h

S.C. Van der Linde

Schaakclub Winschoten, sinds 1874

Welkom
Intern
Extern
Jeugd
Verslagen
Historie
Contact
Archief

De Geschiedenis van Schaakclub Van der Linde

Voor de eeuwwisseling, de oprichting. (1874-1900)


Bron voor alles op deze pagina is het bundeltje "Van Vroeger", die momenteel in het bezit is van de secretaris van de schaakclub Van der Linde. Bron van deze bundel is het boek "Het Nederlandse Schaakverenigingsleven in de 19e eeuw" van Dr. M. Niemeyer geweest, en daarnaast krantenartikelen uit de archieven van o.a. Het Provinciaal Groninger Courant.

Onze Schaakclub "Van der Linde" is ��n van de drie of vier ouste nog in ons land bestaande schaakverenigingen. Misschien zijn V.A.S. Amsterdam en Staunton Groningen wat ouder, maar dan is het verschil nog maar een paar jaar. Precies is het niet na te gaan.



S.c. Van der Linde, Volgens Dr. Niemeyer

Het lot van deze schaakclub is zeer bewogen geweest. Het bleek echter heel moeilijk een chronologisch overzicht van de lotgevallen van "v.d. Linde" samen te stellen, aangezien de vereniging geruime tijd een winterslaap was ingegaan en daaruit later weer is ontwaakt. Wat ik ervan kan vertellen dank ik aan mededelingen van Mr. J. D. Treslong (zoon van de oprichter van "v.d. Linde"), de toenmalige secretaris A. Derks (verschillende van onze leden hebben Derks nog meegemaakt), benevens aan hier en daar in schaakperiodieken en elders verspreide berichten, waarin ik in het bijzonder een artikel releveer van de hand van de heer I. Koopmans in de Winschoter Courant en de Nieuwe Winschoter Courant van 6 oktober 1936.

De schaakclub "v.d. Linde" werd in oktober 1874 opgericht op voorstel van Dr. Th. Haakma Treslong, geneesheer te Winschoten, die er steeds de ziel van is geweest. Aanvankelijk had de club geen naam. Op een op 25 september 1875 gehouden ledenvergadering werd echter besloten aan Dr. A. v.d. Linde, een bekende Nederlandse schaakhistoricus, te verzoeken ermede accoord te willen gaan, dat de club naar hem werd genoemd en tevens het "peterschap" te willen aanvaarden. Voorts werd Dr. v.d. Linde het erelidmaatschap van de vereniging aangeboden. De geleerde doktor aanvaardde zowel het peterschap als het erelidmaatschap met grote ingenomenheid en daar, zoals hij zelf in "De Schaakwereld" (Wijk bij Duurstede, 1875) mededeelt, naar oud en goed gebruik een peter niet met lege handen mocht verschijnen, schonk Dr. v.d. Linde aan de jonge vereniging een 40 � 50 tal schaakwerken, welke de grondslag vormden van de schaakboekerij van de Schaakclub Van der Linde, waarvan een catalogus tegelijk met een reglement van de club in 1880 is verschenen.

De boekerij, welke o.a. de standaardwerken van Dr. v.d. Linde bevatte, is helaas spoorloos verdwenen, evenals een groot portret van Dr. v.d. Linde, dat jarenlang in het vergaderlokaal van de vereniging in "de Harmonie" (het vroegere belastingkantoor op het Bosplein) te Winschoten heeft geprijkt. (Van de hier bedoelde bibliotheek zijn de boeken bij het eerste stopzetten van de vereniging onder de toenmalige leden verdeeld. Een paar ervan zijn nog teruggevonden, o.a. bij de heer Talsma, die ze waarschijnlijk van apotheker Boerma heeft gehad. Ook ds. Van Royen en Berends in de Langestraat bezitten nog enige exemplaren. Het portret, een groot ovaal portret, heeft nog in mijn tijd gehangen in een onzer clublokalen, Caf� Roest. Een afdruk hiervan stond nog in de Haagse Post bij een ingezonden stuk van de schaker Ree.)

In 1878 was Dr. Haakma Treslong president, M.L. Dikema secretaris-penningmeester en J. Lubbers bibliothecaris. Tot de leden behoorde de sterke schaakspeler L. Benima. De club speelde verscheidene correspondentie-partijen, o.a. ��n tegen Kopenhagen in 1877/1878, welke partij in remise eindigde, doch, naar later bleek, door Van der Linde had kunnen worden gewonnen. In 1884 werden de vergaderingen van Van der Linde in "de Harmonie" geschorst, daar van het grote aantal leden van de vereniging (25) slechts enkele geregeld de bijeenkomsten bezochten. Een jaar later werd onder leiding van L. Benima een nieuwe schaakclub in Winschoten opgericht, waarvan de leden vergaderden in Caf� "Tivoli". Hieraan werd de naam Schaakclub "Van 't Kruys" gegeven.

