NRC Handelsblad, 18 mei 2001
Later schaam ik me niet meer
Een eerste klas van
een middelbare school. Al die gezichten, al die gedragingen, al die
aanpassingsmoeilijkheden. Wat gaat er om achter die kindergezichtjes, wat denken de stoerdoeners, de
opvallenden, de verlegenen? Van vier kinderen uit zo'n klas, een denkbeeldige klas, is dat nu beschreven.
Uitgeverij Elzinga nodigde vier schrijvers uit, Nanda Roep, Daan Remmerts de
Vries, Hans Kuyper en Lydia
Rood, en met elkaar verzonnen ze de serie `Vlinders'. Elk van de schrijvers
wijdde een boek aan een kind uit de denkbeeldige brugklas van het Rhijnvis Feithcollege in het aan zee gelegen dorp Zuideroog.
Zo krijgen we de ervaringen van de eerste weken in de brugklas door heel
verschillende ogen te zien, en ook elkaar bezien de kinderen heel anders dan
zichzelf.
Het effect is dat het
werkelijk lijkt of je in iemands hoofd kan kijken - de klier
Olivier, die we vooral als een nare pestkop hebben
leren kennen uit Tanja's song en Brief voor Douwe, blijkt veel aardiger en gevoeliger als je weet wat
hij zelf zoal denkt. Alleen Marike, uit Marike's vijfde geheim zag Olivier
toch al anders, beter. Het is ook Olivier die zich
het meest van allemaal bewust is dat je nooit weet wat er in een ander omgaat.
In Oliviers dagboek laat Daan Remmerts
de Vries hem denken: `Het verborgen leven speelde zich niet langer af achter de
dichte gordijnen van huizen. [...] het verborgen leven was achter de
voorhoofden van de mensen. Tussen hun oren. Daar leefden dagdromen, verlangens,
geheimen....' Even later staat er: `Hij stelde zich
voor dat hij een apparaatje had bedacht waarmee hij gedachten zou kunnen zien.'
Dat stelt iedereen zich denk ik wel eens voor. In zekere zin zijn boeken zo'n apparaatje, en deze serie wel in het bijzonder.
De kinderen komen
(gedeeltelijk) in elkaars boeken voor - de schrijvers
hebben elkaar op de hoogte gehouden als ze hun hoofdpersonage iets lieten doen
met of zeggen tegen de hoofdpersoon van een ander. Zodat we in alle boeken
merken dat Olivier verliefd is op Daphne
Zelichman, het mooiste meisje van de klas, en we drie
keer op het introductiefeest van de school zijn. Alleen Douwe's
verhaal, geschreven door Hans Kuyper, houdt op vóór
het schoolfeest.
Doordat de kinderen
door vier verschillende schrijvers beschreven zijn, zijn ze ook werkelijk
verschillend van karakter, al zijn ze wel allemaal opmerkelijk verbaal.
Allemaal praten ze een beetje zoals personages in Amerikaanse soaps, die ook zo
vaak alles maar zeggen wat ze denken. Ik heb nog nooit een jongen van dertien
zó op de vraag van een vriend over een meisje horen antwoorden: `Ze is
prachtig. Ik heb zaterdag een ijsje met haar gegeten en...' zoals Douwe doet. En als Marike,
geschreven door Lydia Rood, in verwarring gebracht
door de in haar ogen erg opvallende borsten van Tanja
er tot haar eigen ontzetting voor iedereen verstaanbaar uitflapt: `Ik dacht dat
je er daarom zo bloot bijliep. Omdat je verkering zocht' antwoordt Tanja doodkalm: `Daar schrok je zelf van [...] Geeft niet hoor. Ik kan het wel hebben.'
Een meisje van
twaalf! Dit soort uitspraken, en de obsessieve belangstelling voor seks en
verliefdheid maken deze reeks een beetje tot een kindersoap. Met de verslavende
werking die soaps ook hebben.
Sterk aan het geheel
is dat de schrijvers hun personages heel verschillende sociale achtergronden
hebben gegeven. Tanja komt uit een sociaal wat
achtergebleven gezin en voelt zich daarom een vreemde eend in de bijt op de
school die volgens haar door `kakkers' bezocht wordt. Douwe
is de zoon van een vlotte, alleenstaande dominee-moeder.
Olivier heeft ouders die zich niet erg voor hun
kinderen interesseren, bij Marike thuis hebben ze
weinig geld en leven ze heel jaren zeventig-achtig
met verschillende relaties en kinderen door elkaar.
In het najaar komen er weer
twee deeltjes uit, over Tanja en Olivier,
daarna volgen nog weer twee delen over Marike en Douwe. Het is een uitstekend idee deze reeks en niet alleen
voor kinderen die toch al graag lezen. Ook de gretige televisiekijkers moeten
hier veel plezier aan kunnen beleven.