| Slavische volk & mythen deel 2 |
| LEVENDEN , DODEN EN GEESTEN. Leven en dood liepen in elkaar over in het Slavische geloof in het hiernamaals, en dat betekende dat de dode evengoed werd gef�teerd als een bruidspaar. Het jaar rond werden de hechte band tussen de levenden en de doden versterkt met rituelen en feesten. Lang voordat het Christendom de belofte van het eeuwige leven bracht, wisten de Slaven dat de ziel voortleefde na de dood. De dood was slechts een poort naar die andere wereld, het was het begin van een reis, geen einde. Volgens een oud geloof voer de ziel naar de andere wereld, een reis die net als elke overtocht moest worden betaald. Aanzienlijke figuren werden soms verbrand en begraven in een boot, hun persoonlijke transport naar een land voorbij de aarde. helden konden die tocht bij hun leven al maken, in de Slavische wondersprookjes, volbrachten ze taken en bedwongen ze demonen , om tenslotte met glorieuze trofee�n terug te keren. De reis was ook in omgekeerde richting mogelijk, uit dat mysterieuze duistere rijk stroomden schimmige geesten deze wereld binnen, gedreven door de meest ondenkbare begeerten, om de aarde te bezoeken met visioenen van huiveringwekkend kwaad. De geheimzinnige Koschei , de onsterfelijke is een unieke figuur in de Slavische folklore en mythen. Koschei bestond alleen in de verhalen en werd niet geacht ook werkelijk rond te waren door het land, maar desondanks geeft hij een facinerend beeld van de Slavische opvattingen over de dood, want het leven van deze man was gescheiden van zijn lichaam. Zijn leven bestond buiten hem, en was verborgen in een ver land. Baba Jaga Met haar mengeling van huiselijkheid en moordzucht is Baba jaga wel de meest vreemde geest van allemaal. Deze oude heks , die haar slachtoffers naar haar huis diep in het woud lokte, werd vaak overtroefd en was soms zelfs onbewust een goede kracht. Een ontmoeting met Baba Jaga liep niet altijd rampzalig af voor haar tegenstanders. Soms viel ze zelf voor de meest eenvoudige listen. MAGIE De magie van de mythische wereld van de Slaven zorgden ervoor dat niets ooit was wat het leek. In raadsels maakten de verbeelding iets wonderlijks van de meest alledaagse verschijnselen. Terwijl spreuken iets zelfs een geheel andere gedaante konden geven. Op een eiland in zee , luidt een oud Russich raadsel, zit een vogel die alles heeft gezien, de tsaar is Moskou, de koning in Litouwen, eht kidn in de wieg van de oude kluizenaar in zijn cel. Zij is de dood die iedereen hoog of laag, klein of groot, zonder onderscheid of meelij verslindt. Deze zijdelingse verwijzing naar de dood kwam deels voort uit angst , maar de populariteit van raadsels als deze wees ook op de overtuiging dat de taal van raadsels, door een waarheid tegelijk te versluieren en te openbaren, een uiting was van het mysterie van de werkelijkheid die de Slavische volken omringde. Tovenarij was een wezenlijk deel van het Slavische leven en werd van oorsprong ook niet als zonder meer verderfelijk beschouwd. Tot ver in de negentiende eeuw werd in afgelegen gebieden even vanzelfsprekend de plaatselijke tovenaar als de dorpspriester geraadpleegd. Men bezocht hen met alle vragen over het leven, geboorte, huwelijk, dood, enz. De Slaven waren overtuigd van de grote macht van spreuken en toverdrankjes , ieder kwaad wekte achterdocht, was de ziekte soms het werk van een tovenaar? of zelfs van iemand die plots een toverrecept had ontdekt. De Slaven koesterden ontzag voor tovenaars om hun macht over de natuurkrachten. Ze hadden echter niet alleen het weer in hun macht, maar konden ook materie van vorm doen veranderen en zelfs hun eigen voorkomen veranderen. Ook de weerwolven komen uit deze streken. |
| naar deel 3 |