De Standaard 23 oktober 1997

'Ik wil nog altijd wereldkampioen schrijven worden'

Marcel Möring, genomineerd voor de Generale Bank Literatuurprijs

Manu Adriaens

MARCEL MÖRING
In Babylon
Meulenhoff
474 blz., 1.100 fr. (gebonden: 1.500 fr.)

Zondag wordt in het VPRO-televisieprogramma De Plantage bekendgemaakt wie de Generale Bank Literatuurprijs (de opvolger van de vroegere Ako-prijs) krijgt. Marcel Möring, die vier jaar geleden al de Ako-prijs won voor Het grote verlangen, behoort opnieuw tot de kanshebbers. In de familiekroniek In Babylon vertelt hij het verhaal van sprookjesschrijver Nathan Hollander, die samen met zijn veel jongere nichtje Nina, vijf dagen lang vanwege de sneeuw opgesloten zit in het landhuis van zijn oom Herman. Dat huis komt Nathan bij testament toe, op voorwaarde dat hij oom Hermans biografie schrijft. Manu Adriaens sprak in Rotterdam met Marcel Möring over zijn jongste boek en zijn schrijverschap.

AAN de telefoon zei u dat uw nominatie voor de Generale Bank Literatuurprijs u niet uit uw slaap houdt.
,,Ik heb daar een goede reden voor. Ik ben er namelijk van overtuigd dat het een volledig onafhankelijke jury is. Die laat zich echt niet leiden door overwegingen als: 'Deze schrijver heeft al een belangrijke prijs gehad', 'Dit is een debutant' of 'Die verdient hem eigenlijk wel'. Nee, het gaat 'm gewoon om het beste boek. Speculaties zijn dus zinloos. Wie zouden de grote kanshebbers dan wel moeten zijn?''
Volgens de kenners zal het tussen A.F. Th. van der Heijden en u gaan.
,,Ach, dan voeg ik daar meteen aan toe: misschien is K. Schippers wel een heel goeie kanshebber. Het blijft toch een soort paardenrace. Ik heb de boeken van de andere genomineerden toegestuurd gekregen, maar heb ze nog niet gelezen. De jongste tijd ben ik zoveel op reis, dat ik al blij mag zijn als ik een beetje aan schrijven toekom.
,,Oorspronkelijk zou ik zelfs niet eens naar De Plantage gaan. Ik moest die dag normaal gezien in een forum in Parijs zitten met onder meer Alain Finkielkraut. Dat leek me wel interessant, dus vertelde ik dat De Plantage het zonder mij zou moeten doen. Nou, toen brak echt een gruwelijke heisa los. Uiteindelijk heeft mijn uitgever dan maar iemand gezocht om me in Parijs te vervangen.'' (steekt een sigaret op)
Een Belgische sigaret?
,,Zoals in het boek, ja. (lacht) Ik mag eigenlijk geen reclame maken voor Bastos, maar ik doe het toch graag. Voorts heeft In Babylon maar weinig autobiografische elementen. Al vergis ik me daar wel eens in. En vice versa.
,,Een paar weken geleden was ik in Antwerpen. De Nederlandse Taalunie had er een workshop voor vertalers georganiseerd over Het grote verlangen. Op een gegeven ogenblik wandelde ik met mijn Duitse uitgever en mijn vertaalster naar de Schelde. We hadden het over mensen die uit het vroegere Oostblok naar hier afzakken. Ik zei: 'Mijn familie bijvoorbeeld kwam in de zeventiende eeuw uit Litouwen naar hier.'
,,En toen realiseerde ik me ineens: dat is helemaal niet waar, nu haal ik iets uit mijn boek aan. Maar op dat ogenblik was ik er vast van overtuigd dat ik een interessant verhaal over mijn eigen familie aan het vertellen was. Zo zie je maar: op den duur wórdt het autobiografisch, omdat je het zelf gaat geloven.''
'Soms is het niet zo erg geen geschiedenis te hebben', laat Nathan zich ontvallen. 'Ik had wel zonder willen doen.'
,,Telkens als ik aan een nieuw boek begin, stel ik me min of meer tot doel een eigen familiegeschiedenis te schrijven. Zelf heb ik nu eenmaal een heel kleine familie. Voor een belangrijk deel komt dat omdat heel wat mensen niet uit de kampen zijn teruggekeerd. Vandaar dat ik een bijna draagbare familie van vier, vijf leden overhoud. Maar dat heb ik nooit als erg ervaren. Iemand wiens hele familie in een boerderijbrand omkomt, maakt precies hetzelfde mee.
,,Net als Nathan denk ik trouwens dat het z'n voordelen heeft. Ik zit nooit met het probleem dat ik ergens over zou willen schrijven, maar dat het niet kan, omdat een of andere oom dan misschien kwaad wordt. Nee, ik hang nergens aan vast.
,,Zo weet ik van mijn familie uit de jaren dertig helemaal niks. Dus kan ik die hele familie elke keer bij elkaar verzinnen, wat een leuke bezigheid is. Daarnaast vermijden die omstandigheden ook dat ik te veel in mijn eigen kringetje bezig hen. Ik móet wel naar de maatschappij kijken, want zelf heb ik te weinig verleden om over te schrijven.''

