Matroos Vosch in de hoofdrol

Gerard Reve: Brieven aan Matroos Vosch. 1975-1992, Uitgeverij Veen.

Nooit kom je meer iemand tegen die het werk van Gerard Reve in prachtige volzinnen kan citeren. In mijn studententijd zeiden we hele gedichten van Reve op en citeerden de juiste passages uit De avonden en Op weg naar het einde. Als we hevig schrokken riepen we 'Hoei boei'.  Na de eerste mooi gestileerde brievenboeken, waaronder Nader tot U, liet Reve elke scheet op papier uitgeven. Iedereen die wel eens drie brieven had geschreven aan Reve was verzekerd van een bundel. Simon C., Josine M., Wim B., Ludo R, Wimie, Bernard S., Lijfarts en Aardappeleters; iedereen kreeg zijn boekje. Wie al die brievenboeken gelezen heeft en redelijk op de hoogte is gebleven van het andere werk van Reve, beleeft aan een nieuw brievenboek niet veel genoegen. Reve schrijft aan verschillende correspondenten vaak hetzelfde verhaal.
Toch zou het recente Brieven aan Matroos Vosch 1975-1992 kunnen zorgen voor verandering. Matroos Vosch, Joop Schafthuizen, is nu al jarenlang de levenspartner van Reve. Op tv komt bij altijd over als een op geld beluste geilneef. Het manuscript van De avonden brengt hij hollend naar de veiling om geld genoeg te hebben voor een schilderij. In een Vara-programma van Astrid Joosten praat bij Willem Nijholt om; Reves brieven aan hem moeten uitgegeven worden. Schafthuizen nadat het gelukt is, terwijl hij zich in de handen wrijft: 'Zo, brood op de plank.' Wat ziet Gerard Reve in zo'n man? Wie dit brievenboek leest, komt er ook niet achter. Matroos Vosch is schilder en verblijft vaak in Schiedam, alwaar hij zijn pedofiele genoegens kan botvieren.  Reve zit voortdurend in Frankrijk waar hij bouwt aan zijn huis en voornamelijk bezig is met bakstenen, gasfornuizen en de aanschaf van een telefoon. Die afstand levert wel brieven op, maar geeft geen inzicht in de liefde. Schafthuizen is meestal bezig met de uitgeverscontracten. Reve voert een gevecht met de materie en de alcohol en doet daar verslag van. De seksuele toespelingen komen neer op fantasieën waarin Matroos Vosch mag spelen met allerlei stoute jongensdelen.
De liefde van Reve is een verregaande aanhankelijkheid, die niet of nauwelijks seksueel geconsumeerd wordt. Het lijkt of de heren elkaars nabijheid gedogen. Er moet toch meer zijn dan dat.
De stilistisch kwaliteiten van Reve worden altijd geroemd. In zijn serieuze brieven (bijvoorbeeld aan Josine M.) waardeer ik die zeer. Als de brief echter niet meer vertelt dan een klein belevenisje in het dorp of opmerkingen over een verlummelde ochtend, dan verwordt de stijl tot een trucje dat moet verbloemen dat er niets interessants te melden valt. Het is vooral dat feit dat paradoxaal genoeg, voor de grote liefde in het leven van onze grootste homoschrijver, veelzeggend is. De periode 1975-1992 is toevallig genoeg ook de periode waarin de critici zich in steeds grotere mate afkeerden van het werk van Gerard Reve.

Coen Peppelenbos

Hosted by www.Geocities.ws

1