Dagboek Quest

Deel 3 (het jaar 2005-01)

 

 

Begin januari 2005: De eerste woon-werk ritten naar Barneveld.

Het gaat prima. Boven de 33 gemiddeld. Een goed begin is het halve werk. Op de 10e weer eens een poging gewaagd bij de Julianatoren. Een lichte zuidwesten wind, een temperatuur van 12 a 13 graden en half bewolkt zorgen voor optimale omstandigheden om de afdaling richting Apeldoorn aan te vangen. Het resultaat is er ook naar. Voor het eerst boven de 90. Als ik beneden bij de naald voor de stoplichten moet wachten heb ik tijd om even te kijken hoe snel het ging. De enduro2 is als gebruikelijk bij de 86 blijven hangen, maar de CM436M geeft aan dat ik maximaal 90.4 km per uur heb gereden.

Dat is kicken.

Thuis wil Ineke er niet van weten. Ze vindt het te riskant om zo snel te gaan. Ze heeft natuurlijk wel een beetje gelijk, maar het is zo leuk om zo hard te gaan….

 

14 januari 2005:

Voor het eerst ga ik mee met een ritje van Plat Zwolsch. Voor vertrek staat de achterband leeg. Een nieuwe band die ik er op leg is bij aankomst in de Aa-landen ook al weer lek en de laatste reserveband biedt ook geen soelaas. Uiteindelijk weet Paulus den Boer mij te helpen met zijn reserve banden.

De nieuwjaarsrit voert al kronkelend van de Zwolse Aa-landen, langs de Vecht richting Dalfsen en Vilsteren. Het gaat zeer gezapig.

Regelmatig wordt er gestopt en het tempo is meestal net boven de 20. Uiteindelijk, inclusief koffiepauze op het station van Dalfsen, ben ik van half 11 tot half 5 bezig met een rit van een kleine 70 kilometer. Gelukkig was het prima weer.

 

2e helft januari 2005:

Sinds half december heb ik een tiental lekke banden gehad, maar nieuwe banden waren erg moeilijk te krijgen in het reguliere fietsenmakerscircuit. Uiteindelijk lukt het om op de 22e te starten met 3 nieuwe banden. Voor 2 maal Maraton, achter marathon slick.

Het resultaat is niet om over naar huis te schrijven en ik constateer een niet geheel goede sporing. Met moeite kan ik in deze periode een gemiddelde rijden van 31. Toch nog ruim sneller dan op de racefiets in deze periode. Dat lag de afgelopen jaren bij 28.

Het gemiddelde over de woon-werk ritten in januari is, met name door het snelle begin toch nog ruim 32.

 

6 februari 2005:

Op 6 februari maak ik eindelijk de rit die ik al lang in gedachten had. Een rondje Holterberg met de klok mee. Dus de diepe hel van de steilste kant naar beneden.

Het weer is goed, droog, zonnig en een graad of 6.

 

Via Heino en Luttenberg ga ik richting Nijverdal. Het gaat niet snel, zo rond de 30. De klim naar het begin van de Holterbergweg en daarna naar de top van de Noetselerberg gaat met 10 tot 15 km per uur. Een bukfietser haalt me in en is op de top al 200 meter voor. Ik verwacht snel te kunnen dalen en inderdaad, onderaan aan het eind van de heide stuif ik hem weer voorbij.

De volgende klim gaat redelijk en de bukker blijft achter. Ik versnel wat naar de knik van het 10%-gedeelte en ga ruim boven de 30 de afdaling in. Ik kan niet zien hoe snel ik ga. De klep is dicht en later moet ik me volledig concentreren op de snelheid en de bocht.

 

Ik maak vaart tot voor mijn gevoel boven de 80 en durf niet verder te versnellen. De bocht lijkt me dan te krap worden.

Ik voel de middelpuntvliedende kracht, maar kan blijven sturen en heb voldoende grip. Onderaan op het vlakke gedeelte hou ik de snelheid boven de 60 (ik durf even te kijken) en schiet het eerste gedeelte van de volgende klim met volle vaart op. Halverwege, bij de parkeerplaats, stop ik even en zie dat ik 87,6 als hoogste snelheid heb. Met de bukfiets had ik hier een paar maal boven de 70 gezeten en ooit een top van 72, ook tientallen malen tussen de 65 en 70.

