WIELERZESTIENDAAGSE ANTWERPEN JANUARI 28 2000
Men kan zich het volgende inbeelden:
Doorheen de vette ochtendmist wurmt zich een gestaag aanzwellend jambisch ritme. Het evolueert van een tikkend geluid tot een ferme cadans wat uiteindelijk de krachtige voetstappen blijken te zijn van een voorlopig nog niet nader gekend aantal forse manskerels, maar aanschouwt verworpenen der aarde... ! Daar doorklieft reeds het eerste gestroomlijnde onderbeen de door de adem van een ruw ontwaken draak gevormde nevel. Men vangt nog snel een glimps op van een Kuit (hoofdletter K inderdaad alsof het een opperwezen betreft) of daar doemt vanuit een andere hoek al een buitengewoon ontwikkelde dij op, en daar een atletische arm, hier een Hellenistische torso en ginder een neus die niet zou misstaan in een Egyptisch profiel. Ergens zweven er een koppel bovenmaatse oren, grijze haren gaan je rakelings voorbij, een Breugheliaanse onderbuik komt uit het niets op je af, en kijkkijkkijk...
Vijf atleten zijn opgestaan, gepuurd uit de Vlaamse zoden en zompen, met slechts 1 doel voor ogen. Als we die blik volgen, terwijl ze aan ons voorbij draven waarbij ze hun gespierde ruggen en dito achterwerken openbaren (achterwerken die volgens de legende aan ene Mario C. de uitroep " Che forza Flandria!!" zouden hebben ontlokt), verrijst daar uit de grond de Plaats des Oordeels, de Arena der gevleugelde voeten, het Hippodroom van de wilde pedalen, het Purgatorium van de veelspakigen: Het Sportpaleis van Antwerpen waar naar aloude gewoonte de Wielerzestiendaagse wordt gehouden.
Met vastberaden tred naderen ze de toegangsdeur en als een perfect geoliede machine gaan ze zonder aarzeling in een als hemelse nectar vloeiende beweging binnen. Ze banen zich een weg doorheen het doolhof naar de kleedkamers. Daar kleden ze zich om en begeven ze zich met een vastberadenheid die verraadt dat ze duidelijk van plan zijn hun eer, hun kieuwbogen en andere uit primordiale tijden stammende nutteloze aanhangsels, ten alle koste als een duivel in een wijwatervat te verdedigen, naar hun Nemesis van weleer: de uit machtig hout door tegen de goden rebellerende reuzen opgetrokken wielerpiste.
Als ze oog in oog staan met die verradelijke Ring van Moebius, flitsen er hun allerlei beelden voorbij en stilzwijgend maken zij de balans op.
Dit jaar zal hun trolachtige, self-made coach hen niet meer bijstaan met raad, daad en prostaat in de vermaarde Bocht van Vernederende Doodssmakken. In diezelfde bocht nemen zij een minuut stilte in acht uit respect voor hun teamgenoot Pieter B. die vorig jaar zeer heldhaftig aan de haal ging met ongeveer 1 cuub hout in zijn heup, in een overigens zeer geslaagde poging om de ongelovige ambulanciers diets te maken dat het gegeven woord van een Platte Tuber heilig is. "Gasthuisberg" is " Gasthuisberg"!! Onze dappere vriend moest helaas nu verstek laten gaan, schijnbaar omdat hij zijn maandelijks quotum fellatio bij zijn oversten nog niet had bereikt. Onze sympathie gaat desalniettemin nog steeds naar hem uit, zeker als we opmerken dat het incident minstens even diepe littekens in de wielerbaan heeft geslagen als in de dijen van onze niet enkel s nachts met evenwichtsstoornissen gezegende wilde stepperuiter. Trouwens, even later herleefden onze helden het hele gebeuren opnieuw toen een minstens even lelijk manspersoon een zeker even lelijke val maakte op identiek dezelfde plaats. Dat was een zeer emotioneel moment en even werd het warm in ons aller hart. De geest van Stanneke blijft zijn slachtoffers maken...
Ook andere renners moesten de wielerbroek thuis laten zoals de nog steeds in mysterie gehulde klassebak Zeger S., de Torero van de Molenberg; zoals de Luxemburgse tak van de Platte Tube, de tactisch sterke Peter D.C., die de stiel leerde door de clandestiene geldtransporten te verzorgen van een niet nader genoemde Christelijk Vlaamse Partij; of zoals het conditiebeest Wim E. Gelukkig blijven sommige zaken onveranderd. Het waren dezelfde dames achter de toog en als vanouds stond de cola te koud.
