editie 111 - 5 september 2001 - 28e jaargang
Op babbel bij de laatste vijf zusters van het klooster langs de Gistelse Steenweg 440 te Sint-Andries  

inhoudstafel van editie 111

 

 

Wat eraan vooraf ging ….

Op donderdagavond 23 november 2000 belde zuster Paula me thuis op met de mededeling dat de zusters binnenkort naar een ander klooster zullen trekken omdat zij in Roeselare zullen moeten instaan voor de verzorging van een twintigtal oudere kloosterlingen. Na het geven van haar opzeg in Fabiola kan ze eind maart haar taak als directrice daar doorgeven en dit betekent meteen het vertrek van haar 5 medezusters in het klooster Gistelse Steenweg. Intussen is zuster Godelieve op kerstmis 2000 overleden zodat er nog 4 medezusters samen met zuster Paula het klooster te Sint-Andries in de komende maanden zullen verlaten.

Precies in het jubileumjaar 125 jaar basisschool waarvan de zusters van Liefde uit Heule de stichters zijn geweest wordt het hoofdstuk van hun aanwezigheid afgesloten. Het krijgt een haast symbolische betekenis dat we het vanaf nu helemaal zonder hen zullen moeten doen. De leiding van de school was tot juni 87 in handen van één van hen. Vanaf dan hadden ze minder rechtstreeks contact met het schoolleven, maar bleven ze begaan met de vele kleine en grote dingen die zich in en rond de school afspeelden. Ze waren onze trouwe wakers van de gebouwen: een licht dat bleef branden werd door hen opgemerkt, een deur die niet dicht was werd door hen gesloten, de sleutel voor de schoolpoort of sportzaal kon men altijd bij hen halen, ….

Omdat we de 5 zusters niet zomaar wilden laten gaan, maakten Johan Stellamans en ikzelf binnen de kortste keren een afspraak met hen om eens een uitgebreide babbel te maken. Woensdag 10 januari om 20 uur namen we plaats in de goedverwarmde woonkamer waar de vijf zusters in hun zetel ons zaten op te wachten. Een glaasje wijn en koekjes werden bovengehaald en dit werd het begin van een urenlange babbel waar de ene zuster de andere afloste en waardoor wijzelf met een minimum aan vragen te stellen heel wat te weten kwamen over de congregratie, hun voorbije levenswandel, de sfeer van indertijd, de enorme discipline die de kloosterlingen tot op vandaag aan de dag leggen, de stichting van het moederklooster in Heule en nog zoveel meer.

Een gezellige babbel met de vijf zusters

Het ontstaan van de zusters van Liefde speelt zich af in 1838 als Moeder Agatha Lagae in Heule een klooster opricht. Moeder Agatha moet als kind al een voorbeeld zijn geweest van volgende drie deugden: godvruchtigheid, eenvoud en zelfopoffering. Om dat te illustreren haalt één van de zusters meteen een drieluik uit een andere kamer erbij waarop de regel van de zusters van Liefde te lezen staat: 'Deus caritas est. Fubentis pagani de groti pauperes - conventus heulensis'. Het is tot op vandaag een congregatie die haar sporen heeft verdiend en nog altijd verdient binnen het onderwijs - dat lang één van hun sterkst uitgebouwde takken is geweest-, de verpleegkunde en missiewerk. Nog steeds hebben ze tal van rust- en verzorgingstehuizen die door de zusters werden gesticht en zijn er nog 3 missieposten in Zuid-Afrika en 1 in Kameroen.

Zuster Gerarda, afkomstig van Oostrozebeke en sedert zo'n 6 jaar woonachtig in het klooster aan de school, staat al 39 jaar in voor de verzorging van bejaarden en trekt eind maart mee naar Roeselare waar ze mee zal instaan voor de verzorging van de hulpbehoevende zusters daar. Momenteel gaat ze nog dagelijks mee naar rusthuis Fabiola dat ze in de jaren 60 mee oprichtte samen met o.a. zuster Godelieve die tot ze overleed op 25 december 2000 ook langs de Gistelse Steenweg verbleef. Zuster Angèle die een zestal jaar geleden in het klooster hier is komen wonen is afkomstig van Snellegem en zette zich gedurende dertig jaar (van 1955 tot 1985) in als missiezuster in Congo. Ze maakte er volop de onafhankelijkheidsstrijd mee en herinnert zich nog alsof het gisteren was de soldaten die haar overal op de hielen zaten. Ze trok er zich al bij al niet zoveel van aan, maar als ze richting toilet haar bleven volgen, maakte ze kordaat duidelijk 'hiervoor heb ik jullie niet nodig, dat kan ik wel alleen'. Ze stond er als zuster in voor het onderwijs aan de kinderen ter plaatse: eerst in het zesde leerjaar en het grootste deel van haar tijd in het middelbaar onderwijs. Zo heeft ze talloze leerlingen voorbereid op het onderwijzersschap. Andere zusters die met haar waren meegetrokken stonden in de verpleegkunde en assisteerden er o.a. bij heel wat bevallingen en zelfs bij operaties. Van hen vernam ze talloze keren dat de bevolking het niet had voor pillen, maar dat een spuitje in hun ogen het enige middel was om echt te genezen.