Gelukkig wisten Dr. Haakma Treslong en L. Zuidema evenwel het oude Van der Linde omstreeks 1889 weer nieuw leven in te blazen. Al spoedig kwam een groepje schaakliefhebbers weer trouw elke donderdag in de "Harmonie" bijeen om een partijtje schaak te spelen. Het waren o.a. de beide Treslongs, L. Benima, H. Behrens, landmeter Bos, I. Koopmans, apotheker Boerma en L. Zuidema (welke laatste onze club nog een stel prachtige schaakstukken heeft vermaakt). Na het overlijden van Dr. Th. Haakma Treslong in 1907 is Van der Linde weer een tijdje van het toneel verdwenen.


1876
In 1873 riep de Schaakclub "Discendo Discimus" uit Den Haag, welke club ook vele nationale wedstrijden regelde, de verschillende Schaakgenootschappen op tot beraadslaging over het oprichten van een Nederlandschen Schaakbond. Deze bijeenkomst vond 23 mei 1873 plaats en daar werd "De Nederlandse Schaakbond" met een aantal van bijna 100 leden, waaronder 2 dames, "geconstitueerd". Tezelfdertijd floreerde in het noorden van ons land het "Noordelijk Schaakbond", eertijds het "Provinciaal Groninger Schaakbond" geheten. De geschiedenis hiervan is minder bekend dan die van de Nederlandse Schaakbond, daar we in hoofdzaak zijn aangewezen op de door de Noordelijke Bond uitgegeven schaakkalenders, die niet in de handel zijn gebracht en waarvan de oplaag zeer beperkt was. "Het Provincaiaal Groninger Schaakbond" heeft zijn ontstaan te danken aan een ingekomen stuk in de Provinciale Groninger Courant in het voorjaar van 1876, met het oogmerk tot de aaneensluiting van de Noordelijke schakers te komen. (De inzender is onbekend.)

Het uitgestrooide zaadkorreltje schoot wortel, want het ingekomen stuk werd gevolgd door een van Van der Linde uitgaande oproeping tot een bijeenkomst, welke 9 juli 1876 te Slochteren werd gehouden. Daar werden plannen uitgebroed welke 15 oktober 1876 te Groningen werden verwezenlijkt: op die datum werd "Het Provinciaal Groninger Schaakbond" opgericht.

Het ligt voor de hand, dat het bestuur van de "Nederlandse Schaakbond" heeft gepoogd z'n jongere broeder in het noorden tot aansluiting te bewegen, want de noordelijke bond telde bij zijn oprichting niet minder dan 50 leden. Dat lukte echter niet ineens - het provincialisme is in ons land nu eenmaal sterk ontwikkeld. De schakers uit het noorden gevoelden er meer voor geheel zelfstandig te blijven en de Groningers zagen zelfs kans hun bond uit breiden tot Friesland en Drente: Op 28 mei 1880 werd "Het provinciaal Groninger Schaakbond" herdoopt in "Het Noordelijk Schaakbond", NOSBO. Herhaaldelijk zijn nog pogingen tot vereniging van de 2 schaakbonden aangewend, maar tot een fusie is het evenwel niet gekomen. In 1887 is, toen de eerst zo ijverige secretaris, R. Heeren, zijn belangstelling voor "Het Noordelijke Schaakbond" begon te verliezen, is de belangstelling minder geworden en is de bond voor een tijdje ingeslapen.

Hoe het toen verder met de Nosbo is gegaan weet ik niet, maar dat is wel te vinden in de oude notulen van de Nosbo. Het gaat hier echter om onze club, Van der Linde.




1879
Toen in 1879, na het bestaan van ��n jaar het tijdschrift "De Schaakwereld" onder leiding van Dr. A. van der Linde, weer werd opgedoekt, zat de Schaakbond daarmee bijna 20 jaar zonder tijdschrift, tot men in 1893 tenslotte zelf tot een uitgave van een maandblad kwam. Het Nederlandse schaakleven werd in de eerste vijftien jaar van het bestaan van de bond beheerst door een klein groepje heren, voor een groot deel reeds van middelbare leeftijd (dat wilde toen zeggen: tegen de zestig), "De hegemonie der Nestors" zoals het later is genoemd.

In 1906 beschrijft Dr. J.D. Treslong (Winschoten) de sfeer van die dagen, als hij vertelt hoe hij als relatief jong broekje in 1887 de srijd aanbond met de geduchte Messemaker, voor hem een incarnatie van het Neerlandse schaakleven, een naam in ��n adem te noemen met giganten als Van 't Kruys, Benima (Winschoten) en Penido. Daarbij kwam, dat een groepje stafoude, sneeuwwitte heren om ons schaaktafeltje gingen zitten; hun ogen zagen mij goedig aan. Tevens medelijdend en met een zacht verwijt, dat ik het waagde mij met den ervaren strijder te meten. En nauwelijks waren we begonnen te spelen of mijn tegenstander tastte in de zak en haalde er een zilveren snuifdoos uit. Een snuifdoos! Een trofee van een 35 jaren te voren gehouden schaakwedstrijd te Nijmegen... Hoe de partij verder verliep staat er niet bij.