 

De bukfietser komt we weer voorbij en ook ik start de Quest weer.

De snelheid zit op dit steile stuk tussen de 6 en 10 km per uur en de bukker loopt zichtbaar uit. Bovenop versnel ik weer tot ruim boven de 30 en ik loop langzaam in. Hij blijft voor tot de afdaling naar Holten. Hier haal ik hem weer in vlak voor de bebouwde kom van Holten en zie hem verder niet terug. Als ik later de computergegevens op de PC uitlees zie ik dat ik hier tussen de 62 en 64 moet hebben gereden.

Ik ga onderaan rechtsaf en neem de binnenweg richting Nieuw Heeten. De Motieweg zal ik later wellicht eens nemen. Jammer dat daar een T-splitsing onderaan is.

 

In Heeten stuit ik nog even op een carnavals-wegafsluiting, maar door de “buitenwijken” van Heeten vind ik snel de weg naar Raalte. De N35 verder volgend, kom ik na 90 km weer terug in Zwolle.

 

14 februari 2005:

’s ochtends goed weer, maar het liep niet. Met moeite kan ik de kruissnelheid boven de 30 krijgen. Op de vele kleine klimmetjes zakt de snelheid al snel weg tot 20 a 25.

Ik vermoed dat een onderhoudsbeurt zeer nodig is. Als meest duidelijke argument is de rem verantwoordelijk. Bij een beetje afremmen slaat de (met name de linker) rem volledig vast en blijft soms ook vast zitten. Al diverse malen heb ik net voor een kruising stil gestaan, zonder voor of achteruit te kunnen. Na wat rommelen met de kabels schiet de rem meestal wel weer (gedeeltelijk) los, maar het gevoel blijft dat de rem blijft “hangen”.

Een tweede probleem is dat de ketting lijkt te slijten. Regelmatig schiet de ketting, als ik kracht zet, over de tanden heen. Ook is ‘ie opgerekt, want met het kleinste blad voor en een van de kleinere achter, raakt de ketting zichzelf bij de kettingrollen. De spanning is er dan af en de ketting ontspoort als ik niet op pas vrij snel bij de rollen.

 

Tot slot heb ik al een tijd het gevoel dat de fiets niet spoort. Al twee maal heb ik zelf de sleutelset ter hand genomen en wat bijgesteld, maar dat is een grove bijstelling. Misschien moeten de mannen in Dronten er maar eens naar kijken. Kunnen ze meteen de lagers van vers vet voorzien.

 

19 februari 2005:

Een servicebeurt in Dronten. Na 12500 kilometer is het tijd voor wat onderhoud.

’s Morgens eerst in de Quest naar Wapenveld om te assisteren bij een veldrit van mijn vereniging Swolland en rond de middag word ik afgelost als “verkeersregelaar” en rij ik met de Quest naar Dronten.

Zoals ik al dacht is het niet best met de ketting. Deze is behoorlijk opgerekt. In elk geval meer dan eigenlijk als grens wordt gesteld. Ik steek de hand wel in eigen boezem, want ik heb niet consequent onderhoud gepleegd. Ik beloof beterschap en neem me voor om minimaal 1 maal per maand de ketting in te oliën. Dat was er in de donkere achterliggende maanden wel eens bij in geschoten L.

Naast een volledige nieuwe (voor-)ketting is ook de sporing weer van het rechte pad afgeweken. Dit wordt weer vakkundig hersteld. Ten slotte bleek een rem last van inlopend water te hebben en was vast gaan zitten. Ook dit euvel wordt weer hersteld.

Aan het eind van de middag rij ik weer blij en een stuk sneller dan op de heenweg naar huis.

 

Eind februari 2005:

Een paar ritten naar Barneveld en een weekend in zuid Drenthe volgen en de gemiddelde snelheid loopt op van net boven de 30 in het begin van de maand, naar ruim in de 32. Wel wordt het geleidelijk aan steeds winterser. Dat drukt de snelheid toch behoorlijk.

 

Begin maart 2005:

Echt winter.

2 maart ga ik met de Quest naar het werk. Het sneeuwt in de ochtend licht en in de middag nog steeds, maar iets harder. Er valt uiteindelijk vrij veel sneeuw. In Zwolle zo’n 15 centimeter, maar plaatselijk in Drente wel 50 cm.

