![]() |
![]() |
![]() |
Na een dagje rust aan de watervallen vertrekken we richting Van Zuyl�s pas. We hebben er heel wat van gehoord, maar het is uiteindelijk nog spannender dan verwacht. De pas is 16 km lang en bestaat uit een steil paadje met grote losliggende rotsblokken. Het duurt ongeveer drie uur om em er af te dalen, en aangezien we beginnen op het einde van de dag splitsen we de afdaling over twee dagen. Balans van de trip: we hebben onze eerste lekke band, we rijden meer op drie wielen dan op twee wielen, glijden meer naar beneden dan rijden, de gebruikelijke versnelling is eerste in lage 4x4 (en dan gaat het nog te rap), moeten ongeveer 10 keer uitstappen om eigenhandig de te grote gaten in de weg te vullen, � Maar het is de moeite waard en het landschap is surrealistisch en een van de mooiste die we al gezien hebben. We slapen op de top van een heuvel van waaruit we kilometers ver over de hele vallei kunnen kijken. De volgende ochtend blijkt dat ook de Zuid-Afrikanen lek gereden zijn, zo staan we gelijk � alle drie de auto�s zijn lekgereden � en voor alle drie de eerste lekke band sinds we Europa hebben verlaten. Dat zegt wat over de weg en over de staat van de banden natuurlijk! Als we eindelijk beneden geraken vinden we een berg met allemaal �gedenkstenen� van mensen die de pas hebben gereden. De teksten zijn ergens in de aard van: Thank the Lord that we made it � Oh my God, we did it� of �I came, I saw and I slid� of nog �Landcruiser rules over � !�. We zetten er ook ons eigen plaatje bij, zo kennen ze ons hier nu ook. Eens beneden is het een makkelijkere weg door de Marienfluss vallei, volgens Freija een kombinatie tussen Wadi Rum, Etosha, Zwitserland en de Grand Canyon. We eindigen opnieuw aan de Kumene rivier en genieten er van een frisse duik in de rivier. We krijgen pas de volgende ochtend te horen dat zwemmen wordt afgeraden omwille van de krokodillen in het water. De volgende twee dagen rijden we terug in de richting van de bewoonde wereld. We overnachten nog een laatste keer in Purros � waar we op de camping bezoek krijgen van de woestijnolifant. De Zuid-Afrikanen leiden nu ook de dans met hun tweede lekke band. Verder zijn we stilaan door onze voorraad eten heen en we vallen terug op een paar blikken die nu al 7 maand in onze voorraadkist zaten. De bewoonde wereld dient zich aan in de vorm van Sesfontein. Het dorpje bestaat uit tien hutjes, een benzinepomp, een drankwinkel, en een gewone winkel waar we enkel onze blikkenvoorraad kunnen aanvullen. Sesfontein is meteen de meest noordelijke post van Damaraland � dit wil zeggen dat we Kaokaland achter ons laten. De voorbije week was misschien wel de mooiste en spannendste van de hele reis. We mijmeren nog wat na terwijl we richting Twijfelfontein rijden... Het contrast was wellicht iets te groot. De buurt rond Twijfelfontein wordt bezocht op alle georganiseerde reizen: muurtekeningen van de bushmannen (3,000 � 4,000 jaar oud), orgelpijpen in de rotsen, een bos met versteende bomen van enkele honderden miljoenen jaren oud,�en voor elk van deze attracties een mooie parkeerplaats en een ticketje te koop. Dit is een van de de eerste keren dat we weer echt toerist spelen sinds Egypte, en het valt een beetje tegen. Hier nemen we afscheid van onze medereizigers � en spreken af met Wessel en Arianne in Kaapstad om van daaruit misschien samen de auto�s te verschepen. Het is nu richting Skeleton Coast. Naarmate we de kust naderen zien we een dikke laag wolken hangen. Als we toekomen in Henties Bay is de zon niet meer te bespeuren en de felle wind zorgt voor de rest. We halen snel onze jas boven. Het plan was eigenlijk om hier een dagje te blijven, maar met zo een weer valt er niet veel te beleven. We doen wat inkopen (voor het eerst weer verse groenten en fruit te koop!) en rijden dadelijk door naar Cape Seal. Dit is de plaats met het meeste zeehonden van de hele wereld. De stank en het lawaai komen je al snel tegemoet. Maar het is echt wel de moeite waard: duizenden zeehonden tot op minder dan een meter van ons. We bekijken dit spektakel een klein uurtje: hoe ze vanonder de metershoge golven aan land komen gekropen, hoe ze vechten, of meestal hoe ze gewoon liggen te snurken. Toch wel eens tof om te zien. Aangezien het nog steeds ijskoud is breien we nog een verlengstuk aan onze dag: we rijden door tot in Swakopmund. We zien de stad van ver liggen: groot en Duits, en voelen ons eerst wat verloren. Maar gelukkig belanden we in �The Alternative Space� � zonder twijfel de leukste hostel die we al zijn tegengekomen: in een kleine villa, knap ingericht door een kunstenares, met slechts 5 kamers, met de kindjes des huis die je popcorn komen aanbieden,�. Daarenboven is het juist vrijdagavond, en dat betekent een gratis visbbq. Onze eerste echte maaltijd in 2 weken mag er zijn. En zo weten jullie ook waar we ons de komende dagen zullen bevinden � We verblijven er uiteindelijk drie nachten, waarin we vooral relaxen, wandelen langs het strand, onze e-mail achterstand wegwerken, een uitstapje naar Walvisbay maken, wandelen in de duinen en voor het eerst sinds ?? (vergeten) eens naar een echt restaurant gaan met kaarsjes op tafel, een flesje wijn en stoffen servietten! Later ontdekken we dat er die avond iemand tegen de auto heeft gereden. Gevolg: lamp aan diggelen en een redelijke bluts. We zijn wat pissed off, waardoor we uiteindelijk vertrekken zonder de quad biken in de duinen uit te testen. Maar de batterijen zijn wel weer opgeladen en we vertrekken richting Spitzkopke. Spitzkopke is een uitgedoofde vulkaan, vandaag de dag een mooie rotsformatie. We kamperen er en klauteren wat op de rotsen vooraleer we verder rijden Windhoek. Daar hangen we wat aan de toog met een groepje landgenoten, voor het eerst zijn er ook Walen bij en kunnen we ons Frans weer wat oefenen. Voor de rest filosoferen we er op los met een groepsleider van Mama Afrika (Belgische reisorganisatie). Wat wil je, Cape Town is in zicht en we vragen ons af hoe dat nu verder moet eens we terug in belgenlandje staan�. |
| Crossing Africa |
| Namibie vervolg |
| From to |