![]() |
![]() |
| Pagina 20 Het viel allemaal reuze mee. De tocht was heftig met dat gekletter van de boot op het bruine water, maar het uitzicht op de dorpen, de zwaaiende en hello roepende kinderen, de jongens die koeien in het water aan het wassen waren, de talloze rieten hutjes met enorme hoge televisieantennes maakte veel goed. Na een uur had ik het idee dat m'n nieren in m'n keel zaten, doof was van het geruis van de wind en geblakerd door de felle ochtendzon. Het was even na achten dat we er waren . We worden afgezet en het blijkt een dorp te zijn waar van enige verharding geen sprake is, de paden versierd zijn met kleurige stukjes stof omdat het een boeddhistische feestdag is, monniken op blote voeten eten gaan halen en kinderen wegschieten zodra ze ons aan zien komen. We komen aan bij de school waar het lesprogramma al af is en er daardoor niet of nauwelijks meer gewerkt wordt. Zo'n school bestaat uit een aantal losse gebouwen op een terrein waar ook elke vorm van verharding ontbreekt, onder een boom alle brommers van de meesters en juffen staan en we welkom geheten worden door de directeur. Niemand spreekt Engels, maar Niek en Brigit een woordje Khmer zoals de taal hier heet. De klassen zijn niet vol, maar zo liet Niek me weten normaal zitten er 50 kinderen in elke lokaal. Schoolborden ontbreken, met een potje zwarte fietsenlak is er een bord op de muur geschilderd een handig bakje voor krijtjes ontbreekt evenals landkaarten aan de muur. Als we binnenkomen gaan de kinderen allemaal staan en als ik een foto maak verschijnen er schuchtere lachjes. In de teamroom die lijkt op een garage zonder daglicht hangen grafieken aan de muur die aan moeten geven dat het de goede kant op gaat met het onderwijs in Cambodja. Een dorp verderop staat een nieuwe school en daar gaan we ook even heen. We mogen allemaal bij een meester achter op de brommer en ook nu weer valt me op hoe ongelooflijk slecht de wegen en paden zijn. Dit is een kleipad met kuilen, bruggetjes die vervaarlijk kraken als je er op rijdt en waar het me in de regentijd helemaal geen doorkomen lijkt. De nieuwe school staat op palen van ca. 2,5 meter hoog zodat de kinderen naar school kunnen als de Mekhong buiten zijn oevers treedt. Vanaf de balustrade hebben we een uitzicht op het ma�sveld en een van de meesters zegt: 'naam'. Frans antwoord ik direct. Nee, hij bedoelde Nam, ofwel Vietnam waarvan het tweede deel met een lange a wordt uitgesproken. We zitten namelijk twee kilometer van de Vietnamese grens af en kunnen het land zo zien liggen. We sluiten het bezoek af met een ijskoffie in een restaurant dat aan het kleipad gelegen is. Dat pad vormt de belangrijkste verkeersader tussen de dorpen. Je ziet er vrouwen met bamboehoeden en zakjes ijswater lopen, kinderen in kleurig vloekende kleding, mannen met bromfietsen die een kooi vol met levende, vette ratten vervoeren en verkopen in Nam waar ze er dol op zijn. Of een man met een bamboekooi vol biggen, een man met 50 levende kippen met de poten aan elkaar vastbonden achter op zijn brommer, een man met een winkeltje op zijn borst waar je leesbrillen, aanstekers, kammen, scharen, nagelknippers, balpennen, mobiele telefoons en zak- en scheermesjes kunt kopen. Toen de koffie op was reden we weer terug naar het dorp waar de boot lag. Onderweg liepen mannen door bergen rijst heen die ze omwoelden om in de felle zon laten drogen, zag ik hopen vol met oranje ma�s liggen waar de kippen af en toe stiekem aan liepen te pikken en hoopte ik niet van de brommer af te knallen met m'n tas en dure camera. We bedankten de mensen die ons rondgeleid hebben vriendelijk, onze bootsman heeft zijn integraalhelm al weer op en na weer een uur zijn we terug in de grote stad. De tweede avond sliep ik stukken beter. Ik hoorde nog wel geblaf maar was kennelijk dermate uitgeput van de nacht ervoor en de boottocht dat ik er de meeste keren doorheen sliep. We hebben de markt van het stadje dat aan de andere kant van de rivier ligt bezocht, een tweede avond van de volle maan genoten en tevreden over deze excursie reisden we de volgende dag weer terug naar Phnom Penh. Ik nam de gekochte rieten mand, visfuik en lectuurbak van Niek en Brigit mee in de bus en zij reden terug naar Phnom Penh. Ik kwam er op zijn elfendertigst achteraan... Lees verder op de volgende pagina.... Inhoudsopgave startpagina |