Home Up The art of brewing Belgian Breweries Beer Kitchen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Up Next

Grondstoffen

Men maakt voor de basisgrondstoffen een onderscheid tussen zetmeelbronnen (gerst, tarwe, maïs, rijst e.a.), water en hop.
Verder zijn er ook heel wat extra toevoegingen mogelijk.

1.Gerst

De gerstkorrel bevat gemiddeld 60 tot 65% zetmeel, 8 tot 13% eiwitstoffen en 0,1 tot 0,3% looistoffen (tannine). Verder bevat ze nog water, minerale stoffen en vetstoffen. Door weersomstandigheden kan het zijn dat deze gemiddelden door elkaar geschud worden.

Zetmeel is het materiaal dat omgezet wordt in alcohol en koolzuur.

Eiwitten zijn nodig voor de voeding van de gist en zijn ook smaakbepalend. Gekiemde gerst bevat van alle graansoorten veruit de meeste enzymen, die zetmeel en eiwit afbreken. Het kaf vormt  later een natuurlijke filter. Men vertrekt meestal van gerst, en niet van andere graansoorten zoals rijst, tarwe of maïs.

 

Door gebruik te maken van andere graansoorten kan men de verhouding zetmeel/eiwit wijzigen. De meest gebruikte alternatieven zijn: rijst met een zeer hoog zetmeelgehalte (70% tot 90%) en een laag eiwitgehalte, maïs 63 tot 85% zetmeel en tarwe dat minder zetmeel en in verhouding meer eiwitten bevat

2.Water

De samenstelling van water is 100% controleerbaar. Talrijke ionen hebben  invloed op het brouwproces. Zo bevorderen de ijzer-ionen het bierschuim en geven ze een lichtbruine kleur aan het schuim; fosfaten zouden een hardere bittere smaak geven. Sommige ionen vertragen het brouwproces. Het hard of zacht zijn van water kan slechts bij pilzen en bij sommige minder gehopte exports geproefd worden in optimale proefomstandigheden. Bij alle overige bieren zijn er te veel andere smaken die de smaak van water overheersen

3.Hop

Hop bestaat uit verschillende componenten waarvan er drie brouwtechnisch de belangrijkste zijn: hopharsen, looistoffen en hopoliën. Hopharsen en hopoliën geven aanleiding tot een bittere smaak en de looistoffen zijn verantwoordelijk voor het droge mondgevoel.
Zoals bij alle landbouwproducten wordt ook de samenstelling van hop bepaald door de natuur. Zo kan een hopsoort het ene jaar zeer rijk zijn aan hopharsen en het andere jaar veel armer. Brouwers die niet over de analytische controlemogelijkheden beschikken kunnen dus bieren brouwen die het ene jaar bitterder zijn dan het andere.


4.Grondstoftoevoegingen

Vele brouwers voegen allerlei stoffen toe met verschillende bedoelingen. Het is onmogelijk per bier aan te duiden welke stoffen zijn toegevoegd. Deze informatie valt voor vele brouwers onder het beroepsgeheim. De voornaamste noemen we hieronder op.

De smaakbepalers  geven een extra aroma aan het bier. Het gaat hier over siroop van krieken, frambozen, aardbeien, verder nog echte krieken, echte frambozen, sinaasappels, kruiden zoals koriander en jeneverbes. Voegt men echt fruit toe dan kan de smaak van de bieren van seizoen tot seizoen verschillen.

Door  suiker (en/of honing, kandij, gist) creëert men een hergisting op de fles. Dit gebeurt meestal bij ongefilterde maar soms ook bij gefilterde bieren die men (met eventueel een andere gistcultuur) toch wil laten hergisten. Het gebeurt zelfs dat men een bier van lage gisting laat hergisten op de fles door toevoeging van een hoge gist.

Kleurstoffen zoals karamel veranderen de kleur, die normaal bepaald  wordt door de moutsoort die men gebruikt heeft.

Schuimstabilisatoren geven het bier een prachtige gelijkmatige kraag. Gebruikte stabilisatoren zijn zeewierextract en ijzerverbindingen.

Schuimstabilisatoren geven het bier een prachtige gelijkmatige kraag. Gebruikte stabilisatoren zijn zeewierextract en ijzerverbindingen.

Saccharine wordt gebruikt om het bier kunstmatig te verzoeten. Op het etiket moet de vermelding 'kunstmatig verzoet' terug te vinden zijn. Dit geldt niet voor geuzen, maar daar is het zonder meer te proeven, want een zoete geuze van 100% spontane gisting bestaat niet.

Door het toevoegen van troebelmakende stoffen verkrijgt men alsnog een kunstmatige troebelheid. Die  ontstaat soms door hoogmoleculaire eiwitverbindingen.

Klaringsmiddelen  daarentegen kunnen verbindingen aangaan met de eiwitten, zodat deze bezinken en verwijderd kunnen worden.

Indien een brouwer vindt dat de gisting te weinig koolzuurgas  heeft geleverd of indien er tijdens de gisting te veel koolzuurgas is ontsnapt, dan kan hij deze kunstmatig toevoegen Bij de meeste Belgische en Nederlandse bieren gebeurt dit.

Om een bier langer zijn oorspronkelijke smaak te laten behouden worden soms bewaarmiddelen toegevoegd.

 

Hosted by www.Geocities.ws

1