleen met techniek bezig zijn. Als je monteert kom je in aanraking met taalkundige zaken, zoals woord-assimilatie en intrusieve stops (MTV klinkt als EmptyV) en daarmee moet je leren werken. Je moet op de verstaanbaarheid letten - en als je twijfelt, laat het dan iemand horen die niet bij het interview was: verstaat die wat er wordt gezegd? Houd er rekening mee dat iemand die moeilijk te verstaan is, niet te lang aan het woord is in je montage.

Tenslotte wil ik jullie nog wijzen op de muziek die je gebruikt in je montages (of rond je montages). Meestal is het niveau van de muziek te hoog - tenminste als het lichte muziek betreft. Muziek onder tekst kan afleiden en dat is niet de bedoeling. Als de muziek tussen twee tekstfragmenten de luid is, dwing je de luisteraar om het niveau omlaag te draaien. Als de muziek is afgelopen en de tekst is weer voorbij, moet de luisteraar de volumeknop alweer bedienen. De luisteromstandigheden zijn zeer verschillend: in de auto luisteren is niet hetzelfde als thuis luisteren met het raam open. En als het raam dichtgaat, is het weer anders.

Er zijn geen vaste regels hoe hard je de muziek moet zetten, maar liever te zacht dan te hard. Over het algemeen luisteren mensen bij gesproken woord op een hoger geluidsniveau dan bij muziek. Het is ook nog een verschil of de muziek als omlijsting bedoeld is of dat het inhoudelijk waarde heeft. 

Er is nog veel meer over te vertellen, maar je kunt meer leren door het te doen en in de praktijk naar oplossingen te zoeken. Elke montage levert weer nieuwe problemen op. 

Horen doe je met je oren, luisteren met je hersens.

Na deze algemene tips voor het monteren, het monteren met wavelab.

 
Hosted by www.Geocities.ws

1