HET blijft kwart voor vijf. Nooit zal er iets veranderen.''
Aan die zin moet ik denken, terwijl ik op een door duiven bevuilde bank
naast een Antwerps plantsoentje wacht tot het vijf uur is. Dan ontmoet ik
Paul Mennes, die eerder die dag werd uitgeroepen tot de beste debutant van
1994. Het zinnetje, dat gelukkig niet wordt bewaarheid, sluit het tweede deel
van zijn bekroonde roman Tox af.
Even later zit ik bij Paul Mennes thuis. Vooralsnog loopt de tijd gewoon
door. ,,Die prijs flatteert me wel,'' bekent de 28-jarige Mennes. ,,Maar
literatuur is geen wedstrijdje. Het eerste wat ze indertijd op de Antwerpse
televisiezender ATV over me zeiden, was dat ik Brusselmans en Lanoye
degradeerde tot ouwe zakken. 'Hohoho,' denk ik dan, 'kan het wat trager,
alsjeblieft?'''
Mennes beseft dat er een kontrast bestaat tussen de inhoud van zijn
boeken en het circuit - of het circus - waarin ze nu terechtkomen.
Dat circuit vindt hij ,,op het surreële af bizar''.
,,Neem nu dat signeren op de Boekenbeurs. Dat is toch wel heel biezonder.
Men zou er beter wat zuiniger mee omspringen. Zelf heb ik ooit één boek
laten signeren. Het was er een van Jeroen Brouwers. In diens omgang met stijl
en techniek herken ik in grote mate het ideaal dat ook mij bij het
schrijven voor ogen staat. Hoe hij zijn romans konstrueert... dat is Bach. Naast
Brouwers voel ik mij als een straatmuzikant die een deuntje speelt op een
fluit.''
Terwijl Paul Mennes in de keuken een pot goed zwarte koffie aan het
zetten is, laat ik vanop het zeteltje waarop hij mij heeft laten plaatsnemen,
mijn ogen rondgaan in zijn witte werkkamer. Achter de tafel in de
tegenoverliggende hoek zie ik drie schappen met wat boeken, enkele baseballpetten, een
joodse kandelaar. Eén wandversiering maar: een affiche van de film A
Clockwork Orange. Vooral de elektronische apparatuur valt op:
computer, keyboards met dubbel klavier en een batterij diskettes, een
degelijke geluidsinstallatie met een metertje cd's. Heb ik de voorwerpen hier
in orde van belangrijkheid opgesomd?
,,Ik ben al tien jaar langer met geluid bezig dan met schrijven. Muziek
en ritme spelen inderdaad een grote rol in mijn boeken. De samples
die ik met dit instrument maak, pas ik ook toe in wat ik schrijf.
,,In enge zin valt het samplen samen met wat men al geruime
tijd onder 'intertekstualiteit' verstaat: het invoegen van tekstfragmenten.
Zo is in Tox een fragment uit David Bowie's Up the hill
backwards uitgegroeid tot een van de hoofdmotieven. Maar ik breid het
princiep uit, gebruik ook ritmes die ik zelf samenstel of vind in bestaande
muziek.''
- Is dit citeren geen gratuit spel?
,,Ik herinner me een morbide artikel uit NME, New Musical
Express, over de muziek die jonge zelfmoordenaars oplegden vlak voor ze de
hand aan zichzelf sloegen. Dat bleek vaak niet te zijn wat je zou
verwachten: depressieve dingen als Joy Division of Nirvana - hoewel, Nirvana
bestond toen dat artikel geschreven werd nog niet - maar wel heel vrolijke
dansmuziek, bij voorbeeld van Diana Ross and the Supremes. (lacht) Het
surreële van die kombinatie oproepen, daarvoor moet je veel verder gaan
dan gratuit citeren.
,,Het samplen is ook niet alleen op tekst of muziek gebaseerd.
Het visuele speelt ook mee. Televisie natuurlijk, maar ook wat je in de
stad ziet; je voert onvermijdelijk echo's van bij voorbeeld
reklameboodschappen met je mee.''
- Mist de lezer iets als hij de quotes en
samples niet kan thuisbrengen?