De nacht van 3 op 4 maart is erg koud. Als ik om 6 uur in de Quest stap is het rond -17. Plaatselijk is in de NO-polder de temperatuur onder de -20 gezakt. En dat in maart!

Maar goed. Fietsen gaat wel, maar de kou heeft een remmend effect. Ook zijn de wegen niet geheel schoon en moet ik vaak over sneeuwribbels rijden. Wel schijnt de zon volop en dat levert mooie plaatjes op.

Dat het wat trager ging wordt ruimschoots vergoed door de schoonheid van de natuur.

Het gemiddelde op de heenweg blijft steken bij ruim 26. Ik ben dan ook, inclusief stops om foto’s te maken, bijna 3 uur onderweg tegen 2 uur onder “normale” omstandigheden.

Terug is het inmiddels al rond het vriespunt en kan ik toch nog met ruim 32 rijden.

 

Half maart 2005:

De winter wordt verlaten en half maart duiken we het voorjaar in. Dit levert steeds snellere ritten op.

Nadat ik op 14 maart al terug reed met een gemiddelde van 37,1 haal ik op de 16e onder voorjaarsachtige omstandigheden (18 graden en volop zon) een gemiddelde terug van 38,5. Daarmee verdwijnt het oude record van augustus 2004 (37,7) uit de boeken.

Ook de 18e weer een snelle rit en het totaal aantal kilometers met de Quest komt nu op 14000 km. Dat is in 9 maanden.

Zo door gaand zou in het eerste jaar de 20000 gehaald kunnen worden. Echter, er zitten 4 weken van vakantie bij, zodat ik vermoed dat half juni het totaal op ongeveer 17500 zal staan.

 

April 2005:

Begin april kom ik goed op dreef en het record uit maart gaat er al weer aan. Op de 7e weet ik na een werkdag thuis te komen met een gemiddelde van 39.2. Dat moet in de toekomst richting 40 kunnen gaan. De omstandigheden waren wel erg gunstig: een graadje of 11, lekker rustig op de weg en een rugwind van windkracht 5.

Ondertussen heb ik ook de eerste langeafstandsrit van het jaar gereden. Op 3 april deed ik mee aan de Prestatietocht. Hier valt een fles wijn te verdienen door als eerste boven op de Lemelerberg te komen. Door een demarrage na de oversteek van de N34 kwam ik dusdanig ver voor de groep dat ik op de klim van de Lemelerberg niet meer in te halen was. Een lekkere fles wijn was het resultaat van de inspanning.

Daarna lekker met de groep mee gepeddeld tot de Weerribben, waarna ik de groep vaarwel heb gezegd.

Ik had nog een afspraak staan bij de schoonfamilie in Vriezenveen en het tempo van de groep was net wat te laag om op tijd voor het eten in Vriezenveen te zijn.

Met de kilometers die ik daarna nog terug reed naar Zwolle kwam het dagtotaal op 258 km.

Eind april staat de totaal teller op 16300 km.

 

6 mei 2005:

Een maand met veel (2200) kilometers. Veel woon-werk kilometers, maar ook een paar grote ritten.

Op 6 mei ga ik de controle doen van de noordelijke lus van Lowlands1000, een 1000 km rit die eind juni zal worden verreden.

In alle vroegte ga ik op pad als het net licht is. Via Giethoorn, Steenwijk en Wolvega duik ik Friesland in, waar ik meteen al de eerste regenbui op de kop krijg. Bij Heerenveen weer een en nu met hagel er bij.

Wanneer ik de te controleren route oppak in Leeuwarden regent het bijna een half uur lang, maar het wordt gelukkig droog als ik de gegevens van de route moet noteren. Daarna blijft het droog en knapt het weer zelfs op. De zon laat zich steeds regelmatiger zien.

 

De vele stops om iets te noteren zorgen er voor dat het tempo gedrukt wordt en geven ook veel stilstandtijd. Even noteren, zoeken, terugrijden, het schiet allemaal niet echt op. De eerste ravitaillering doe ik na exact 130 km in Harlingen. En als ik later de Afsluitdijk over ben en in Hippolytushoef weer eens de weg moet zoeken, besluit ik om niet de hele route via Den Helder te gaan volgen, maar een doorsteek te maken naar Middenmeer. Vervolgens rij ik in Medemblik nog een paar keer flink mis.

In Enkhuizen neem ik na 234 km een tweede keer een ravitaillering en daarna de dijk op naar Lelystad.

