Maar er zijn er ook - en wel vooral oudere heren, meer drinkebroers dan rokkenjagers - voor wie drinkgelagen het hoogste genot vormen. Of er nu wel een leuk feest kan bestaan waar geen vrouw aanwezig is, moeten anderen maar uitmaken. Dit staat in elk geval vast, dat zonder de specerij der dwaasheid volstrekt geen enkel festijn gezellig is. Dat blijkt wel hieruit: als er niemand is die met echte of geveinsde dwaasheid het gezelschap aan het lachen kan maken, huurt men een of andere komiek of nodigt een humoristische tafelschuimer uit om met grappige, dat wil zeggen: dwaze opmerkingen de stilte en somberheid van het drinkgelag te verdrijven. Wat voor zin zou het immers hebben om met al die zoetigheden, al die schotels, al die heerlijkheden zijn maag te overladen als niet tegelijkertijd ook ogen en oren, ja, heel de geest kon genieten van spot, grappen en geestigheden? Welnu, van dat soort desserts ben ik, en ik alleen, de bereidster. Trouwens, juist ook die bij drinkgelagen gebruikelijke spelletjes zoals: erom dobbelen wie het gelag zal lijden, pokeren, tot een vriendschapsdronk uitnodigen, wedstrijden met rondgaande bekers, 'drie maal drie is negen', dansen, pantomime spelen, dat alles zijn geen uitvindingen van de 'zeven wijzen' van Griekenland, maar van mij, tot heil van het mensengeslacht. De aard van al dit soort zaken is voorwaar deze dat hoe meer zotheid ze bevatten, des te meer ze bijdragen tot het leven der mensen; want als dat somber is, kan het zelfs geen leven genoemd worden, dunkt me. En het moet wel somber worden als men niet de er zo hecht mee verbonden walging afwist met dit soort amusement.
[Erasmus]