1879
Uit de Nieuwe Winschoter Courant van 24 januari 1883

Naar wij vernemen zal er weder een schaakwedstrijd plaats hebben tusschen de vereeniging Van der Linde en Pallas te Deventer.


1885
In een krantenartikel uit 6 oktober 1936 werd een partij vermeld van L. Benima tegen Jhr. Dr. D. van Foreest. Uit een boekje, uitgegeven ter herdenking van Jhr. Dr. D. van Foreest door L. Prins staat ook een partij van hem tegen Benima. Het begin van de partij is als volgt:

Wit: Van Foreest, Zwart: Benima

1. e4 e5

2. Pf3 Pc6

3. Lc4 Pf6

4. Pg5 d5

5. exd5 Pa5

6. Lb5 c6

7. dxc6 bxc6

8. Le2 h6

9. Pf3 e4

10. Pe5 Ld6

11. Pg4 Pxg4

12. Lxg4 0-0

13. Lxc8 Txc8

14. 0-0 Dh4

15. g3 Dh3

16. d3 f5

17. dxe4 f4

18. Df3 fxg3

19. Dg2 gxh2

20. Kh1 Dh4

Ondanks een (iets) betere stelling voor zwart eindigde de partij in remise.

Van een oud-lid van "Van der Linde", de heer Mr. J.D. Treslong (zoon van Dr. Treslong)

Over de eerste club "Van der Linde" nog graag een paar bijzonderheden. Bij de oprichting bleken er heel wat liefhebbers te zijn, maar al spoedig bleef er slechts een kern van de beoefenaards van het spel over, bestaande uit de heren dr. Treslong, L. Zuidema, U. Dikema (rector), dr. Oversloot (conrector van het gymn.), L. Benima en enkele anderen.

Van der Linde was een paar maal de gastvrouw op de landdagen van de Groninger Schaakbond, die later de Noordelijke Schaakbond werd, omvattende de drie Noordelijke provincies en onstaan uit de behoefte aan meer schaakleven dan de Nederlandse Schaakbond gaf, welks enig levensteken bestond in een jaarlijkse wedstrijd en een jaarboekje. In 1896 heeft deze schaakbond een schaakdag te Winschoten gehouden, waartoe onze schaakclub haar medeweking verleende. Van der Linde heeft verscheidene correspondentie-partijen gespeeld in de periode van 1876-1885, o.a. twee tegen Deventer (Pallas), twee tegen Leeuwarden (Philidor), ��n tegen Groningen (Staunton) en ��n tegen Kopenhagen. Ze verloor geen dezer partijen, won er wel enige o.a. tegen Deventer en Leeuwarden.

In ��n opzicht was Van der Linde houdster van een record. Afgezien van Amsterdam, Den Haag en Utrecht, kon geen schaakclub twee leden aanwijzen, die in de hoofdwedstrijden van de in 1873 opgerichte Nederlandsche Schaakbond een eerste prijs behaalden; Die twee leden waren L. Benima en Mr. J.D. Treslong. De eerste won zelfs tweemaal die prijs; Hij nam 13 maal aan die wedstrijden deel.

Als bijzonderheid delen we nog mee, dat Van der Linde een grote bibliotheek had, dat in de Schaakkamer in de Harmonie een groot portret van Van der Linde in lijst aan de wand prijkte en dat in verscheidene maandbladen van het orgaan van de Nederlandse Schaakbond partijen van de heren dr. en mr. Treslong en Benima waren opgenomen, alsmede tal van beoordelingen en kritische beschouwingen van Mr. Treslong destijds mederedakteur van genoemd tijdschrift, van partijen elders gespeeld. Wij vonden o.a. een beoordeling van een remisepartij Benima - van Foreest (maart 1896), waarvan het slot luidt: "dese partij is als een mooie roman; bij 't eind gevoelt men spijt, dat het uit is."

In genoemd blad troffen we ook een sterk gespeelde partij Treslong - Maquette aan (Jubileum wedstrijd in Den Haag 1899), een Treslong - Kolst� uit 1897, waar eerstgenoemde in een lastige eindstand een mat in drie zetten annonceerde, voor welke mataankondiging hem een speciaalprijs werd toegewezen; verder nog twee partijene Treslong - Benima in 1896, waarvan ��n heel merkwaardig is, daar op een gegeven ogenblik het bord met 5 dames prijkte. (3 van Treslong, 2 van Benima)




1895
Winschoten - Den 17den December jl. overleed alhier de heer A. Woldendorp, een speler, die, zonder ooit van theorie of practijk studie te hebben gemaakt, een aanzienlijke hoogte in de schaakkunst wist te bereiken. Dr. Treslong schreef hierover een artikel "Een onbekend schaakspeler". Hij besluit: "Moge nog lang de herinnering aan dezen talentvollen beoefenaar van ons koninklijk spel levendig houden.







Hosted by www.Geocities.ws

1