|
Trouw, 11 januari 1995 |
|
|
|
|
|
|
|
Waarom mist zij haar linkervoet? |
|
|
|
|
|
|
|
LIEKE VAN DUIN |
|
|
|
|
|
|
|
Anne Provoost: 'Vallen', Houtekiet/
Fontein, 264 p, fl. 29,90,
vanaf 13 jaar. De Vlaamse schrijfster
Anne Provoost (30) is een nieuw talent in de Nederlandstalige
jeugdliteratuur. In 1990 verscheen haar debuut, 'Mijn tante is een grindewal'. Een lelijke omslag met een weinigzeggende
titel verborg een goed geschreven, realistisch verhaal, waarin ze op
subtiele, ontroerende wijze over incest schreef. Het boek kreeg prompt de
Boekenleeuw (de Vlaamse Gouden Griffel), en werd vertaald in het Engels,
Duits, Zweeds, Noors en Deens. In 'Vallen' zijn
verschillende aspecten uit 'Mijn tante is een grindewal'
te herkennen: een zwaar onderwerp en geladen sfeer, de zorgvuldige, filmisch-realistische manier van beschrijven, soms met
close-ups van details, het gebruiken van dieren als metafoor, het verbinden
van verschillende verhaallijnen tot een ondeelbaar geheel, het open einde.
Maar op al die fronten is haar schrijverschap gerijpt, zodat een vergelijking
met auteurs als Peter Pohl en Aidan
Chambers zich opdringt. Titel en omslag suggereren
een roman voor volwassenen; een volwassen roman waarin het onderscheid tussen
literatuur en jeugdliteratuur wegvalt ís het. Hoofdpersoon en ik-figuur is de ongeveer
vijftienjarige Lucas, een kwetsbare, onzekere, en
sterk secundair reagerende jongen. Elke zomervakantie logeert hij met zijn
moeder in het huis van zijn grootvader 'in de heuvels' bij het fictieve
stadje Montourin, dat in België of Frankrijk zou
kunnen liggen. In het nabijgelegen klooster logeert 's zomers ook vaak een
meisje van Lucas' leeftijd, Caitlin,
met haar moeder Ruth. Deze zomer is echter alles
anders; zijn grootvader is namelijk met Kerst overleden en er komen nu in het
stadje allerlei tegenstrijdige verhalen los over het oorlogsverleden van zijn
grootvader. Lucas weet echter nergens van. Zijn
moeder heeft hem nooit iets verteld. Uit schaamte, denkt hij later. Meteen in het eerste
hoofdstuk wordt duidelijk dat er iets ergs gebeurd is: Caitlin,
die veel voor Lucas betekent, wordt na drie weken
ziekenhuis per ambulance thuisgebracht. Ze mist haar linkervoet. Dan gaat het verhaal
een maand of twee terug. De geschokte lezer vliegt met de ogen over de
pagina's, op zoek naar dat ene: wat is er met haar gebeurd. Anne Provoost houdt die spanning moeiteloos 260 pagina's
lang vast. Maar laat Lucas eerst uitzoeken - en met
hem de lezer - wat er met zijn grootvader aan de hand was. Zelfs nu verbergt
zijn moeder nog van alles voor hem. En niemand geeft complete antwoorden. Caitlin is na jaren van afwezigheid weer een zomer in het
klooster. Ditmaal om te trainen voor het toelatingsexamen van een dansschool.
