| Hello tourist how are you?? De weg in India begon stoffig en was lang, druk en wiebelig. Dit laatste omdat we het gewicht op de fiets toch wel ontwend waren. Hoewel de gedachte Delhi uit te fietsen menigeen al een rolberoerte zou kunnen bezorgen, bleek het een eitje. Alleen de dagen erna waren heftig door al het verkeer. Maar eenmaal dicht bij de grens klaarde het letterlijk en figuurlijk op. Er waren steeds minder auto's en huizen en het landschap om ons heen werd zichbaar. De laatste kilometers India fietsen we door bossen en rijstvelden, met aapjes die ons vergezelden. Onverwachts kwamen we in een gigantische drukte: de Ganges! Voor dit heilige water komen hier duizenden mensen bijeen om te zwemmen, zich te wassen en een boottochtje te maken. Een prachtig, indrukwekkend en kleurrijk gezicht. Toen we dit alles gadesloegen, werden wij op onze beurt door iedereen omsingeld en bekeken. Er werd zelfs nog een interview afgenomen voor de tv... De grens was de vreemdste die we ooit hadden gezien en we hebben er toch al heel wat achter de rug, zou ik zeggen. Eerst honderden bussen, die daar permanent leken te staan en waar mensen zelfs kampeerden. Daarna kwamen een immens lange, dunne brug waar wel duizenden mensen overheen liepen. Geen toerist te bekennen, alleen Indiers en Nepalezen. We moesten op zoek naar de Indiase migratiepost, wat een houten kotje bleek te zijn. De beambte ontdekte tijdens het stempelen onze Dazzer, het hondenafschrikmiddel met een hoge piep. Dat moest ie even uitproberen, natuurlijk. Nadat Pat hem van een nest puppies had weten af te trekken, rende hij met zijn dikke buik het hele terrein af, achter een zwerfhond aan die niet wist hoe snel hij weg moest komen. Een zeer komisch tafereel. En toen begon voor ons het Nepal-avontuur. Het voelde om de een of andere reden neteen een stuk relaxter dan in India. Er was weinig verkeer en veel groen. We konden de bergen zien, maar de weg was zo plat als een dubbeltje. De kindjes zwaaiden en riepen ons overal na. In twee lange dagen fietsten we naar een National Park en hoewel de weg ernaartoe heel erg slecht was, kwamen we aan in een paradijsje. Hutjes van klei midden in de jungle, omringd door kleine dorpjes. We ontmoette er Casper, een Nederlander met een truck en het was heel gezellig. We besloten, toch een beetje angstig, om het park te voet te bezoeken, met twee gidsen. De weg was tof en we zagen vogels en drie verschillende soorten herten. We liepen terug en plots keek de gids ons aan met een giga glimlach en wees in de verte. Wij dachten vogels te zien, maar het bleken de oren te zijn van twee prachtige neushoorns!! In een euforische stemming keerden we terug, totdat een van de gids riep: RUN!!!!!!! We keken omhoog en zagen een gigantische zwarte olifant inclusief slagtanden...We hebben nog nooit zo hard gerend. De dagen erna maakten we veel kilometers. Misschien iets te veel, want vlak voor de bergen begonnen, was ik op. Ik voelde met rot, joh. Pat heeft me hele stukken moeten duwen, want ik moets steeds bijna hyperventileren. Ik had last van mijn darmen, maar zoals meestal zat het gewoon vooral in mijn kop! Heimwee?? Na een paar dagen rusten, was ik er weer helemaal klaar voor. Ik voelde me sterk en dat hadden we nodig, want we moesten 30 km lang klimmen. Het herinnerde ons eraan hoe geweldig de bergen zijn. Om elke bocht wordt je beloond met mooie uitzichten. Overal waren rijstvelden tegen de bergwand aangeplakt. Prachtig. We genoten intens. Boven was een mooie stad, Tansen, met een volledig uit hout gekerfde stupa. De dag erna daalden we 25 km lang alleen maar af. Ook best prettig. Ongelooflijk dat je kunt vergeten hoe fantastisch fietsen is 1 2 |
||