| In de ogen van de khan blonk tegelijkertijd vreugde en woede, toen hij zag, dat Goenan de koningstijger gedood had en ook nog een aardige vrouw meebracht. Goenans vrouw moest nu voor hem het koningstijgergewaad maken. Iedere haar van het vel van de koningstijger moest ze op de kostbare stof naaien. De jonge vrouw was erg handig en naaide het gewaad zo onberispelijk, dat ze het al gauw door Goenan aan de vorst kon laten overhandigen. De aanblik van het prachtkleed deed het hart van de khan sneller kloppen. Iedereen moest het nu weten: de khan bezit een koningstijgergewaad van onschatbare waarde! Hij besloot zich in dit gewaad in het hele koninkrijk duidelijk opvallend te tonen en spoedig een grote rondreis door zijn gebied te beginnen. Maar eerst moest de kostbare aanwinst thuis gevierd worden. In de daaropvolgende dagen liet hij naast zijn hoofdtent een tribune opslaan. Alle hoge ambtenaren van de khan werden daarop voor een feestmaal uitgenodigd, dat hij op de tribune liet aanrichten. Op een behoorlijke afstand van de tribune stond een grote mensenmenigte, die uit alle windrichtingen samengestroomd was. Ieder wilde het koningstijgergewaad zien. Na een poosje schreed de khan feestelijk, vergezeld van de feestmuzikanten naar de rand van de tribune. Hij gaf een teken met de hand. Een dienaar die en hoge functie bekleedde droeg met ernst en waardigheid een met gele stof ingepakt pakket en haalde er het als goudstralende koningstijgergewaad uit. Toen hield hij het naar de drie kanten in de hoogte, zodat alle toeschouwers het konden zien. Net als bij een feestelijke ceremonie hielp hij nu de khan het gewaad aan te trekken. Nauwelijks had de khan het gewaad aan of hij begon een merkwaardige verandering te ondergaan. Hij veranderde op datzelfde ogenblik in een verscheurende tijger. Met een ontzettend gebrul sprong hij midden tussen de mensen in en veroorzaakte bij velen van hen met zijn klauwen diepe wonden. Alle dienaren en hoge ambtenaren sprongen verschrikt op hun paarden en vluchtten in alle richtingen. Goenan, die pas nu ter plekke verscheen, wist niets van deze gedaanteverwisseling af. Hij zag alleen maar dat er een tijger vanaf de tribune midden tussen de mensen sprong en bloeddorstig onder de omstanders te keer ging. Hij stond eerst versteld, maar greep toen onwillekeurig naar zijn pijlenkoker. Nu pas merkte hij dat hij geen wapen bij zich had. Toen hij zich naar de plaats van het feest begaf, had hij pijl en boog en ook zijn korte zwaard thuis gelaten. Hij had verder geen tijd erover na te denken, want de tijger stortte zich nu ook op hem. Rustig bleef Goenan staan en liet de tijger op zich af komen. Zijn blik was slechts gericht op de staart van de tijger. Voordat het ondier erop verdacht was, had Goenan hem reeds bij de staart gepakt en slingerde hem in het rond. Meer dan tien keer liet Goenan daarbij het lichaam van het monster tegen de grond slaan. De tijger bloedde uit al zijn lichaamsopeningen, maakte nog een paar stuiptrekkende bewegingen en bleef toen dood liggen. De mensen stroopten hun van gedaante veranderde khan het vel niet af, maar stopten hem eenvoudigweg onder de grond. Goenan was nu zijn eigen baas en reed sindsdien dagelijks op zijn bontgevlekte pony ter jacht. Met zijn kostbare parel genas hij de ogen van de mensen, die van heinde en verre naar hem toe kwamen. Het geschenk van de draak bewees een ware wonderparel te zijn. Wanneer oude mensen de parel ook maar ��n maal zagen, werden hun wazige ogen weer helder. Kon iemand nog maar nauwelijks meer iets zien, dan streek Goenan hem met de parel zachtjes over de oogleden en dan was hij al genezen. |