U woont in Rotterdam. Als ik uw boek mag geloven: 'Een plaats die zich, in tegenstelling tot Amsterdam, nooit liet voorstaan op haar tolerantie jegens de joden en desondanks vaak toleranter was.'
,,In sommige periodes van de geschiedenis was dat beslist zo. Oké, Amsterdam was altijd wel een commercieel centrum waar de handigste en op vooruitgang gerichte vluchtelingen onmiddellijk een plaats vonden. Maar dat wil nog niet zeggen dat het ook een tolerante stad was. Nee, dat is weer zo'n typisch Nederlandse mythe. Vergeet niet dat Anne Frank bij de Duitse politie werd aangegeven door Nederlanders.
,,Voor alle duidelijkheid: ik ben geen Rotterdammer van geboorte. Ik woon hier nu een jaar of acht. Mijn jeugd bracht ik in Enschede door.''
Wist u al vroeg dat u schrijver wilde worden?
,,Op mijn dertiende al. Dat het toch tot m'n tweeëndertigste heeft geduurd voor ik debuteerde, komt gewoon omdat ik eerst heel lang heb getraind. Want er was geen opleiding voor. Toen ik eenmaal wist dat ik wilde schrijven, besloot ik maar meteen niet meer te studeren. Dat leek me zonde van de tijd.
,,Dus bedacht ik voor mezelf een soort opleiding: ik werkte gewoon alle genres af, van proza tot theater. Intussen zocht ik allerlei baantjes waarmee ik geld kon verdienen. Maar ik wilde geen losse dingen in literaire bladen publiceren. Nee, mijn streefdoel was: meteen een roman op het niveau dat ik voor ogen had. Dat werd Mendels erfenis.''
Inmiddels bent u al herhaaldelijk gelauwerd. Is uw tomeloze ambitie daardoor een beetje getemperd?
,,Nee, die ambitie blijft even groot als vroeger. Ik wil nog altijd wereldkampioen schrijven worden. Als ik niet meer door dat verlangen word gedreven, is de lol er voor mij af.
,,Ik wil méér zijn dan zomaar een auteur wiens boeken men leest. Zo ver mogelijk gaan in het ontdekken van nieuwe mogelijkheden, daar is het mij in de eerste plaats om te doen. Op het gebied van literatuur ben ik een tikje messianistisch, geloof ik. (brede glimlach)
,,Op de mavo ben ik twee keer moeten blijven zitten. Toen nam mijn vader me mee naar een psychologisch adviseur. Die ontdekte dat ik hoogbegaafd was. Alleen ontbrak de leerprikkel, wat bij zulke kinderen wel eens meer voorkomt. In Nederland hebben ze voor zulke jongens en meisjes nu trouwens speciale klasjes. Maar in mijn tijd werd dat nog niet onderkend.
,,Dus wat deed ik? Ik nam een abonnement bij twee bibliotheken en haalde tien boeken per week. Dát is mijn echte opleiding geweest, want in die boeken las ik tenminste de dingen die ik nog niet wist. In de klas daarentegen zat ik alleen maar te dromen en te slapen.''
Wat vindt u van de wereldkampioen schrijven van dit jaar, Dario Fo?
,,Ik was aan de universiteit van Kopenhagen, met J. Bernlef en Eddy Van Vliet, toen het nieuws bekend raakte. Op een bepaald moment verliet ik even de zaal om met de mobiele telefoon te informeren wie de Nobelprijs had gekregen. Ik hoopte dat het Claus zou zijn. Dat hoop ik trouwens al jaren, want hem vind ik echt de grootste levende schrijver van het Nederlandse taalgebied. En Harry Mulisch weet dat ik er zo over denk. (lacht)
,,Nou, toen vernam ik dat het Dario Fo was geworden. Ik kon mijn oren niet geloven. En ook Eddy Van Vliet dacht dat ik een grap maakte, toen ik het hem vertelde. Tja, ik vind het ronduit belachelijk.''
Zo denkt het Vaticaan er ook over.
,,Ja, maar de paus heeft duidelijk andere redenen dan ik om Dario Fo af te wijzen. Mijn kritiek is puur literair: Dario Fo's werk stelt op dat vlak niets voor. Ik heb zijn stukken vroeger gezien hoor, want ik was theatercriticus. Leuk vormingstoneel, maar ook niet meer dan dat. (zucht) Nou ja, volgend jaar Bob Dylan dan maar.''

