Schrijver Zwagerman, Joost

Titel Gimmick!

Jaar van uitgave 1989

Bron Trouw

Publicatiedatum 20-07-1989

Recensent Tom van Deel

Recensietitel De romantiek van de videoclip

Niet lang nadat ik 'Gimmick!'van Joost Zwagerman uit had, herlas ik uit nostalgische overwegingen 'De onderaardsen'van Jack Kerouac, een vertaling van dertig jaar geleden. Het is, nog steeds, een onovertroffen liefdesgeschiedenis die tegelijk de manier van leven en denken laat zien van een generatie.

Met die beat-generatie had ik destijds weinig gemeen, ik wist niets van jazz en rookte ook al niet, maar de boeken van Kerouac zorgden er toch voor dat men, zij het op literaire afstand, kon deelnemen aan het onderaardse leven. De droeflheid en wanhoop, de vlucht uit het burgerlijke leven en het vrijheidsverlangen - al die dingen werden perfect uitgedrukt in boeken als 'Op weg' of 'De onderaardsen'. Daar kwam nog bij dat Kerouac schreef alsof hij praatte. Zijn zinnen gingen maar door, ze zaten vol interrupties en verliepen onvoorspelbaar, althans niet zoals zinnen deden uit een boek waarin ordentelijk een verhaal werd verteld.

John Vandenbergh vertaalde een passage uit 'De onderaardsen' zo: "Ik had het nooit moeten doen, nooit zo idioot moeten zijn, de eindeloze rij van feestjes en drinkpartijen en ruzies en de keren dat ik haar gewoon liet stikken, de grootste schok voor haar die keer dat we samen in een taxi zaten en zij per se wilde dat ik haar naar huis zou brengen (om te gaan slapen) en ik dan wel alleen verder kon gaan naar Sarn (in de bar) maar ik spring uit de taxi, als een gek ('Ik heb nog nooit zo iets waanzinnigs gezien'), en ren in een andere taxi en ga er vandoor, haar in de nacht achterlatend - zodat als Yuri de volgende ochtend op haar deur bonst en ik er niet ben en hij dronken is en aandringt en op haar springt zoals hij gedaan had zij 'm zijn gang liet gaan, ze gaf maar toe - ze gaf het op - maar ik loop op mijn verhaal vooruit, ik noem al direct rffijn vijand - de pijn, waarom zou'het lieflijk doordrukken van hun liefdesstoot' wat in ti d en ruimte niets met mij te maken heeft als een dolk in mijn keel zijn?"

Beat-generatie

Ik wil niet beweren dat Zwagerman de Kerouac van deze tijd is, maar zijn roman'Gimniick!'wd toch een wereld en een levenswijze beschrijven van, laat ik zeggen, een huidige beat-generatie. Ooit heeft Hans Plomp, in 'Amsterdams dodeboekje' en 'Huize De slapeloze nachten', de hasj scene mooi in beeld gebracht. Cremer, en vooral ook Vinkenoog -'Zolang te wate]C en 'Liefde' kunnen in dit verband genoemd worden. Zwagermans romanwereld wordt bevolkt door een stel jonge beeldende kunstenaars, die veel succes hebben. Het zijn mannelijke twintigers, ze drinken, roken, slikken en snuiven wat ze krijgen kunnen en vrouwen bestaan alleen om er mee naar bed te kunnen gaan. "Alles is seks" wordt een paar keer beweerd, als betrof het de meest diepgaande samenvatting van de levensfilosofie van deze groep. De roman begint al met een plastische beschrijving van een bezoek aan een New-yorkse peepshow, waar je met de hand door het luikje gestoken tussen de benen van de vrouwen kunt graaien.

'Gimmick!'wil een beeld geven van een bepaald milieu. In hoeverre dat beeld 'klopt'weet ik niet en het interesseert me eerlijk gezegd ook niet. Wat Zwagerman heeft gedaan is duidelijk genoeg: hij heeft een stelletje postmoderne titaantjes laten optreden, hij stuurt ze op reis door de wereld (Milaan, Tenerife, New York Amsterdam), hij verwerkt hun taaltje (foute feestjes, die softe oetiul, tuurlijk, tuurlijk, is er nog iets lekkers voor de De Neus?) en vooral stopt hij zoveel mogelijk namen en situaties van nu in zijn boek.

