editie 112 - 5 december 2001 - 28e jaargang
Op bezoek bij Jan Dumarey, twintig jaar horlogemaker, edelsteendeskundige en juwelier  

inhoudstafel van editie 112
 

Gistelse steenweg 374 Sint-Andries

Het moet mij maar overkomen. Na een hartelijk gesprek met Jan Dumarey wiens zaak straks wordt uitgebreid en heropend, verliet ik de living op de eerste verdieping... via het raam en een smalle ladder, omwille van de verbouwingswerken. Ongestraft geveltoerisme, bij een juwelier nota bene! Toch had ik eerst de omgeving goed afgespeurd, ook al ging Jan mij voor. Je weet maar nooit wie op dit eigenste moment de stofdoek uitwaait.

Op 19 december 1981 startte Jan Dumarey zijn zaak te Sint-Andries, als tweede juwelier-uurwerkmaker in de gemeente.

Vanaf mijn twaalfde jaar droomde ik daarvan. Ik herinner mij nog goed een TV-programma - ik denk van nonkel Bob - waarin sprake was van een blinde uurwerkmaker, die herstellingen uitvoerde op het gevoel. Dit is mij altijd bij gebleven. Na mijn opleiding en na cursussen in het buitenland (o.a. in Zwitserland), vestigde ik mij te Sint-Andries. Mijn hele eerste klant kocht een wekker.
Ik vroeg of er sindsdien een wijziging is in het koopgedrag.

Vroeger kocht men veleer een degelijk uurwerk, nu gaat het veeleer om een gadget. Klassieke horloges worden bijna niet meer gekocht (noch gemaakt). Te duur. Nochtans is de rekening vlug gemaakt. Vergelijk eens een dure wagen met een duur horloge. De wagen verliest in waarde, moet onderhouden worden, kan gestolen worden, moet hersteld worden. Een duur horloge moet zelden hersteld, kan moeilijk gestolen worden en behoudt zijn waarde. En, vergeet niet, investeren in een duur uurwerk, betekent investeren in gezondheid. De vele rommel op de markt veroorzaakt allergien. De dermatologen hebben de handen vol...

De grote revolutie in mijn vakdomein is het titaniumuurwerk: uiterst licht en zeer sterk, en past zich aan de lichaamstemperatuur aan, zodat er nooit allergische reacties kunnen optreden. Ik was ooit de eerste invoerder van titaniumuurwerken in de beide Vlaanderens.

Is het een veilig beroep?

Tja, we moeten meer en meer een kooi maken van onze zaak. Op 31 januari 1988 had ik, wat wij noemen een ramkraak : etalages worden ingeslagen en op 2 minuten tijd leeg geroofd. Er zijn zelfs juweliers die ongewenst bezoek krijgen van bestelwagens en zelfs van clarks. Ik weet niet of dit de reden is waarom er nog weinig uurwerkherstellers zijn. Er is zeer weinig belangstelling bij de jongeren. Het is een kapitaal-intensief beroep, met en moeilijk bij te benen technische kennis en vaardigheid. In de school te Kortrijk is er geen eerste noch tweede jaar. Alleen in Jambes zijn nog wat leerlingen.
Daarom start Ars Nobilis , de Hoge Raad voor juwelen en uurwerken waarvan ik sinds 1981 lid ben, een campagne om dit heerlijk beroep opnieuw aantrekkelijk te maken.

Bij de juwelen zijn er ook tendenzen. Men kiest meer en meer voor blinkertjes . Wit goud heeft nog weinig succes. Dit was iets duurder dan geel goud, niet omwille van de edelmetalen, maar de behandeling en samenstelling (3/4 goud, 1/4 zilver en een rhodieerlaag om het geheel nog witter te maken) zijn op zich veel duurder. Zilver zit opnieuw in de lift, maar vraag mij niet waarom. N.a.v. de uitbreiding en heropening presenteer ik een nieuw merk (Jaguar ) n een nieuwe collectie gouden uurwerken.

Jan Dumarey is eveneens wijnkenner. Sinds 1985 verkoopt hij Elzasserwijnen (telkens ik naar e beurs ging in Basel, logeerde ik in de Elzas, en zo leerde ik die wijnen kennen ). Bij aankoop van een trouwring krijgt men zelfs een fles cadeau!

We praatten nog wat na over de tijd van toen, de hobbys (paardrijden, lid van schuttersclub)... maar we konden er niet langer om heen. Een scherpe geur van verf en/of vernis steeg op tot bij ons gesprek. Verbouwingen, zie je. Ik wist toen nog niet dat de ladder klaar stond...

Jo Berten

 
     
Hosted by www.Geocities.ws

1