HOE valt het vandaag de dag mee om jood in Nederland te zijn? Nathan vertelt dat hij niet gelooft in geloven, maar toch spreekt hij de brooches [zegeningen] over brood en wijn uit: als een oefening in zelfrelativering, in deemoed, in transcendentie.
,,Dat doe ik ook. Op vrijdagavond vieren we het begin van de sabbat. En daar houdt het ongeveer mee op. Als jood ondervind je daarbij in dit land geen specifieke moeilijkheden. Nederland is nu eenmaal zo geseculariseerd, dat het hier niet meer uitmaakt wat je bent. Tja, er zijn natuurlijk altijd gekken die rondlopen, maar waar níet?
,,Nee, een veel fundamentelere vraag is: hoe valt het mee om vandaag de dag gekleurd in Nederland te zijn? Want nogmaals: onder de zogenaamd tolerante houding van de Nederlanders gaat ook een groot ongemak schuil. Zeker ten aanzien van gekleurde mensen.
,,Dat uit zich bijvoorbeeld in de steeds weer oplaaiende wrevel binnen het Nederlandse elftal. Daar voelen de gekleurde voetballers zich duidelijk nog altijd niet lekker. Dan móet er toch wel iets niet goed zitten, hè? Maar ja, over dat soort dingen wordt hier nooit hardop gesproken, want we willen de mythe van onze tolerantie niet doorprikken.''
En de politiek schiet tekort?
,,Niet alleen in Nederland staat de politiek machteloos op velerlei gebied. 't Is iets typisch Europees, misschien zelfs iets typisch voor het hele Westen. We weten blijkbaar niet hoe we democratisch en doortastend kunnen zijn. Dat heeft de oorlog in Joegoslavië maar al te goed bewezen.
,,Volgens mij is die huidige inerte toestand in West-Europa fel gekleurd door de filosofie van de jaren zestig en zeventig. Ineens was er een verplicht oogluikend toestaan van allerlei dingen. Daar is een vorm van machteloosheid uit voortgekomen die ik niet op prijs kan stellen.''
Misschien moet u zelf maar in de politiek gaan.
,,O nee. Ik vind dat je je als schrijver erg diskwalificeert door je voor een politieke partij in te zetten. Ik kan me hoogstens inzetten voor mijn eigen denkbeelden. Maar niet voor een of ander -isme dat vastgelegd is in een programma.''
Tenzij voor pacifisme? U was ooit lid van Vrede Nu, een beweging die mee ijverde om het vredesproces tussen Israël en de Palestijnen te laten slagen.
,,Ik was daar inderdaad een tijd bij aangesloten. Maar dat deed ik niet onder de noemer van pacifisme. Ik vind namelijk niet dat je apathisch moet blijven toekijken als men je hard aanpakt of je omgeving bedreigt.''
Beide partijen hebben onlangs het voornemen geuit om opnieuw aan tafel te gaan zitten.
,Ik ben helemaal niet hoopvol gestemd. Israël heeft momenteel de slechtste regering die het na de oorlog had kunnen krijgen. De huidige premier wil alleen maar het vuur dempen. Aan het creëren van een dubbelstaat waarin twee volkeren samen kunnen leven, heeft die man volgens mij nog geen seconde gedacht.''

'IK word gek van dat heen en weer gespring', klaagt Nina tegen Nathan tijdens het lezen van oom Hermans biografie. De verwarrende structuur, dat was juist ook de belangrijkste kritiek in een aantal recensies van In Babylon.
,,Ik wist dat die kritiek er zou komen, dus heb ik het Nina zelf alvast maar even laten zeggen. 't Is een constante in mijn hele werk. Mendels erfenis, mijn debuut, was ook al een hardgemonteerde vertelling waarin heden en verleden elkaar op een aparte manier afwisselden. En, tja, dat je van de ene tijd zomaar in de andere duikelt, daar kunnen sommige mensen blijkbaar niet tegen.
,,Het merkwaardige is dat vooral literatuurcritici het daar moeilijk mee hebben. Want ik heb inmiddels tientallen lezers gesproken en de meeste vinden daar absoluut géén graten in. Dat vind ik trouwens nogal logisch. Met die technieken is men al jarenlang op de televisie vertrouwd. Zelfs de meest eenvoudige soap kent de flashback en flashforward.
,,Ik hou gewoon niet van een rechtlijnig verhaal dat op het einde ook nog eens netjes wordt afgerond. Een whodunit waarin Miss Marple altijd in de laatste scène opduikt en zegt hoe het precies in elkaar zit, dat vind ik zo flauw. Aan dat kinderachtige gedoe wilde ik me in In Babylon niet laten vangen.''