Door Lelystad is een crime, maar Theo Homan had het een en ander goed uitgezocht en het gaat nu vlot. Nog een paar lange rechte wegen en ik ben na 319 km weer thuis. 12 uur en 3 kwartier onderweg geweest.

 

13/14 mei 2005:

De eerste echte lange afstandsrit volgt nu ook op 13 en 14 mei. In Lohne, even over de grens bij noord Twente, wordt de brevettenreeks uit Lonneker voortgezet. De data van de eerste brevetten kwamen mij niet goed uit, maar aan de 400 doe ik mee.

Het kan meteen een goede test zijn voor de Quest in heuvelachtig terrein.

De Quest vervoeren is niet eenvoudig. Er naar toe fietsen is een optie. Met 100 km heen en 100 terug wordt het totaal rond de 600. Dit moet te doen zijn.

De rit verloopt redelijk tot goed, maar vlak voor thuiskomst gaat het echt mis: Ik schat de laatste rotonde (vermoeidheid?) verkeerd in en verlaat deze op een punt waarop het net niet kan. Het resultaat is dat ik op de zijkant beland en er een paar scheuren bij de linker wielkast komen en forse schaafplekken op de zijkant van de Quest. Zelf mankeer ik nagenoeg niets. Een uitgebreid verslag is hier: 2005Lohne400 te lezen.

In totaal weer 638 km er bij.

 

Eind mei 2005:

Rond de 20e mei kan de Quest gerepareerd worden in Dronten en ik krijg een Mango mee als reserve-leenfiets. Hiermee ga ik op 23 mei mee naar Barneveld, zodat ik een redelijke indruk van deze fiets kan krijgen.

De snelheid valt mij reuze mee. Ik rij over de 125 km een vergelijkbaar gemiddelde als dat ik met de Quest zou doen. Wel vind ik de wegligging wat onzekerder. Met name het hogere zwaartepunt speelt hier bij mee. De Mango heeft geen “bobbel” aan de onderkant. Ook de vering is wat slapper, zodat ik minder snel door de bochten durf.

De kosten van de reparatie vallen gelukkig nog mee.

Aan het eind van de maand staat de teller op: 18475.

 

1 jaar Quest: 16 juni 2005.

De eerste 2 weken van juni ben ik op vakantie in de Franse Ardeche. Niet de Quest gaat mee, maar de racefiets.

Ik maak vele klimkilometers en merk dat het rijden in de zware Quest niet slecht is geweest voor de klimcapaciteiten.

Het resultaat na 1 jaar Quest is:

18474,99 kilometer, waarvan 15172,50 woon werk.

De maximum snelheid die ik heb gehaald was 90,4 km/uur.

22 lekke banden, een kapotte accu, nieuwe ketting en tandwielen, 3 nieuwe velgen.

 

22-25 juni 2005: Lowlands1000

Deze rit, die 1000 kilometer aan het totaal zou moeten toevoegen is niet uitgereden. Na 1 dag fietsen en 545 kilometer heb ik het voor gezien gehouden. Een verslag, meer van de organisatorische kant bekeken, staat hier: 2005Lowlands1000

 

Eind juni 2005:

Eind juni staat er 19650 km op de teller. Waarschijnlijk zal begin juli 2005 de 20000 kilometer overschreden worden.

 

7 weken in 2003, 2004 en 2005 (juni en juli) leverden het volgende op:

Jaar  Aant    Km’s        Tijd            Gem      Opmerking  over 125 km

2003 17    2153,14   70:23:54        30,59     racefiets           4:05:11

2004 20    2544,47   74:40:51        34,07     start Quest       3:40:08

2005 16    2103,80   59:03:57        35,62     Quest              3:30:33

 

Over een redelijk vergelijkbare periode dus een winst in 2004 van 3.5 km per uur en in 2005 nog 1.5 km/uur extra.

Gaan we uit van een afstand van 125 km per dag, dan is de tijdswinst in 2004 al 25 minuten en in 2005 komt daar nog een kleine 10 minuten bij. In totaal dus 35 minuten.

Het is nog steeds niet de drie kwartier tot een uur die ik vooraf gehoopt had, maar we komen wel redelijk in de buurt.

