Rasbeschrijving

De Coton de Tulear is een witte hond met soms vlekken in een andere tint, heel vaag zie je grijs, beige of champagne. Hij heeft een pikzwarte neus en lippen, ook de oogleden zijn zwart omrand. De Coton de Tulear is afkomstig uit Madagascar, genaamd naar de havenstad Tulear en naar de vacht die aan katoenpluis doet denken.

Hij behoort tot de groep van de Bichon. De Coton de Tulear is een brok puur natuur, vol levenslust. Hij bezit een ijzersterke gezondheid, weinig erfelijke aandoeningen, een natuurlijke lichaamsbouw en een mensvriendelijk karakter. Ze zijn van nature nieuwsgierig en waakzaam, sociaal en het zijn snelle leerlingen.
Ze staan bekend om hun kindvriendelijkheid. De Coton de Tulear wil steeds zijn baasje plezieren, wil je spelen of wandelen, hij doet mee. Wil je rustig niets doen, samen op de sofa dat is ook goed voor hem. Ze zijn ook overal makkelijk mee naar toe te nemen. De Coton de Tulear verwacht van jou : liefde, voeding, verzorging en bescherming.
Van deze factoren hangt in grote mate zijn gezondheid, zijn leven en geluk af. In ruil krijg je een speelse, vrolijke metgezel. Hij is zeer aanhankelijk. De Coton hoeft niet getrimd te worden. Zijn lange vacht dient dagelijks doorgekamd te worden.  Om de zes weken een bad. Tussenin borstel je het vuil, eenmaal opgedroogd, er gewoon uit.
Ze mogen gerust buiten ravotten. De Coton de Tulear verliest bijna geen haren, de dode haren worden tijdens het borstelen verwijderd.

Het duurt ongeveer acht maanden vooraleer de Coton de Tulear een volledige vacht heeft, maar hun vacht is pas af als ze ongeveer de leeftijd van drie jaar bereikt hebben. Je kan de vacht laten bijknippen maar dat is zonde voor de weelderige haardos die de coton juist uniek maakt. De Coton de Tulear zou geen allergie geven bij zeer gevoelige mensen. De Coton de Tulear is "een grote hond in een kleine verpakking" wordt wel eens gezegd. Zoek je een echte schoothond of neem je de vachtverzorging niet voor lief, dan kijk je best uit naar een ander ras.

Rasstandaard

Hoofd en schedel: driehoekig in bovenaanzicht, lichtjes rond, weinig geaccentueerde sto

Ogen: ronde, donkere, levendige ogen

Oren: driehoekig hangoor met hoge aanzet en dicht tegen de wangen gedragen

Gebit: perfecte, kleine witte tanden, een compleet gebit bestaat uit 42 tanden

Hals: goed gespierd                                                                                                           

Rug: zeer licht gebogen

Voeten: klein en rond met gepigmenteerde voetzolen

Buik: licht opgetrokken             

Gang: korte draf

Staart: laag aangezet, in rust omlaag gedragen

Schofthoogte: 26 tot 28 cm voor reuen 23 tot 25 cm voor teven

Gewicht: 4 tot 6 kg voor reuen en 3,5 tot 5 kg voor teven