Beïnvloeden gebeurtenissen makkelijk uw schrijven?
,,Nauwelijks. Als ik een knetterende ruzie met mijn vrouw heb - wat goddank niet zo vaak gebeurt - en dat speelt zich om acht uur af, dan loop ik zoals gewoonlijk om negen uur naar boven en ga rustig aan het werk. Ook al denk ik op dat moment dat ze bij me weg zal gaan... Ik moet tot aan mijn dood met mijn eigen werk leven, hè. Daar laat ik niks tussen komen. Noch de tuin die verzorgd moet worden, noch mijn kinderen. En toch ben ik een vrij goede vader, denk ik.''
'Talent is de grootste handicap die je kunt hebben', vindt oom Herman.
,,Dat geloof ik ook, ja. Talent is zeer bedrieglijk. Talent suggereert namelijk dat het allemaal niet zoveel voorstelt, dat het makkelijk gaat. Terwijl ik juist iemand ben die als schrijver altijd op zoek gaat naar het moeilijke. Bij het begin van elk nieuw boek bekruipt me het gevoel dat ik het niet kan. En dat is goed.
,,Ook al mislukt het en komt het dus niet tot publicatie, dan heb ik tenminste de zekerheid dat ik een nieuw terrein van mijn schrijverschap heb verkend. Dat vind ik veel belangrijker dan weer eens een nieuw boek op de markt brengen, want dat is geen kunst.
,,Nathan meent te weten wat Nina's grootste angst is: ledigheid. 'Jij bent bang voor het nietsdoen', zegt hij. Zelf schrijf ik ook heel vaak, omdat ik dan tenminste bezig ben. Uit verveling kan een boel goeds voortkomen, zolang je die verveling maar probeert te verdrijven.''
Een schrijver moet behalve schrijven toch ook nog een beetje leven?
,,Nou ja, wat heet 'leven'? Dat klinkt in mijn oren altijd alsof ik 's avonds slechte cafés moet bezoeken, en daar geloof ik niet zo in. Ik sta op, ik werk en ik ga naar bed. Tussendoor komen de kinderen thuis, moet er worden gekookt en dienen allerlei andere onderhoudsklussen te gebeuren. Daarom zit ook In Babylon vol met beschrijvingen van lullige praktische bezigheden. Samen vormen die nu eenmaal het echte leven.''
U voelt niet de drang om groots en meeslepend te leven?
,,Nee, bedankt. Groots en meeslepend leven, dat laat over het algemeen alleen maar een spoor van bastaarden en schulden na. In de jaren vijftig kreeg een Italiaanse dichter, Salvatore Quasimodo, de Nobelprijs toegekend. Die man had tot dan het bestaan van een kantoorklerk geleid.
,,Toen ging hij de prijs in Stockholm afhalen en hij is nooit meer thuis geweest. Hij hoerde en snoerde erop los. Gedichten schreef hij niet meer. En twee jaar later was hij dood. Is dat dan 'leven'? Nee, dat vind ik ondergang. Ik zit liever saai thuis te schrijven.''