 

Wellicht opvallend is dat ik tot op heden in dit jaar Quest-rijden ‘s middags nog nooit langzamer ben geweest dan in de ochtend er aan voorafgaand. Een aantal factoren (de belangrijkste?) zijn van belang: de wind, de temperatuur, het hoogteverschil en mijn lichamelijke gesteldheid.

De temperatuur is in de middag vrijwel altijd hoger dan in de ochtend. Ik merk dat als het warmer wordt, ik sneller kan fietsen.

Het duurt in de ochtend altijd even voor ik op toeren ben. In de middag ervaar ik dit niet.

Het einddoel in de ochtend ligt op circa 10 meter hoogte en ik start op zeeniveau. In de middag daal ik die 10 meter weer af.

De wind heeft invloed op de snelheid. Met de wind mee rij ik sneller dan met de wind tegen.

 

In de ochtend heb ik dus hoogteverschil te overwinnen en is de temperatuur en mijn lichamelijke gesteldheid een nadeel. Kennelijk kan een wind-mee voordeel in de ochtend die nadelen niet teniet doen.

 

8 / 9 juli 2005.

Na Lowlands volgen 2 weken met woon-werk verkeer. Daarna staat een afspraak gepland met Klaas Wijnsma om het tweede deel van Lowlands, dat we beiden niet gereden hebben, alsnog te doen.

Beiden hadden we een onvoldaan gevoel bij het stoppen. Klaas omdat hij, na aanvankelijk gestopt te zijn, maar toch nog begonnen, pech kreeg na Coevorden en ik omdat ik best verder had gekund, maar het slapen mij dusdanig slecht beviel, dat ik het niet meer zag zitten.

 

Op 9 juli, om kwart voor 9 in de avond, 3 kwartier later dan we oorspronkelijk wilden, rijden we gezamenlijk weg voor een rondje van 480 kilometer. Klaas rijdt op een M5-ligfiets en ik ga met de Quest.

De eerste tientallen kilometers is het nog licht, maar het miezert ook af en toe. Als we een eerste (plas-)pauze houden na Hardenberg (50 km) wordt het tijd om de verlichting aan te doen. Het tempo daalt daarna een beetje van net boven, naar net onder de 30. Even later komen we na Coevorden langs het Stieltjeskanaal te rijden. Hier kreeg Klaas 2 weken eerder pech. Zijn voorwiel-as begaf het en daardoor schuurde de voorband langs het frame. Nu gaat het gelukkig goed, maar merk ik dat bij mij de stuurinrichting meer speling heeft dan normaal. Maar eens kijken hoe dit zich ontwikkelt. Zo het nu is, valt er mee te fietsen, maar hoge snelheden geven een onrustig weggedrag van de Quest. Ook maakt de vering van het achterwiel meer lawaai dan normaal.

 

Het Stieltjeskanaal blijven we lang volgen. Onderweg moeten we nog een keer van kanaalkant wisselen via een houten brug. Fietsen hierop is onmogelijk vanwege de haakse bochten.

 

Tegen middernacht passeren we Emmen, de eerste controleplaats. We stempelen niet want het is een gewone rit geworden.

Na Emmen gaat het over de Hondsrug door de bossen en we bereiken om half een de wereldstad Ees, waar we in een restaurant de eerste rust inlassen.

 

Bij vertrek uit Ees is de bewolking tijdelijk verdwenen en is er wat mist. Dit blijkt beide tijdelijk te zijn, want later wordt het weer bewolkt en valt er af en toe nog een sputter.

Na GasselterNIjeveen rij ik een afslag voorbij en Klaas probeert al roepend me dit mee te delen. Ik hoor hem door het lawaai in de klankkast van de Quest echter niet (we zitten op een klinkerweg) en we zoeken daarna maar een alternatieve route. Dit gaat via de Drents/Groningse veenkoloniën en zo komen we onder andere in Stadskanaal, Wildervank en Hoogezand (met een hek op het fietspad waar de Quest met veel gemanoeuvreer net doorgetild kan worden) voor we Groningen bereiken.

In Groningen is bij binnenkomst aan de Europalaan een benzinestation open waar we dankbaar gebruik van maken. Het zal vermoedelijk de laatste mogelijkheid zijn tot de volgende ochtend.

