Wieteke van Dort

Sarina (Audio)

Sarina, een kind uit de desa,
die stampte haar padi tot b'ras
Zij zong daarbij heel leuke wijsjes
voor Kromo,* die lag in het gras.
 
Zij tooide haar konde met bloemen,
geplukt in Gods** vrije natuur
De stem van het kind klonk zo helder,
en Kromo geraakte vol vuur.
 
Toen gingen zij in de alang-alang,
verpoosden zich daar urenlang
Zij hielden zo veel van elkander
en waren voor tijgers niet bang.
 
Toen kwam er een tijger gesluip-sluip,
die nuttigde hen voor diner
De botjes, die liet hij maar liggen,
de rest nam hij stilletjes mee.
 
(Ulangen:)
Sarina, Sarina, djangan main gila sama saja!***
Sarina, Sarina, djangan begitulah!
 
De zon kwam toen op in de desa,
daar stonden de bomen in rouw
Want onder hen lagen de botjes,
al van ene man en een vrouw.
 
Zij hadden elkaar gevonden,
Helaas op zo'n droeve manier
En stierven voor eeuwig verbonden
De wind ruist: zij zijn niet meer hier.
 
Ulangan


*So wird die kleine Gitarre aus der ursprünglichen Fassung zu einem Mann und Liebhaber.

**In dieser Fassung taucht erstmals Gott auf. Das gefällt einigen moslemischen und jüdischen Zeitgenossen garnicht; sie ändern das auf ihren Textseiten dreist in "Allah" bzw. "Jehova".

***Da W.v.D. Indonesien lange vor der Rechtschreibreform von 1973 verlassen hat, schreibe ich das ausnahmsweise noch nach den alten Regeln, zumal ich mich zu erinnern glaube, daß das in "indischen" Restaurants in Holland auch 1975, als dieses Lied entstand, noch allgemein üblich war. Der guten Ordnung halber will ich aber erwähnen, wie man das heute schreibt:

Hansis Schlagerseiten