Een tweede glas wijn wordt ons geserveerd en de sfeer wordt er niet minder hartelijk op. Zuster Paula -de plaatselijke overste van de Gistelse Steenweg- is afkomstig van Leffinge en werkte 17 jaar als verpleegster bij het wit-gele kruis in De Panne en kwam in 1985 zuster Godelieve zaliger opvolgen als directrice van het rusthuis Fabiola. Ze verlaat vervroegd deze plaats zoals eerder al vermeld om in Roeselare binnenkort in te staan voor hulpbehoevende zusters. Ze weet ons te vertellen dat met haar vertrek - ook zij is een zestal jaar geleden in het klooster hier komen wonen - en het vertrek van een andere zuster van de congregatie van de Potterie de laatste kloosterlingen uit het O.C.M.W.-bestand verdwijnen als directrice van één van hun vele rust- en verzorgingstehuizen in Brugge. Ook zij beseft dat de tijd definitief voorbij is dat zusters nog deze functie kunnen bekleden. Van haar vernemen we dat er momenteel nog 260 zusters zijn in de congregatie, waarvan het merendeel de pensioengerechtigde leeftijd al heeft bereikt. De laatste zuster trad 15 jaar geleden in. Tot op vandaag tellen de zusters van Liefde nog 31 bijhuizen in heel West-Vlaanderen. Zonder dit van Sint-Andries worden het er straks 30.

Anderhalf jaar geleden kwam ook zuster Maria in het klooster te Sint-Andries wonen en trekt binnenkort naar Lauwe. Zij is afkomstig van Sint-Katarina, nabij Heule en wijdde haar leven ook aan de verzorging van bejaarden o.a. in Lichtervelde en in rusthuis Fabiola te Sint-Andries. Het is de zuster die we nog regelmatig aan het werk zien in en rond het klooster: ze zeemt er regelmatig de vensters en van haar vernemen we dat het indertijd bij het wassen van de vensters ten strengste verboden was om ook maar even om te kijken. We spreken van de tijd dat de zusters moesten kiezen bij het overlijden van één van hun ouders: 'ofwel ging je naar de berechting of naar de begrafenis, de beide kon niet'. De regel dat een zuster nooit alleen het klooster mocht verlaten, werd ook strikt nageleefd: wie in het klooster te Heule naar de tuin wou en daarvoor de straat moest oversteken, deed dit altijd met een medezuster. Bij het oversteken keken ze dan best nog niet te veel naar links en rechts. We mogen van geluk spreken dat het verkeer toen veel minder druk was als nu … Deze strikte regels is men blijven hanteren tot begin de jaren zestig.

Uit die tijd komt ook het verhaal van zuster Angèle die eigenlijk liever haar weg in de verpleging had gezocht dan in het onderwijs. Toen de toenmalige kanunnik Vanbesien hiervan bij de overste van gedachten wou gaan wisselen, werd hij van volgend antwoord voorzien: 'Ze is de mijne en ik doe ermee wat ik wil!' Duidelijke taal die de geest van die tijd goed weergeeft. Alles is op dit vlak wat versoepeld zodat ook zij nu zelf kunnen kiezen waar ze naar toe trekken als ze het klooster te Sint-Andries verlaten.

