13. Europese wintertaling


13.1 Algemeen

De Europese wintertaling is de kleinste europese taling. Hobbyisten die deze eend wensen toe te voegen aan hun collectie dienen ervoor te zorgen dat de mazen van de draadomheining niet te groot zijn of hij klautert er doorheen. Een geleeuwiekt eendje valt dan al wel eens ten prooi aan katten.
Dit eendje komt in de lage landen veelvuldig voor in het wild. Pas op voor aangeboden wildvang. Controleer steeds of het beestje een passende, gesloten voetring draagt.

13.2 Beschrijving

Kenmerkend aan het mannetje is zijn bruin-groene kop en de gele vlek onderaan de staart.
Het vrouwtje daarentegen vertoont overeenkomsten met het vrouwtje van de zomertaling. Het vrouwtje van de wintertaling heeft een snavel die aan de basis stompvormig is. Het vrouwtje van de zomertaling heeft een min of meer rechte snavelbasis. Bovendien heeft het een witte streep die van het oog tot in het onderste deel van de nek loopt. De zomertaling heeft ook een smallere groene spiegel op de vleugels.

13.2 Mutaties

Tot zover ik weet zijn er geen mutaties gekend, al heb ik onlangs een bericht gelezen over witte Europese wintertalingen. Er worden wel een aantal ondersoorten onderscheiden. Het zijn de:
1. Anas Crecca Crecca (Europese Wintertaling)
2. Anas Crecca Carolinensis (Amerikaanse Wintertaling)
3. Anas Crecca Nimia (Aleoeten wintertaling)
Vooral de eerste twee komen in de collecties van liefhebbers voor. Het verschil is niet altijd even gemakkelijk te maken. Hier een tabel met het onderscheid:
Europese wintertaling Amerikaanse wintertaling
Mannetje Horizontale streep
Gele strepen op kop die heviger zijn
niet zo fors gebouwd
Vertikale streep
Gele strepen op kop niet zo hevig
forser gebouwd
Vrouwtje Geen flauwgele veertjes aan zijkanten staart
niet zo fors gebouwd
Wel flauwgele veertjes aan zijkanten staart
forser gebouwd

13.4 Voortplanting

13.4.1 Paring
De paring gebeurt zoals bij de meeste andere eenden.
13.4.2 Nest
De europese wintertaling kiest meestal voor een nestkastje op de grond met een buisvormige ingang.
13.4.3 Eieren
De wintertaling legt een 8 � 10 cr�me kleurige eieren.
13.4.4 Broeden
Het bebroeden van de eieren duurt ongeveer 24 dagen.
13.4.5 Uitkomen jongen
Zoals bij de meeste grondbroeders neemt het vrouwtje de jongen direct mee naar het water. De jongen groeien vrij snel op.

13.5 Ringmaat

Maat F1 - 6,5
Het ringen gebeurt best na ongeveer een week. Wacht in ieder geval niet te lang. Door het feit dat ze zo snel groeien en het feit dat de diameter van de ring zo klein is, kun je bij laattijdig ringen problemen krijgen.
Hosted by www.Geocities.ws

1