| 4.5 Deelbesluit In dit laatste hoofdstuk beschrijf ik de werkelijke situatie op de Vlaamse rolstoelmarkt. Na de bespreking van enkele kritiekpunten worden er suggesties gegeven hoe deze zouden kunnen worden aangepakt. Een eerste en belangrijke bron van kritiek is dat het overheidsingrijpen op de Vlaamse rol-stoelmarkt nadelen heeft voor alle marktpartijen. Rolstoelgebruikers en verstrekkers kunnen mekaar niet vinden, daar beiden beschermd worden door de wet op de privacy. De producenten klagen over de trage papiermolen en de Europese Commissie klaagde over de belemmering van het vrij verkeer van goederen binnen Europa. Ook de werkwijze van individuele verstrekkers is vaak onderwerp van kritiek. Waar het rolstoelaanbod de -vraag wel kan ontmoeten doen zich al te vaak haast monopolistische situaties voor. De mutualiteiten, als tussenpersoon tussen de pati�nt en de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering, hebben eigen hulpmiddelenwinkels en verliezen daardoor hun objectiviteit. Andere contactbronnen die intermedi�ren tussen vraag en aanbod, zoals voorschrijvende geneesheren of instellingen, zijn ook niet altijd even objectief. Zij werken met ��n vaste verstrekker die als eerste en vaak als enige aan de pati�nt wordt voorgesteld. Na deze kritiekpunten wordt de rol van de overheid onder de loep genomen. Eerst wordt conceptueel omkaderd dat de primaire functie er ��n van informatieverstrekking zou moeten zijn. Verschillende bronnen wijzen op het belang van de uitbouw van een volwaardig autonome, sociale sector. De rolstoelmarkt als onderdeel van de gezondheidseconomie maakt hiervan deel uit. Tevens werd er gewezen op de noodzaak van informatie-verstrekking voor het optimaal functioneren van deze sociale sector. Het marktonderzoek bij rolstoelgebruikers toonde dat de overheid niet slaagt in deze rol. De databank die door het VLICHT werd opgesteld met alle hulpmiddelen voor gehandicapten kan uitgebreid worden en moet zeker beter gecommuniceerd worden naar de markt. De voorschrijvende, of de controlerende, geneesheer, zijn beiden verplichte schakels waarlangs elke rolstoelgebruiker moet passeren wil hij in aanmerking komen voor financi�le tussenkomst door het RIZIV. De arts zou dan ook de pati�nt moeten inlichten over en via de databank. Het informatiepakket kan worden samengesteld door de verschillende actoren op de markt in overleg, zodat er geen sprake meer kan zijn van monopolistische situaties. De consument zou dan zelf kunnen kiezen of hij al of niet blijvend ge�nformeerd wil worden en periodiek gelijkaardige informatiepakketten per post wil ontvangen. Een andere weg naar meer transparantie zou reclamevrijheid kunnen zijn. Die zal omwille van het ongewenste karakter van een rolstoel, en de duidelijk gespecificeerde terugbetalingstermijnen van het RIZIV de consumptie van rolstoelen niet drastisch veranderen. Dit is nochtans de vrees van de overheid, die haar terugbetalingsbudget binnen de perken wil houden en daarom reclame, naar mijn mening onterecht, streng beperkt. De creatie van dit nieuwe marketingcommunicatiekanaal heeft implicaties voor alle partijen op de markt. De rolstoelgebruikers zouden graag meer informatie ontvangen en krijgen een grotere keuzemogelijkheid als de markt transparanter wordt. De verstrekkers staan nu nog wat onwennig tegenover dit idee maar zullen zich beter kunnen onderscheiden als ook dit nieuwe kanaal goed ge�ntegreerd wordt in de totale marketingcommunicatiemix. De overheid vreest onterecht voor een stijging van haar terugbetalingsbudget. De ongewenstheid van het product en de vastgestelde hernieuwingstermijn, die onveranderd blijven, maken dat de toegenomen informatie de vraag niet aanzienlijk zal veranderen. De sociale impact van marketing in het algemeen, die in alle sectoren voelbaar wordt, zal op de rolstoelmarkt om dezelfde redenen beperkt blijven. |