Met haar 37-jarige aanwezigheid in het klooster te Sint-Andries is zuster Arlette die afkomstig is van Stasegem de zuster die ons over de plaatselijke gebeurtenissen heel wat kan vertellen. Ze leefde samen met o.a. de vorige directrices van de school: zuster Marie-Elodie , zuster Arsène en zuster Maria Dewitte. Ze was er een hele tijd de keukenzuster en stond ook mee in voor de hulp in de schoolrefter bij de bediening van de maaltijden. Dat ze van een praatje met de toenmalige en huidige leerkrachten hield, illustreert het volgende: tijdens de voormiddagspeeltijd kwam dagelijks een leerkracht de klaargemaakte soep halen voor de collega's in de lerarenzaal. Enkele keren bleef zuster Arlette zo lang aan de praat met één of andere collega dat naast de soep die afgekoeld was ook de speeltijd er op zat en de 'hongerige collega's' de soep die dag moesten missen … Gelukkig was dit eerder uitzondering dan regel, maar de gave van het vertellen heeft zuster Arlette nog steeds: ze kan met de grootste precisie op een foto van bijna 40 jaar geleden de toenmalige zusters bij naam noemen en van elk op een sappige manier vertellen wat haar functie was. Ze leefde in het klooster te Sint-Andries ooit samen met ruim een dozijn zusters en dit is in haar herinnering de grootste bezetting geweest in dit klooster. Het was de tijd dat zuster Annie Vandenberghe er halfwege de jaren 60 de secundaire afdeling oprichtte en er 10 jaar directrice was. Tot op vandaag wandelt zuster Arlette nog regelmatig het hele schoolterrein rond en schrikt er niet van terug om indien nodig een kwajongen die er niet hoort met haar wandelstok achterna te zitten.

We horen van de zusters mooie verhalen en ze trakteren ons op een laatste glas wijn dat we zo moeilijk durven en willen weigeren. Nieuwsgierig als we zijn, vragen we hoe het dagelijkse leven van een zuster verloopt. Versteld staan we als we horen welke discipline ze zichzelf nog dagelijks opleggen en dit zonder meer als vanzelfsprekend ervaren. 's Morgens staan de zusters om 5.30u. op en van 5.45u. tot 6.15u. mediteren ze in de kapel. Tot 6.45u. houden ze ochtendgebed en komt een pater capucijn de eucharistie met hen vieren. Ze ontbijten samen met de pater rond 7.15u. Achteraf vertrekken zuster Paula en zuster Gerarda naar Fabiola voor hun dagtaak aldaar. Voor het middagmaal is er om 11.45u. een half uur middaggebed in de kapel. Tot voor kort luidden zij op dat uur dagelijks de Angelus, maar onlangs begaf de klepel van het klokje van de Sint-Ewoudkapel het. Ze geven ons mee dat ze op dit ogenblik altijd alle kinderen langs de schoolpoort naar buiten zien gaan, maar storen doet hen dat helemaal niet. Rond 16 uur is er een kopje koffie bij en tegen de vooravond om 18.15u. vangt het avondgebed en de dagsluiting aan, opnieuw in de kapel. 's Avonds wordt er tijd gemaakt om samen in de woonkamer door te brengen en wat T.V. te kijken. Elke donderdagavond is er aanbidding van Maria en op zaterdagavond bereiden de zuster de zondagsmis voor, dit houdt in dat ze het epistel en de evangelielezing van de zondagsdienst samen bespreken en errond van gedachten wisselen met elkaar. Daarnaast hebben ze maandelijks één dag die ze in stilte doorbrengen, is er driemaandelijks 'recollectie' in het klooster te Heule en vindt er jaarlijks in Heule een bezinningsdag plaats.

We merken dat er intussen ruim twee volle uren zijn voorbijgevlogen en stellen de zusters voor om hen op de foto te zetten. Ze nemen plaats en we zijn blij dat deze vijf West-Vlaamse zusters ons zo gastvrij hebben onthaald. De sfeer was er hartelijk en open. Over hun vertrek binnenkort zijn ze filosofisch: we weten dat we heel ons leven op zending zijn en wie 37 jaar in hetzelfde klooster blijft, die hebben ze in Heule vergeten zeker …. Hoe komt het dat ze toen allemaal richting zuster Arlette keken en er schatergelach weerklonk in de woonkamer?

Johan Stellamans en ondergetekende trekken hun jas terug aan en beseffen dat ze een stuk geschiedenis hebben meegemaakt dat definitief wordt afgesloten. Het maakt ons misschien even weemoedig maar als je merkt met welk een kracht de 5 zusters zich daar overzetten, weten we één ding: op hun nieuwe locatie zullen ze zich vlug thuis voelen en dat willen we hen uit de grond van ons hart toewensen.

Marc Slosse

 
     
Hosted by www.Geocities.ws

1