,,De moeder van mijn vriend, 72 is ze, heeft ongetwijfeld mijn
verwijzingen naar Björk niet opgepikt. Maar dat belet niet dat ze van
Tox heeft genoten.''
PAUL MENNES werkt nu bijna twee jaar bij Fnac. Hij berekent er
prijzen van cd's. Dat doet hij graag omdat hij er hele dagen muziek kan
beluisteren, ,,van feestmuziek van de Papoea's tot Duitse industriële
experimenten''.
OP de vraag of nog andere schrijvers Paul Mennes konden inspireren,
krijg ik een internationaal getint lijstje over me heen.
- Schrijven gebeurt dus ,,na de uren''?
,,Ik kompenseer het ene niet met het andere. Ik zit op mijn werk
niet te smachten naar mijn tekstverwerker. Ik schrijf in vlagen. Na al die
tijd met geluid bezig te zijn geweest, heb ik in één jaar Tox
en Soap geschreven, een resem kortverhalen en hier en daar een gedicht.
Van de weeromstuit ben ik nu weer met geluid bezig. Ik maak het
onderscheid niet zo. In mijn boeken zit heel veel muziek en ritme verwerkt.''
- Kan je daaruit besluiten dat in uw boeken vorm en inhoud op een
zelfde niveau staan?
,,Dat klinkt te negatief. De inhoud is niet onbelangrijk. Maar ik
geloof inderdaad niet in het bedenken van grote plots. De plot is dood, leve
de literatuur! Alles is al onnoemelijk veel keren verteld. Elk verhaal is
een omzetting van die zes of zeven hoofdtema's die overal in zitten, van
Sofokles tot Sneeuwwitje.
- Precies op een ogenblik dat in literatuur en in film het epos
terug ,,in'' is?
,,Er zijn altijd twee richtingen denkbaar. Zo had je in 1977 zowel
punk als escapistische disco... (aarzelt even) Sorry hoor, als ik
wat moe ben, sla ik zo'n uitleggerig toontje aan. Je moet me op tijd
terechtwijzen...''
- Het juryverslag vanmorgen klonk opvallend verdeeld.
,,Ja. Hopelijk hebben ze er goed over nagedacht en weten ze wat ze
in huis halen. Met Tox dacht ik aanvankelijk een soort van
cultboek te hebben geschreven. Het had niets gemeen met wat er toen in Vlaanderen
te lezen viel.''
- Is wat u schrijft werkelijk zo nieuw? U wordt in één adem genoemd
met de door het Nederlandse tijdschrift Zoetermeer gegangmaakte
,,Nix-Generatie'': Rob van Erkelens, Ronald Giphart, Joris Moens...
,,Ik had op het ogenblik dat ik Tox schreef nog niet
gehoord van Giphart en Moens. Ondertussen las ik Kou van jou... Sorry,
ik bedoel: Ik ook van jou... (lacht) Da's mooi, hé, zo'n
liefdesverklaring tussen Brusselmans en Giphart! Maar inderdaad, vooral de
verwantschap tussen wat ik doe en bij voorbeeld Bor van Joris Moens vond
ik griezelig.''
- Vindt u dat storend?
,,Ik kan me slechtere konfraters voorstellen. Overigens verzet ik me
niet tegen de labels die ze op mijn werk kleven. Dat zou me te veel
energie kosten. Ze doen maar...''
- Ook in iemand als Brett Easton Ellis moet u een voorganger
erkennen?
,,Ik kan niets nieuws verzinnen. Ik voel mij daar ook niet slecht
bij. American Psycho van Ellis is zo'n ongelooflijk monument. Daar
ben ik uiteraard door beïnvloed.''
,,Alles bij elkaar las ik nooit veel Nederlandstalige boeken, omdat ik ze
te duur vond. Ik verslond dan maar Engelse en Amerikaanse pockets. Ik heb
een soort van Oscar Wilde-fixatie gehad en heb heel veel gehouden van de
donkere satire van Evelyn Waugh. Van Allen Ginsberg ook, William Burroughs,
of de Amerikaanse comics: Batman, Superman, Spiderman... En dan
zijn er ook de Fransen: Lautréamont bij voorbeeld, of Georges Batailles
L'Histoire de l'Oeuil.''
