|
Trouw, 6 juli 1994 |
|
|
|
|
|
Verdriet om Cilla, vreugde om het
leven |
|
|
|
|
|
LIEKE VAN DUIN |
|
|
|
|
|
Peter Pohl en Kinna Gieth: 'Ik mis je, ik mis je!',
vert. Cora Polet, Querido, 216 p., Fl. 27,50,
vanaf 13 jaar. Het boek kreeg in
Zweden de prestigieuze August Strindbergprijs,
ingesteld door de gezamenlijke Zweedse uitgevers, en bedoeld voor literatuur
voor volwassenen. 'Ik mis je, ik mis je!' is inderdaad zo'n
roman die net als Pohls vorige boeken alle grenzen
tussen literatuur voor jongeren en voor volwassenen uitwist. Het gaat over
dood en leven, erotiek/sex en onthechting, verdriet
en vreugde, God en het kosmische, over kunst en soorten en graden van
werkelijkheid. Een scala aan volwassen items,
samengebald in het leven van een dertien-,
veertienjarig meisje, dat zich uit in huilen en lachen, in vriendschappen en
verliefdheden, in muziek, theater, poëzie en in haar dagboeken. Een kind nog,
maar door de omstandigheden gedwongen om in een razend tempo volwassen te worden.
In een verhaal dat niet verzonnen is door een schrijver die interessant wil
doen, maar gebaseerd op iets dat waar gebeurd is. 'Ik mis je, ik mis je!' is zo'n roman die laat zien dat wat wij gewoonlijk de
werkelijkheid noemen, fantastischer is dan sprookjes, maar tegelijkertijd dat
er literaire fantasie voor nodig is om die werkelijkheid naakt en waar, van
franje ontdaan, te beschrijven. Kinna Gieth moet in 'Jan mijn vriend' (1991) en 'We noemen hem
Anna' (1993) van Pohl vooral de existentiële levensdrift
hebben herkend, de hevige behoefte aan vriendschap, de psychologische
diepgang, de eerlijkheid, en de machteloze, maar bittere woede over het kwaad
in de wereld. Maar ook moet de
vitaliteit haar aangesproken hebben waarmee Peter Pohl
dit alles haarscherp op papier krijgt, zonder plichtplegingen en zonder zich
veel aan te trekken van literaire conventies. Dat knalt er meteen in
het begin al uit: 'Het is april en thuis in de Rozenhof zitten twee meisjes,
ze heten Cilla en Tina.
Ze zijn een eeneiige tweeling en deze zomer worden ze veertien jaar. Maar Cilla zal dat niet meer meemaken - ze zal over niet al te
lange tijd een autoongeluk krijgen en sterven. Dat
is het afschuwelijkste wat me ooit is overkomen en ik vertel het meteen maar,
want het is niet de bedoeling dat dit een spannend verhaal wordt met een slim
bedacht einde, dat tot op de laatste bladzijde achtergehouden moet worden.' Ziezo, het programma.
De lezer weet waar hij/zij aan toe is. Dan volgen er vijftig
pagina's over het leven van de tweeling voor het ongeluk. Over hun leven in
de 'Rozenhof', met een Franse vader, een Zweedse (tweede) moeder, en hun
oudere broer Jonny. Over school,
vriendjes, dagboeken, hun saamhorigheid en ruzies, over de muziek die ze
maken: Cilla dwarsfluit en Tina
viool, over hun bezetenheid voor toneel. Uiterlijk zijn de meisjes
niet uit elkaar te houden, maar innerlijk zijn ze verschillend: Cilla is ernstiger, Tina
oppervlakkiger, Cilla vraagt zich in haar dagboek
af of ze ondanks dat ze met een jongen 'gaat', misschien lesbisch is, Tina is voortdurend met jongens in de weer en scheldt Cilla uit voor pot. In dat gedeelte ook morbide grapjes over de dood, in een stijl die doet denken
aan de brieven van jongeren in 'Achterwerk' (VPROgids),
en dagboekontboezemingen als: ``Ik haat het om een tweeling te zijn!'' en
``Altijd een levensechte kopie naast me hebben, dat houd ik niet uit''. En bittere passages
over de 'Dodenweg', die langs de paradijselijke 'Rozenhof' loopt: ``De hel
ligt er vlak naast en zo hoort het ook''. Een snerpende aanklacht over de
achteloosheid van automobilisten en de desinteresse bij Verkeer en Waterstaat
om iets aan die gevaarlijke weg te doen. Cilla zal
er doodgereden worden, als ze, Tina achternarennend
om de schoolbus te halen, oversteekt. Dan het ongeluk. De
onwezenlijke tijd erna. De herdenkingsdienst met 'Yesterday'
van Lennon en McCartney.
De zielloosheid van een woord als 'gecondoleerd'. De onbereikbaarheid van de
andere gezinsleden omdat ieder zich opsluit in zijn eigen verdriet. Tina's nachtmerries waarin ze
ruzie heeft met Cilla. Haar schrik als ze in de
spiegel kijkt en 'Cilla' terugkijkt. Het werken aan
het on-affe toneelstuk over ontwikkelingshulp dat Cilla aan het regisseren was. Het gevoel dat Cilla bij haar is en haar helpt. De jongens van de
succesvolle band die, al voor Cilla's dood, een
muziekstuk voor haar gecomponeerd hadden. De vriendinnen die steeds
terugkomen, ook al weten ze niet wat ze moeten zeggen. Het samen huilen en
lachen. Het literatuurkamp in de zomervakantie, waar ze met Cilla naar toe had zullen gaan. Een nieuwe verliefdheid,
met een knappe jongen die Tina's verdriet niet
aankan en haar na een mooi en extatisch begin laat zitten. Het gedichten
schrijven tegen het verdriet. De psycholoog, die Tina
over haar schuldgevoel heen helpt en zegt dat ze Cilla
niet moet idealiseren. Tina verandert. Ze wordt
serieuzer, wordt meer Cilla. Schrikt daarvan: ze
wil zichzelf blijven. Leest gulzig alles wat ze vinden kan over de krachten
van het ik, de zin van het leven, God, het bestaan van andere werelden.
Uiteindelijk gaat het goed met Tina. Huilen,
praten, schrijven, toneelspelen en muziek maken hebben geholpen. Het verdriet
blijft, maar de levensvreugde komt terug. Met als leidraad: ``Je bent pas
sterk, als je je gevoelens durft te tonen'' en als
slot ``Als iets fantastisch is, dan is het om vrienden te hebben''. Een veel
positiever slot dan Pohls beide vorige boeken. 'Ik mis je, ik mis
je!' is therapeutisch ja. New Age-achtig ook al.
Maar door de manier van schrijven hindert dat niet. Sarcasme, ironie en ernst
wisselen elkaar af. Herhalingen, zoals in de titel. Rake, precieze
beschrijvingen van lichaamstaal. Het proeven en wegen van woorden. Vaak gaat
het verhaal van de derde persoon: zij, Tina,
vloeiend over in de eerste persoon: 'ik', afhankelijk van de afstand tussen
verteller en onderwerp. Dialoogteksten zijn niet tussen aanhalingstekens
geplaatst, hetgeen actief meedenkend, interpreterend
lezen vereist. Een prachtig, heftig, complex, (troost)rijk boek is het,
waarin de uitersten van het leven, deep down en
hemelhoog, algemeen en bijzonder, elkaar raken, nee: aansteken. |
|