Op de christenvrouwen pagina
Dit en de volgende pagina's  zijn verslagen van een gespreksgroep
van ouders die kinderen hebben met ADHD en PDD-NOS


Mijn kind heeft een handicap in het autistisch
spectrum


Eerst even een kort overzicht van :
1. Gilles de la Tourette (tics), afgekort GTS
2. Attention Deficit Hyperactivity Disorder, ADHD
3. Pervasive Ontwikkelingsstoornis, niet anders omschreven, PDD-NOA ook wel PDD-NOS, of aan autisme verwante contactstoornis genoemd (AVS).

GTS:
Wat is een tic?
Een tic is een ongewilde, meestal kortdurende,
plotselinge zich herhalende, zinloze  beweging of geluid.Er wordt onderscheiden in:    
motore tics (beweging)
fonische tics (geluid)

Tics: Sommige tics zijn beperkt tot 1 spiergroep, b.v. oogknipperen. Andere tics hebben meerdere spiergroepen in werking, b.v. gezichtsgrimassen.
Tics ontstaan vaak in het gelaat en breiden zich daarna uit over het hele lichaam.
Vaak zijn tics minder zichtbaar/hoorbaar op school, dan thuis. In een 'vreemde' omgeving zet het kind vaak onbewust/bewust een rem op de spierbewegingen.
Thuis valt die rem weg, ze ontladen als het ware waardoor de tics dan juist extra waarneembaar zijn.
Tics zijn ook in hoge mate spanningsgevoelig, denk b.v. maar aan de decembermaand, hoe meer stress, hoe meer de tics.
Er is vaak een wisselend verloop te zien. Soms zijn er ook klachtenvrije periodes. De tics beginnen gemiddeld rond het 7e jaar. Na de pubertijd nemen de klachten, m.n. de vocale tics, over het algemeen af.

Diagnose is vaak eenvoudig vast te stellen, het presenteert zich zeer karakteristiek. Dikwijls komen tics en verwante problemen
eveneens bij familieleden voor. Meer en meer wordt duidelijk dat genetische factoren een hoofdrol spelen.

ADHD
ADHD kan in meer of mindere ernstige mate voorkomen.
Bij ADHD kinderen is het bekend dat allerlei aandoeningen zich vaker voordoen, dan bij 'normale' kinderen.
Ook omstandigheden kunnen meespelen, hoe wordt het kind op school opgevangen, is er begrip thuis, kan men het kind aan.
Er zijn 3 verschillende syndromen ADHD:
1. Een hyperactief syndroom, dat zich kenmerkt door ongedurigheid en afleidbaarheid.
2. Een op apathie wijzende vorm, die vooral voorkomt bij het type  ADHD met overwegend aandachtsproblemen.
3. Een type afleidbaarheid zoals dit voorkomt bij kinderen met een angst- of depressieve stoornis.

Onderzoeken wijzen uit dat naast de genetische factor bij ADHD,
ook de omgevingsfactor meespeelt.
Bij behandeling staan altijd twee vormen van behandeling centraal:
medicatie en vormen van gedragstherapie.Van kinderen met ADHD houdt 75% in de adolescentie last van ADHD-symptonen en
50% in de volwassenheid.

PDD-NOS
Pervasief wil zeggen dat de stoornis doordringt in alle ontwikkelingslijnen, de verstandelijke, de sociaal/emotionele, de lichamelijke en de motorische.
Het is moeilijk af te grenzen gebied, het overlapt zowel ADHD als GTS.
Zorgvuldig onderzoek is nodig om te zien of het gaat om de enkelvoudige problematiek van ADHD, GTS, of dat er tegelijk een pervasieve ontwikkelingsstoornis aanwezig is.
De kern bij dit syndroom is : geen wederkerigheid.

Er kunnen zich stoornissen voordoen in:
1. De ontwikkeling van wederkerige sociale relaties.
2. In de regulatie van affecten (b.v. doorschieten in angst, paniek of woede)
3. het denken (van de hak op de tak springen) moeite hebben  met onderscheid met b.v.fantasie en werkelijkheid.

De 'normale' gang van een kind:
In een relatie, een opvoedingssituatie is er veel sociale interactie.
Dat begint al bij een baby.
Het kind leert van de ouder: dat mag en dat niet. Hij ontvangt de boodschap, en de ouder krijgt het idee: h�, wat leuk, hij snapt het, ik kom over!
Het kind krijgt een toenemend gevoel en begrip voor de sociale context, waarbinnen gebeurtenissen plaatsvinden.

Bij PDD-NOS kinderen komt deze ontwikkeling  niet of voldoende op gang. Het kind ziet de wereld om hem heen wel, maar als een
schilderij, hij ziet het perspectief. Het ziet een "platte wereld".
Het begrijpt vaak geen grapjes, bevat niet de dubbele bodems.
Mist hierdoor de selectie van dit is belangrijk, dit niet. Het gedrag van een PDD-NOS kind is vaak star en dwangmatig.
Er is ��nrichting verkeer: van binnen naar buiten, het kind vaart op eigen kompas.
De informatie die van buiten op hem af komt, stuurt hem te weinig.
Veranderingen maken een PDD-NOS kind vaak erg onrustig.
Het kind heeft dan geen grip meer op de wereld om hem heen.
Dit kind houdt erg vast aan regelmaat, vaste gewoontes, soms stereotype gedrag, dat geeft hem houvast. Hier zie je ook vaak
tics, voor een PDD-NOS kind iets wat hem houvast geeft.

Wordt het patroon doorkruist van dit kind, dan kan dat leiden tot:
1. erg agressief gedrag
2. juist teruggetrokken gedrag, het negeren van informatie.

Het kind heeft vaak ook een zwakte in het "oppakken" van sociale informatie en het ontwikkelen van een vermogen tot interpretatie
van de sociale contect.                                       
De ouder bereikt het kind niet. Het lijkt net alsof je het kind niet bereikt, alsof het niet WIL horen.

Bij PDD-NOS kinderen kunnen stoornissen optreden in:
1. de omgang met de mensen  en de dingen
2. de spraak en het taalgebruik.
3. de motoriek
4. de prikkelverwerking
5. de regelmaat van de ontwikkelingsgang.

Op basis van onderzoekingen is men momenteel van mening dat de
genetische bijdrage aan het ontstaan van het autistisch syndroom,
op ongeveer 90% in te schatten valt.
De preciese erfgang is echter onduidelijk en ook is onduidelijk wat precies overgeerfd wordt.

Syndroom van Asperger

Partner met AS (verhaal)

Partner met AS (nog een verhaal)

Huwelijk (hoe houdt mijn relatie met AS stand)

Anders (over een partner met AS)

Gebed (AS)

Aanvaarden en verwerken van AVS

De Brusjes
(broers en zussen)

Sexualit
eit

Ma
m (brief van een zoon aan zijn moeder)

Breek de sti
lte

Eiland van eenzaam
heid

Eenzaam maar niet alle
en

Aanrakin
g

Gespreksgroepen


Geloofsopvoedi
ng
        



Heb je vragen of opmerkingen, schrijf gerust in mijn
gastenboek
Hosted by www.Geocities.ws

1