FLAUBERT was de leermeester van Guy de Maupassant. Zijn er collega's aan wie u veel dank verschuldigd bent?
,,Ik was al redelijk geschoold op het moment dat ik collega's leerde kennen. Maar ik ben wel blij dat ik Oek de Jong had ontmoet voor ik mijn eerste boek uitgaf. Ik had iemand nodig die me verzekerde: 'Jij kunt het. Nu is het alleen nog een kwestie van planning en afmaken.'
,,Sprookjesverteller Nathan zegt: 'Waarom moet ik uitleggen waarom de liefde verdwijnt tussen man en vrouw? Daar gaat de halve wereldliteratuur al over. Ik houd me liever met de onduidelijke verschijnselen bezig.'
,,'t Is ook het motto van mijn schrijverschap. Een liefdesgeschiedenis vind ik een te beperkt thema. Het veronderstelt namelijk dat liefde een afgebakend terrein is waarbinnen je alles kunt analyseren. En dat is een fout uitgangspunt. Liefde heeft nu eenmaal ook veel te maken met de maatschappij.
,,In Het grote verlangen laat Sam van Dijk zich ontvallen: 'Ik ken het verschil niet meer tussen seks en socialisme.' Dat is natuurlijk ironisch bedoeld, maar er zit wel iets in. Ik heb een voorkeur voor het diffuse, het ambigue: hoe dingen op elkaar inwerken. En hoe we de hele tijd dénken dat we weten hoe iets in elkaar zit, terwijl tien jaar later blijkt dat we er helemaal niks van af wisten. Kortom: het bijna klassieke probleem van de relativiteitstheorie.''
Een centraal begrip in het boek is entropie: hoe in een gesloten systeem orde onomkeerbaar overgaat in maximale wanorde. Volgens oom Herman gaan we trouwens ten onder aan onze eigen entropie. Over de mens heeft hij sowieso al geen optimistische visie: 'De mens is het excrement van de schepping. Een dier dat zich alleen maar verbeeldt moreel te zijn.'
,,Oom Herman is natuurlijk een buitengewoon cynisch iemand, maar ik ben het niet helemaal met hem oneens. We leren niks van de geschiedenis, hoewel we daar toch al behoorlijk de tijd voor hebben gehad. Vooruitgang in de zin dat het ooit beter wordt? Vergeet het. Aan de andere kant vind ik: de mens is niet goed of slecht, de mens is gewoon niks. Van een boom kun je evenmin zeggen dat hij goed of slecht is.''

OOK Internet zal de mens niet beter maken?
,,Natuurlijk niet. Het is een gewoon een fantastisch instrument dat ik met genoegen voor het schrijven van In Babylon heb gebruikt. Maar het doet niks fundamenteels met ons. Ik heb discussies gehad met mensen die zeiden: 'Het Net zal van ons stammen maken' en al dat soort flauwe kul. Waarom het Net? Waarom niet de nieuwe riolering?
,,Ik zal je iets vertellen. Als kind was ik zeer religieus. 's Avonds las ik in het Oude Testament en de hele daaropvolgende nacht was ik met die figuren in touw. Ik práátte zelfs met ze. Dan waren we samen onderweg en sloegen we bijvoorbeeld ergens een kamp op. Tja, ik had blijkbaar een sterke fantasie.
,,Geleidelijk is dat steeds meer afgenomen. Ik voelde dat vrij snel aankomen. Toen ik in de zesde klas van de lagere school voor het eerst over Darwin las, dacht ik: nou, dat wordt moeilijk. En het jaar erop was ik al zover dat niemand me er nog van kon overtuigen dat Darwin ongelijk heeft.
,,Toch ben ik niet iemand die God en godsdienst volledig afschrijft. Ik sta op het standpunt dat ik het niet weet. Dus ga ik me er zeker ook niet druk in maken om het geloof in een Niet God te verspreiden. Laat ik het zo zeggen: ik hoop dat Hij er is. En dan hebben we een paar hartige woordjes met elkaar te wisselen.''
Volgens Zeno, Nathans broer, is spijt de meest vernietigende menselijke emotie.
,,Ik heb maar van één ding echt spijt: dat ik ooit voor een krant ben gaan werken. Niet omdat ik de job onplezierig vond, hoor. Maar ik merkte dat het me te veel tijd kostte. Kijk, ik ben ook een tijd goud- en zilververkoper geweest. Dat kun je tenminste behoorlijk doen, zonder dat het je hele leven op z'n kop zet. Maar als journalist ben je niet om vijf uur klaar. Journalistiek heeft me te lang van mijn echte doel afgehouden: de literatuur.
,,Verder is er nauwelijks spijt in mijn leven. Het is een verkeerd gevoel, dus probeer ik het te voorkomen. Vandaar ook dat het zo lang heeft geduurd voor ik debuteerde. Van mijn eerste boek wilde ik beslist geen spijt hebben.''
U heeft vijf jaar aan In Babylon gewerkt. Bent u inmiddels al aan een nieuw boek begonnen?
,,Ja. Maar ik kan er nog niks over zeggen. Ik hou er voorlopig rekening mee dat het een jaar of acht, negen zal duren vooraleer er een nieuwe roman van me verschijnt. Tegen dan is iedereen me onvermijdelijk alweer vergeten.''


DS Infobib DS Home

[ Infobib ] [ DS home ]

Hosted by www.Geocities.ws

1