27 september t/m 14 oktober 2002
Na een soepele vlucht gehad te hebben, land ik volgens schema om 10.30 uur in Phnom Penh. Ik kijk uit het vliegtuigraam en denk “jemig, ik zit in Cambodja”. Het is nog moeilijk voor te stellen. Suzanne haalt me op met de taxi en we rijden de stad in. Het is zoals ik mij herinnerde van Thailand, maar toch geloof ik mijn ogen niet. 16 Uur geleden zat ik nog in Amsterdam, nu rijd ik door Phnom Penh. Het is warm. Mijn spijkerbroek kan 2,5 week de kast in, die heb ik hier niet meer nodig. Thuisgekomen bewonder ik het huis van Suzanne en Allard. Niks primitief hutje, maar een geweldig huis en wauw: ik heb een eigen slaapkamer met douche en wc. Ik ben zeer onder de indruk.
Dan
is het lunchtijd en word ik weer overdonderd: Suus en Allard hebben een eigen
kok, Chuen kookt (bijna) iedere dag heerlijke lunch en avondeten. En het eten…..
daar word ik stil van. Wat ontzettend lekker! Als mijn tafelgenoten nog bezig
zijn hun servet uit te vouwen, heb ik mijn bordje al leeg. En we hoeven niet
naar een restaurant: Chuen kookt fantastisch en het is iedere dag feest in huize
Kenter/den Tuinder.
Heng Chuen, de kok Sandra met stokjes
De
dag van aankomst neemt Suzanne mij mee voor een wandeling in de buurt. Ze legt
uit wat de verkeersregels zijn in Cambodja. Er is maar 1 regel: je let op de
mensen voor je en verder niet. Dus als je een weg opdraait, kijk je niet over je
schouder zoals wij dat doen, maar draai je gewoon de weg op en de mensen die
achter je komen, moeten maar uit hun doppen kijken. Als je een weg wilt
oversteken, ga je niet netjes links voorsorteren en dan haaks oversteken. Nee,
je rijdt van rechts naar links (natuurlijk zonder om te kijken) en vervolgt je
weg op de andere baan, tegen het verkeer in. Niets aan de hand, doet iedereen
daar. Als je aan de overkant bent gekomen, maar je bent nog niet op de plaats
van bestemming, rijd je rustig door tegen het verkeer in. Doet iedereen daar. Ik
heb me iedere dag verbaasd dat er geen ongelukken gebeuren. En wat een belevenis
is het om op de fiets deel te nemen aan het verkeer!
Het eerste weekend zijn we naar de Russische markt geweest. O wat is alles goedkoop en wat moet ik me inhouden niet direct 10 DVD’s te kopen voor $5 per stuk. Ik houd het even bij 1 DVD. Zondag rijden we met vrienden naar Tonlé Bati om daar te picknicken. Op een vlot op het water genieten we van de zondagmiddag en dat doet de lokale bevolking ook. Pikant detail: onze lunch – kip – wordt geserveerd inclusief kop en nagels. Je moet ervan houden!
de
weg naar Tonle Bati
Suzanne
had al verteld per e-mail dat je goedkoop kleding en schoenen kan laten maken in
Cambodja. Nou, dat heb ik geweten. Spijt als haren op mijn hoofd dat ik niet
mijn lievelingsbroek, blouse, rok en schoenen heb meegenomen, want het is
inderdaad erg goedkoop en ook nog eens erg mooi. Dat bewijst de megakledingkast
in de slaapkamer van Suzanne en Allard, waar door de kleding van Suus erg weinig
plaats overgebleven is voor de kleding van Allard…..
Mijn vriendin Sacha gaat op 14 februari 2003 trouwen en ik bedenk dat het erg leuk zou zijn om kleren te laten maken voor haar bruiloft. In één van de boeken (helaas niet met de laatste wintermode) zoek ik een lange rok en een blouse. Op de Olympische markt koop ik voor $ 5 prachtige zijde en een week later sta ik in de plaatselijke atelier in een prachtig ensemble. Bij de schoenmaker kan ik de verleiding ook niet weerstaan en al snel loop ik de winkel uit met een paar prachtig handgemaakte schoenen aan mijn voeten.