- Tox en Soap zijn gelijkaardige, maar toch ook heel
verschillende boeken. Hoe zou u dat verschil omschrijven?
,,Ze lijken allebei in één geut geschreven, maar zijn toch heel
gekonstrueerd. Tox is een drieluik. Sommige, vaak gruwelijke, zaken
komen in elk deel terug. Als een handgranaat, die vanaf het begin blijft
ontploffen. In Soap heb ik een ander systeem toegepast. Het begint
vrolijk, op het onnozele af, met die opsomming van al die verschillende
soorten chips. Maar het boek wordt naar het einde toe almaar gruwelijker. Het
werkt als een dum-dumkogel. Waar de kogel het lichaam binnenkomt, ontstaat
er een klein gaatje; hij verlaat het lichaam langs een grote, gapende
wonde. Dat is het belangrijkste verschil tussen beide boeken.''
- Wat komt er na de dum-dum-kogel?
(grinnikt) ,,Aha! Het totale armageddon, zeker?''
UW boeken zijn soms zo grimmig en gruwelijk, dat een mens zou
hopen dat u het allemaal heeft verzonnen.
,,Maak je geen zorgen: ik ben een absolute couch potato...''
- Een wat?
,,Een couch potato, een sofa-aardappel. Als het
aan mij lag, zou ik nooit buitenkomen. Mijn idee van een leuke avond is:
voor de tv zitten zappen met de volumeknop dicht, een boek over Amerikaanse
pulp-comics en een van Hollinghurst bij de hand, en uiteraard een
cd op. (ironisch) Er zou mij wel eens iets kunnen ontgaan! Dat
alles samen is voor mij al boeiend genoeg.''
- Maar het is de werkelijkheid niet?
,,Wordt iemand die op straat rondloopt, gekonfronteerd met de
werkelijkheid? Werkelijkheid en fiktie lopen door elkaar. Wat gebeurt er bij
voorbeeld op een popkoncert? Om de ene of andere bizarre reden betalen mensen
ontiegelijk veel geld om op een wei te gaan staren naar de reusachtig
uitvergrote videobeelden boven het podium, terwijl ze zelfs niet weten of er wel
degelijk live wordt gespeeld. Je kan net zo goed dat optreden op televisie
bekijken. Sommige dingen zien er op televisie veel beter uit dan in
werkelijkheid. Als je Lynn Wesenbeek zou tegenkomen op straat, zou je wellicht
niet omkijken.
,,Ik heb nooit anders geweten dan dat er televisie was. Mijn ouders zijn
opgevoed met de televisie, ik ben opgevoed door de
televisie. We leven in een totaal artificiële wereld. Internet!''
- U heeft geen belangstelling voor het echte?
,,Absoluut niet. Reizen naar de plek die op een prentkaart staat
afgebeeld, voegt niets toe aan de prentkaart zelf.''
- In het juryrapport van de debuutprijs staat nochtans dat je op
opmerkelijke wijze het beeld hebt geschetst van een subkultuur. Dat
veronderstelt of suggereert minstens dat je die subkultuur aan den lijve zou hebben
ondervonden?
,,Ik pluk mijn materiaal vooral uit nieuwsberichten. Misschien zou
ik wat meer moeten buitenkomen. Of is juist het feit dat de wereld er
tegenwoordig uitziet zoals ik ze beschrijf, een goede reden om dat helemaal niet
meer te doen...?
,,Men zegt dat ik 'zedenromans' schrijf. Daar wil ik mij niet over
uitspreken. Net zomin laat ik in mijn boeken weten 'wat ik daar nu als schrijver
van vind'. De lezer oordeelt best zelf. Of mijn verhaal nu overeenkomt met
de realiteit? Fiktie is fiktie. Wat betekent dat trouwens, 'subkultuur'? Er
bestaan allerlei subkulturen naast elkaar: neopunks, latente hippies,
enzovoort.
,,Autobiografisch? Ach, daar heb je die verkapte vraag of ik mij ook in
de drugsprostitutie stort of tekeer ga met zweep en tepelklem! Kijk, een van
de naar mijn smaak gruwelijkste stukken in Soap, het hoofdstukje
'Voodoo', is tot stand gekomen door te spelen met de synoniemenlijst in
mijn computer. Ik zeg uiteraard niet dat je een boek door een machine moet
laten schrijven, maar mijn inbreng in het Vlaamse folkloredrama is echt niet
interessanter dan die van u of die van mijn buurvrouw! Stel dat ik dáárover
zou schrijven, dat zou een ongelooflijk saai boek worden!''