Ze wil danseres worden (en met pijn lees je de klinisch gedetailleerde
beschrijvingen van hoe ze zich beweegt en hoe haar spieren zich spannen). Ze
is stomverbaasd dat Lucas
nergens van weet, maar ook zij houdt in haar antwoorden iets achter. Intussen doet zich
vanaf het begin nog een verschijnsel voor: er zijn vele Arabische
seizoenarbeiders in de streek, voor de fruitpluk. Ze stelen als raven. In het
Arabische getto van Montourin wordt een depot vol
gestolen goederen gevonden, met onder meer spullen uit het huis van Lucas' grootvader. Zijn moeder voelt zich onveilig en Lucas besluit een alarmpistool te kopen. De ontmoeting met twee
jongemannen in de wapenwinkel geeft het verhaal een nieuwe wending. De
oudste, Benoît, heeft wél complete antwoorden op Lucas' vragen. Hij kende Lucas'
grootvader goed: het was een groot man, een
idealist, die wat over had voor zijn land! En al die verhalen zijn roddels:
hij heeft tenslotte alleen maar een illegale
praktijk aangegeven. Wij staan in zijn traditie: wat onze landgenoten in
eeuwen hebben opgebouwd willen wij beschermen. We gaan hier orde en
veiligheid terugbrengen! De twee mannen willen Lucas'
vrienden zijn, en vriendschap is net wat de jongen nu nodig heeft. Als hij
zich in het getto waagt, op zoek naar zijn gestolen spullen, wordt hij door
Arabieren in elkaar geslagen. Koren op de molen van het geraffineerde
tweetal, in wier netten hij verstrikt raakt tot hij niet meer terug kan. Als
hij tegenstribbelt, verzucht Benoît: 'Er zijn er
die het nooit leren'. Caitlin is de tegenpool van Benoît. Ze ruikt hoe gevaarlijk hij is: 'Niets is zo
armoedig en fantasieloos als orde', zegt ze tegen Lucas.
Een nieuwe diefstal is de druppel die de emmer doet overlopen voor Lucas: hij doet mee aan een extreem-rechtse
betoging. En ontwaart Caitlin bij de
tegendemonstratie. Dan gebeuren er ongelukken. Eerst met een leegstaand
gebouw dat als asielzoekerscentrum gepland is. Daarna met Caitlin.
Het verhaal is zo rijk
aan nuances, ontwikkelingen, verbanden, subplots en betekenisvolle metaforen,
dat welke weergave dan ook het onrecht doet. Typerend voor Lucas' besluiteloosheid is dat hij voortdurend antwoordt
met 'Ja. Nee.' Typerend voor de sfeer van het boek is de zinderende hitte van
de zomer, de insekten, en het bomen rooien met
grootvaders kettingzaag, wat Lucas voortdurend
doet. Metaforisch zijn bijvoorbeeld de duif met zijn gebroken pootjes, het
dansen van Caitlin, de afgeschoten hinde en de
houtblokken. Anne Provoost is diep in
de persoonlijkheidsstructuur, de denktrant en het jargon van de neo-nazi gedoken, zowel in die van de leidersfiguur als
de volgeling. Haar Benoît is intelligenter,
geraffineerder, doortrapter dan Yge Graman, Janmaat en Le Pen bijelkaar. Ze laat haarfijn zien hoe aantrekkelijk het
voor jonge mensen als Lucas is, zich door hen te
laten hersenspoelen. Anne Provoost wijst geen
schuldigen aan, maakt buitenlanders niet tot onschuldige slachtoffers,
bagatelliseert de problemen niet. Ze laat zien hoe kleine dingen samen kunnen
uitmonden in een gruwelijk drama. Als ze al een boodschap heeft is het dat
onwetendheid van de geschiedenis tot herhaling van die geschiedenis kan
leiden. Omdat Lucas niets weet over wat zijn
grootvader in de oorlog heeft gedaan (en daarna als rechts-extremistisch
publicist), wordt het zijn noodlot om dezelfde kant op te gaan, en trekt hij Caitlin mee in zijn val. Het 'Wordt niet zoals je
grootvader' van zijn moeder komt veel te laat. En het hartverscheurende is
dat Provoost Lucas' lijden niet alleen laat zien
als zijn noodlot, maar ook als een reeks daden waarvoor hij, zo jong als hij
is, verantwoordelijk is. 'Vallen' is een indrukwekkende roman: actueel,
complex en meeslepend: absoluut de belangrijkste jongerenroman die in 1994
verschenen is, zowel maatschappelijk als literair. |
||