Dat kan opsommingen met zich meebrengen als: "Verder wemelde het in haar kast van de t-shirts met opdruk (Lacoste, Naf Naf, Classic Nouveau en Fiorucci). Een paar bag-sacks, hoge gympies (blauwe All Stars), twee suède baseballjacks. Een kast verder: haar dressed-to-kill garderobe. Zwart zwart zwart, beige, rood (bordeaux), flanellen jasje, tricot jurkjes, zes paar handschoenen. Veel Laura Ashley in haar kast, een minpuntje. Parfums: Chanel 5, Cinnabar, Opium." En dat gaat nog even door. Op talloze plaatsen in het boek raken we verzeild in een clip.

Verslingerdheid

Een van de kunstenaars, Walter van Ramnsdonk, is de figuur door wiens ogen we de toestand in die wereld waarnemen. Hoewel hij er nauwelijks verregaand over nadenkt en van peepshow naar disco naar discomeisje naar hoer, van cocaine naar valium naar ecstacy naar whisky gaat, is er heel romantisch één zwakke plek in zijn ziel en dat is zijn verslingerdheid aan Sammy. Maar met haar is het nu juist uit en heel de roman door blijkt hoezeer Van Raamsdonk daaronder lijdt. Op het eind komt hij haar tegen en dan zorgt zijn geëmotioneerdheid als vanzelf voor Kerouacproza: "er zijn maanden voorbijgegaan en ik wil dat ze het weet en ze wéét het ook wel, maar ik wil dat ze het hier, in deze fuckin'ballentent van me te horen krijgt, dus zeg ik dat ik terug wil en dat ik nu, op dit moment, op de fiets wil springen om naar haar of mijn huis te rijden om vervolgens de ozonlaag aan flarden te neuken, en overal, overal mijn tanden in haar meisjesvlees, Sarn, ik wil datje weer vieze dingen in mijn oor giechelt en datje je haren over mijn gezicht uitspreidt en daarna je handen, Sammie, ik wil met je neuken op dezelfde manier als toen die keer datje met je walkman naar Prince lag te luisteren." De wereld van 'Gimmick!' is grotendeels een buitengewoon voze wereld. Het is echter maar goed dat Zwagerman niet de moralist is gaan uithangen en die wereld juist zo onbecommentarieerd mogelijk heeft uitgebeeld. Juist die trendy uitbeelding, dat kitscherige en modieuze platte omgang met meisjes, dat video-clip-achtige, de supervlotte dialogen en de ingenue sex maken 'Gimmick!'tot een aantrekkelijk boek, het beste dat ik tot dusver van Zwagerman heb gelezen. Er wordt met vaart in verteld, om de gesprekken is vaak te lachen en de typeringen van mensen en omstandigheden zijn snel en doeltreffend.

Satirisch

Dat de gimmick -wereld niettemin voos is, lijkt een onvermijdelijke conclusie. Behalve een ernstige poging om, met de daartoe geëigende middelen van de taal, het milieu en de levenswijze van deze twintigers in beeld te brengen, is de roman duidelijk satirisch, of ik moet misschien zeggen: moeilijk anders dan óók satirisch te lezen. De in feite toch wat afzijdige houding van de hoofdpersoon bewerkstelligt deze lectuur waarschijnlijk . Die houding heeft veel te maken met zijn verlangen naar Sammy, het meisje dat hem heeft verlaten maar dat hem niet loslaat. Een rode draad door het verhaal is de vraag of zijn vriend Groen nu wel of niet met haar naar bed is geweest. Hoewel hun verhouding dus is beëindigd, wekt alleen al het idee dat Groen dat gedaan zou kunnen hebben een enonne woede en wraaklust bij Van Raamsdonk op. Hij komt niet bij Sarnmy terug, het boek heeft wat dat betreft een open einde, maar de sterk geromantiseerde liefde die hij voor haar voelt zet toch de wereld van 'Ginuáck!' in een ander daglicht. Kerouacs 'De onderaardsen' is moeiteloos te lezen als een liefdesbrief aan Malou (zo heet de vrouw van wie sprake was in het eerste citaat); Zwagerrnans 'Gimmick!' is, op een enigszins vergelijkbare manier, een liefdesverklaring aan het adres van Sammy.

 

Hosted by www.Geocities.ws

1