 

Groningen is eenvoudig om te doorkruisen. We moeten er van oost naar west doorheen en komen makkelijk bij het Hoendiep uit. Via dit kanaal en het Van Starkenborghkanaal doorkruisen we in de kleine uurtjes de stille gebieden van Groningen en Friesland richting Leeuwarden. Voor Leeuwarden wordt het weer licht, maar in Leeuwarden zelf is nog niets te beleven. Klaas rijdt hier meest voorop en vertrouwt op de GPS. Ik volg en heb wat moeite om niet te diep in gedachten te verzinken. Ik vergeet dan regelmatig om de pedalen rond te trappen, waarna ik weer moet versnellen om bij Klaas in het wiel te komen.

 

We gaan door via Franeker naar de volgende controleplaats Harlingen. Ook hier is alles nog in ruste. We nemen wel een korte pauze en Klaas geeft aan dat het hem net wat te snel gaat. Iets rustiger dus.

Nog 10 km en we zijn op de Afsluitdijk. Hier is Klaas kennelijk al weer hersteld, want hij zet de turbo er op. Pas na de Afsluitdijk houdt hij wat in om meteen triomfantelijk te melden de Afsluitdijk met gemiddeld 33 te is genomen.

 

Het is nu niet ver meer naar Den Helder. Dit is het verste punt, maar toch zit dan er al twee-derde van de rit op. Met 315 km op de teller vinden we een restaurant tegenover het station, waar we een ontbijt nemen. Het is een uur of 9 en het oorspronkelijke idee dat we rond een uur of 4 in de middag weer terug in Zwolle zouden zijn komt weer in beeld.

Op het stuk richting Den Helder ondervonden we het al, en nu we er weer uit rijden eveneens: het wegdek van de fietsroute door Den Helder is bar en boos.

Na Julianadorp zoeken we de N9 op en tussen ’t Zand en Schagerbrug pakken we de N248 naar Middenmeer. Na Middenmeer via een erg ingewikkelde constructie de weg zoeken naar Medemblik, maar het scheelt dat ik begin mei deze route verkend heb.

Tussen Medemblik en Enkhuizen gaan we over (onderlangs) de oude Zuiderzeedijk en bij binnenkomst van Enkhuizen zijn we wel weer toe aan een ravitaillering. Het voor mij bekende BP-benzinestation voorziet in de behoefte en we kunnen er weer tegen. Dat moet ook wel want de dijk Enkhuizen-Lelystad wacht.

 

De dijk begint erg mooi met goed wegdek en een forse afdaling waar ik de top van de dag met 63.8 km/uur bereik, maar al snel wordt het saai. De wind is schuin tegen en het wegdek wordt erg slecht. Een uur later zijn we toch bij Lelystad. Ik had de noordkant van Lelystad op een klein akkefietje na goed in de routebeschrijving staan en via talloze fietspaden langs de rand van Lelystad komen we probleemloos op de doorgaande weg naar Swifterbant.

Meteen komt dan ook de eerste echte panne: een doorgedrongen steentje zorgt voor een lekke achterband van de Quest. 10 minuten later is de speling met het 4-uur-terug-schema opgebruikt, maar we rijden weer.

 

Swifterbant en Dronten volgen en net als we de polder uit willen rijden, gaat de brug bij Roggebotsluis omhoog. Vijf minuten extra pauze is het gevolg. We doorkruisen Kampen en beklimmen de Zuidelijke brug over de IJssel aldaar. Het tempo blijft op goed niveau en even later komen de contouren van Stadshagen, Zwolle’s nieuwste wijk in de Mastenbroekerpolder in zicht.

Het is 20 seconden over 4 als we terug zijn op het punt van vertrek.

 

De afgelegde afstand is 470 km geworden en met in totaal ruim 19 uur is dat bijna 25 gemiddeld.

Het fietsgemiddelde ligt op 29 per uur.

We zijn onderweg erg weinig verkeerd gereden en mede dank zij de GPS van Klaas was het vrij eenvoudig om de route te volgen.

 

We feliciteren elkaar met het bereiken van het doel.

 

Gerrit

 

Wordt vervolgd.

Verder naar Quest2005-02:            http://www.geocities.com/gerinri/Quest2005-02.htm

 

Terug naar de Questpagina:        http://www.geocities.com/gerinri/Quest.html

Terug naar deel 1:                             http://www.geocities.com/gerinri/Quest01.htm

Terug naar deel 2:                             http://www.geocities.com/gerinri/Quest02.htm

 

Hosted by www.Geocities.ws

1