|
Doe je werk met lust en ijver,
ook al doet je hartje pijn.
Probeer ook in je droefste dagen,
het zonnetje te zijn!
|
 |
Ik heb
je leren kennen
wat mij
geheel niet spijt
Ik moet
je eerlijk zeggen
je bent
een leuke meid
|
|
|
 |
Ik zou je willen geven:
Een pondje rozegeur
En een zak vol hoop op zegen
En een kilo fleur en kleur
En een handvol welbehagen
En een pluimpje op je hoed
En al je levensdagen
Een opgewekt gemoed |
|
| |
Als je een als grootmamaatje
Zitten zult naast grootpapaatje
Met wat koffie en een koekje
En je bladert in dit boekje
Denk dan eens met blijde zin
Aan je vroegere schoolvriendin.
|
 |
Het leven is een ketting,
met kraaltjes groot en klein,
maar ook het kleinste kraaltje
kan heel belangrijk zijn !
|
|
| |
Mij mag je gerust vergeten
Als je mijn wens maar onthoudt
En die is, dat zul je zult worden
Een fijn mens, geliefd en vertrouwd
Iemand die niet altijd alles
Beter kan of beter weet
Die niet steeds over zichzelf wil praten
Maar zijn tijd aan een ander besteedt
|
 |
|
|
 |
Wel kleine plaag,
Wou jij zo graag,
Dat ik voor jou,
Een versje maken zou,
Ik kan het niet,
Zoals je ziet,
Zeg daarom maar alleen,
Vergeet mij niet. |
|
Vriendinnetje groot
Kikker in de sloot
Meisje blij
Schaapje in de wei
Koe zegt boe en zeker weten
Ik zal jou niet Vergeten.
|
|
| |
|
Een vriendelijke lach
is wat ieder graag mag.
Een vriendelijk woord
is wat ieder graag hoort.
Maar een vriendelijke daad
is het allermeeste waard! |
 |
|
|
| |
Een krekeltje in het groene gras
Een kikker in een waterplas.
Een honingbijtje op een bloesemtak.
Een goudvis in een vissenbak
Die leren je, dat al wat leeft
Een zinvolle bedoeling heeft
|
 |
Ik ken een aardig meisje
wil je haar eens zien?
Kijk even in de spiegel
Dan zie je haar misschien |
|
|
|
 |
Wat ik je wou zeggen
Wat ik je uit wou leggen
Wat je nooit had verwacht
Wat je niet had gedacht
Wat je beslist moet weten
Wat je niet mag vergeten
Wat je echt onthouden moet
Wat je vast niet had vermoed
Wat ik je alleen maar wensen kan
Ik wens je voor later;
Een leuke man! |
|
|
| |
heel veel plezier,
en soms een traantje
heel veel zon,
en soms een maantje
meestal wakker,
en soms wel een moe,
een heleboel vrienden,
dat wens ik je toe!
|
|
 |
Een vriendelijk gezicht
brengt overal licht.
Een hartelijk woord
wordt graag gehoord,
Probeer in dit leven
steeds aan anderen te geven.
Dan zul je bij groot en klein
altijd van harte welkom zijn.
|
|
| |
Je hebt soms van die dagen
dat alles tegen zit,
maar helpt het dan te klagen?
Nee hoor, geen sikkepit.
Laat dus je hoofd niet hangen,
zet alles op een rij
en schoudertjes er onder,
ook zorgen gaan voorbij.
|
 |
|
|
Ik heb je leren kennen,
Hetgeen me helemaal niet spijt,
Ik heb het ondervonden,
Je bent een leuke meid. |
 |
Ik zit in een hoekje
En schrijf in jouw boekje
Een heel enkel zinnetje
Voor mijn vriendinnetje |
|
|
 |
Wees blij als je jong bent,
Het leven is fijn.
Straks komen de dagen
Dat het niet zo zal zijn.
Geniet van het leven
Zo is het bedoeld
Voordat je de last van de ouderdom voelt. |
|
|
| |
Wandel steeds op rozenpaden
Vrij van kommer en verdriet
Pluk de roos maar wees voorzichtig
Steek je aan de doornen niet! |
|
 |
Kilometers vreugden
Hectometers deugden
Maar één gram verdriet
Wens ik je hele leven niet |
|
| |
Èèn en èèn is twee,
Wees tevree
twee en twee is vier,
Maak plezier
drie en drie is zes ,
Leer je les
vier en vier is acht ,
Wees lief en zacht
vijf en vijf is tien ,
Dan wil iedereen je zien |
 |
| |
|
|
|