De ervaren pisterenners Stijn S., Willem "Fak" V. en Johan V.P. mochten echter de frisse en gretige benen verwelkomen van nieuwkomers Joris V.W. en Bart V., gelukkig samen met hun andere ledematen en lichaamsdelen.
Vanaf het eerste rondje, dat door iedereen vlot genomen werd als betrof het een vakantielief, was de toon gezet en reden allen het uur vol op de voor hem zo typische wijze.
Stijn S. domineerde oppervlaktegewijs de hele tijd door met een authoritaire uitstraling rondjes en sigaretten te draaien, fotos te nemen en advies te geven. Het lijkt ons verre van onmogelijk dat hij in zijn wielerherfstdagen nog een fantastische carriere zou opbouwen als derny. Laat ons echter hopen dat hij doorgaat op zijn huidig elan zodat we nog lang mogen genieten van zijn eigengereide onnavolgbare stijl.
Johan V.P. daarentegen was duidelijk niet in zijn element en blijf heel bescheiden rondjes rijden.Achteraf riep hij het excuus in van jetlag hoewel men nu misschien zijn cowboyverhalen over zijn wieleravonturen in de USA met iets meer scepsis moet bekijken, indien nog mogelijk. Het enige dat echter nog niet in twijfel getrokken mag worden, is zijn schijnbaar buitenaards vermogen om met technisch bijzonder vaardige hoogstandjes elke vorm van wieltjeszuigen op Rabeliaanse manier in de kiem te smoren. De spanning en het methaangas was weer te snijden.
Willem V., met zijn expertise als mountainbiker en als bedwinger van de Mont Ventoux a rato van 8 km per uur, gooide hoge ogen. Hij liet zijn soepele, panterachtige stijl bewonderen en stelde ook nu zijn sponsor Gitanes niet teleur door zijn fluimen zo sierlijk te vormen en te deponeren dat het slechts een halfuurtje duurde eer National Geographic arriveerde om een reportage te maken over de vreemdsoortige geelgroene slakkensoort die zich uitermate snel verspreid leek te hebben over de hele piste. Een nieuw wereldrecord is duidelijk in de maak.
De prestaties van debutant Joris V.W. mogen met een gerust gemoed zeer bevredigend genoemd worden en bewezen dat als hij deze vorm kan aanhouden, er ons nog veel moois staat te wachten; zij het wel op voorwaarde dat hij leert iets minder krachtdadig naar de tapsters te knipogen zodat zijn lenzen op hun plaats zouden blijven. Ook is de tijd wellicht aangebroken voor onze vriend dat er iemand hem kundig maakt dat grijze haren inderdaad sexy maken maar dat er daar ook grenzen aan zijn (een taak voor heerschap Pieter B. misschien?).
Ontegensprekelijk stal het tweede debuterende lid Bart V. de show. Hij volgde vlotjes mee in het achterste deel van de kopgroep en klampte indrukwekkend aan in de bochten met gevaar voor lijf en leden en liefst beide van iemand anders. De gretigheid en gulzigheid waren overduidelijk, zeker als men beseft dat hij in feite een uur lang op een muur van lillend vlees heeft gestaard. "De kannibaal" van de Platte Tube is geboren, doch zijn vegetarische levenswijze zal het nog hard te verduren krijgen. Ooit komt de dag dat Bart echt ergens zijn tanden in kan zetten en wij kunnen enkel de hoop uitdrukken dat hij dat moment niet vlak achter ons rijdt.
Kortom, na het uur volgereden te hebben, zijn onze helden snel huiswaarts gegaan, zij het wel na het ledigen van alle pintjes die de tapsters, verkeerdelijk aannemend dat elk knipoogje van Joris V.W. een rondje betekende, hadden uitgeschonken; en na een versterkend hapje (20 kilo Moussaka) in een nabijgelegen uitspanning. De onversaagden lieten zich gewillig weer opslokken door de mist en lieten ons "moe maar tevreden" achter.
Men kan zich het vorige inbeelden.
Men kan zich zoveel inbeelden...
Terug naar de verslagen 1997-2000