- De homoseksualiteit die u in zowel Tox als
Soap aan bod laat komen, is wel een autobiografisch element?
,,Ja, maar homoseksualiteit is niet meer dan een motief, zoals drugs
in Tox en de zwarte zon in Soap motieven zijn. Het
hoofdtema van beide boeken is de doodsdrift. En wat dat betreft, wordt het er
niet beter op. In alles wat ik maak, is de sterfte opmerkelijk hoog!
(lacht) Ik schreef net een verhaal waarin liefst 26.000 mensen tegelijk
doodgaan!''
- En dat terwijl de sponsor van de debuutprijs ook
kankerbestrijding financiert, zoals we daarnet vernamen.
,,Wat je zegt!''
- De personages in uw boeken zijn enorm agressief.
,,Kijk naar wat Quentin Tarantino doet. Onlangs zag ik op tv,
in primetime nota bene, in een of andere politiefilm, een moord met een
boor. Die kerel zijn hoofd, in full view... En even later bleek
een ander totaal overkop te gaan omdat nog een ander met twee mensen
tegelijk seks had gehad. Op tv is geweld ok, blijkbaar. Ik verklank dat in mijn
boeken.''
- Toch heeft u het in Soap, een boek waarin u vrij ver
gaat in uw beschrijving van geweld, op een bepaald ogenblik over
,,onnoemelijke dingen''.
,,Je kunt nooit álles zeggen. Had iemand ooit vóór 1940 de holocaust
of de atoombom zelfs maar kunnen bedenken, als fiktie? De lezer moet zijn
persoonlijke nachtmerries kunnen projekteren op een plaats die door de
schrijver open wordt gelaten. Je moet ergens stoppen. Anders krijg je het
effekt van De 120 dagen van Sodom van De Sade. Een te grote
opstapeling van hetzelfde wordt op de duur zo droog als een telefoonboek. Trouwens,
op het ogenblik dat ik merk dat ik in herhaling val, stop ik met
schrijven.''
INHOUDELIJK blijft het allemaal erg zwart. Het medelijden dat af
en toe ter sprake komt, is altijd een bijna-medelijden. Eénmaal in
Tox gebruikt u het woord ,,hoop'', maar dan alleen om een cynisch effekt
te sorteren: gegrom wordt gehoord, en de ik-figuur ,,hoopt'' dat het van
de gedrogeerde hond Kafka afkomstig is en niet van een van de delirerende
mensen in zijn buurt. Maar laat mij toch maar eens advokaat van de duivel
spelen en in uw werk naar iets positiefs speuren...
,,Ik zou dat zelf ook fijn vinden. Ik krijg alleen maar reakties dat
het allemaal zo donker en negatief is, terwijl ik het twee zeer grappige
boeken vind.''
- Ok. Positief is in elk geval het feit van het schrijven zelf. U
creëert er overzichtelijkheid mee, en schoonheid.
,,Het gevolg van schrijven is inderdaad dat sommige dingen waar ik
bang van ben, die mij storen, waar ik mij druk in maak, overzichtelijker
worden. Ik ontleed de chaos. Ik mag dan wel het meeste van al dat gruwelijke
in mijn boeken bedacht hebben, dat betekent ook dat ik het
gedacht heb, dat dat gruwelijke dus ook in mij aanwezig is.''
- Tox en Soap zijn met al hun verwijzingen wel erg
tijdsgebonden. Vreest u niet dat uw boeken snel verouderd zullen zijn?
,,Ik vind het wat hoogmoedig boeken te willen schrijven voor de
eeuwigheid. Nu, je tijd uitdrukken doe je onvermijdelijk. En wat heet
verouderen? Het chipsassortiment waarmee ik Soap begin, was na drie weken
alweer achterhaald.''
- Wat met het beeld van de naar onsterfelijkheid hengelende
schrijver?
,,Daar heb ik niet zoveel last van.'' (groot jolijt)
PASCAL CORNET