Natuurlijk heb ik ook een bezoek gebracht aan het prachtige Angkor. Suzanne en ik gaan heen met de boot en terug met het vliegtuig. Alleen de boottocht is al zeer de moeite waard. 5,5 Uur zitten we op het dak en genieten van het uitzicht. In Siem Reap huren we een tuktuk (brommertje met soort koninklijke koets erachter) en onze chauffeur rijdt ons 2 dagen rond. Ik word verliefd op de chauffeur; hij is zo galant en glimlacht zo lief. Als we Siem Reap verlaten, denken Suus en ik er nog serieus aan om hem mee te nemen…..
bootreis,
tempels van Udong op de achtergrond
De tempels van Angkor zijn erg indrukwekkend. Als je daar rondloopt en je indenkt dat het 10 eeuwen geleden gebouwd is…… De één nog prachtiger dan de ander, zoveel detail, zoveel prachtige beelden, het is echt de moeite waard om daar 3 dagen rond te dwalen.
ons hostel in Siem Reap
We
huren de laatste dag een scooter en Suus vertoont haar scooterkunsten. Gelukkig
kunnen we oefenen als er niemand op de weg is, want de laatste dag staan we om
4.45 uur op om DE tempel, Angkor Wat, tijdens zonsopgang te fotograferen.
Niemand op de weg – nee alle normale mensen slapen nog rond die tijd – en we
hebben bijna het rijk voor ons alleen. En het is het waard. Angkor Wat wordt
door ons zo’n 100x vanuit alle hoeken vastgelegd.
één
van de hoeken
De terugvlucht verloopt goed, tot mijn grote verbazing, want het vliegtuig rammelt aan alle kanten. Thuisgekomen leest Suzanne in de nieuwsbrief van VSO dat ten strengste wordt afgeraden om met die specifieke vliegtuigmaatschappij te vliegen, aangezien ze beneden alle internationale veiligheidsnormen opereren. Fijn dat we dat pas weten nadat onze vlucht veilig is geland op de luchthaven van Phnom Penh.
wat rook in het vliegtuig, Royal Phnom Penh
Airways
In
Phnom Penh is ook genoeg te doen en te zien. Het nationale museum bijvoorbeeld.
We hebben een gids gehuurd die Engels spreekt. Ja Khmer Engels wel te verstaan.
Ik heb een uur lang vriendelijk geglimlacht naar de gids, maar ik heb helemaal
niets van haar verhaal verstaan. Als Khmer mensen Engels spreken, betekent dit
namelijk niet automatisch dat ze te verstaan zijn (en ik denk toch dat ik
redelijk Engels spreek, maar goed…). Het museum wordt er niet minder leuk om!
Een
ander museum is het Tuol Sleng museum. Hier ga je niet voor je plezier heen. Het
museum herinnert namelijk op schokkende wijze aan de vreselijke Rode Khmer
periode. Schokkend zijn de foto’s die genomen zijn van alle gevangen. Er waren
weinig overlevenden. Net zo schokkend zijn de killing fields. Een monument ter
nagedachtenis aan alle slachtoffers is gevuld met schedels. Het glas voor de
vitrine is weggeschoven. Je kan de schedels zo aanraken. Cambodja heeft een
verschrikkelijke historie en dat wordt zowel in het museum als op de killing
fields nog eens pijnlijk duidelijk.
de Killing Fields
Het
paleis van de koning is ook zeker een bezoek waard. Met de typisch Aziatische
vormen en het blinkende goud heeft het wat weg van het Van der Valk restaurant
in Breukelen maar anderen zeggen dat het herinnert aan de Efteling. Het lijkt
inderdaad nep, maar de koning schijnt er toch echt te wonen. Ik heb hem niet
gezien helaas.
Een
andere leuke attractie voor mij is het zwembad bij één of ander duur hotel.
Wat heerlijk om de hitte van de dag te ontsnappen en lui te zijn onder een
parasol aan een zwembad. Voor Cambodjaanse begrippen is de entree aan de hoge
kant ($5) maar dat heb ik graag over voor een verfrissende duik.
En voordat ik het weet, is het maandagochtend 14 oktober en staat mijn taxi voor de deur om mij naar het vliegtuig te brengen. Met 3 pakken foto’s op zak, handgemaakte schoenen en kleding in mijn rugzak en de laatste muggenbeten op mijn lichaam verlaat ik Cambodja. Met veel dank aan Suus en Allard kan ik terugkijken op een geweldige vakantie!
