Hoe houdbaar is Kees van Kooten?

Kees van Kooten: Verplaatsingen. De Bezige Bij.

Toen Godfried Bomans gestorven was, las je in allerlei necrologieën dat hij een begenadigd humorist was. Eveneens kon je lezen dat hij jarenlang zijn talenten had verloochend. Van Bomans verwachtte iedereen ooit nog een meesterwerk, de ultieme roman. Die heeft hij nooit geschreven.

Lolbroekerij
Hij was te druk met lolbroekerij op de radio en op tv, waar hij in verschillende panels leuke, van tevoren geschreven, antwoorden gaf op vragen uit het publiek.  Het publiek waardeerde dat enorm. En langzamerhand kende het publiek ook alle familieleden van Bomans. Hij hoefde maar te zeggen: "Ik had een oom...... en de zaal lag al dubbel. Die mooie roman kwam maar niet, want hij entertainde het volk. Wie leest nu nog Godfried Bomans?
Kees van Kooten lees ik altijd met veel plezier. Ik kan hele stukken van hem nadoen. De programma's van Van Kooten en De Bie verzwelg ik. Ik gebruik veel van zijn neologismen in de dagelijkse praktijk: "Hij is wat woordguls" of "We hebben vandaag zwijgstront".  Niettemin krijg ik bij elke nieuwe Van Kooten het idee dat hij ten onder zal gaan aan het Bomansvirus.

Familie
In het boek Verplaatsingen komen we weer de hele gelukkige familie Van Kooten tegen. Die verhaaltjes zijn leuk om te lezen en bovendien erg knap geschreven. De petites histoires van Van Kooten voeren je mee, van New York naar Indonesië, naar de Tour de France en weer terug naar de straat waarin zijn moeder woont. En die verhaaltjes zijn leuk, leuk, leuk.
De eerste zinnen van de verhalen zetten daarbij meteen de toon. "Ik heb slecht geslapen, want in de kamer naast mij lag Monica Seles de hele nacht te kreunen." "Dat ik rook weet ik nu
eigenlijk wel zeker, maar daarnaast ben ik bang dat ik drink." "Omdat zij het zo lekker vond ruiken heeft zij als meisje van drie op een zondagochtend om half zes eens een stukje vlakgum in haar neus gestopt dat zij er niet meer uit kreeg en ik ook niet, hoewel ik het nog wel een half uur lang probeerde, eerst met een fruitvorkje en daarna met een uitgevouwen paperclip waarmee ik het gummetje steeds hoger en hoger opduwde en toen hebben wij anderhalf uur door de polder rondgereden, op zoek naar een dokter die al open was, zij huilend en ik biddend; maar dat is dus allemaal goed gekomen want veertien jaar later loop ik met mijn dochter door Londen."
Hoe moet je onder woorden brengen dat je iemand waardeert, van wie je tegelijkertijd denkt dat hij tot nog grotere prestaties in staat is en in wie ik daardoor telkens opnieuw toch een beetje teleurgesteld bent. De enige roman die Van Kooten schreef, Hedonia, leek een opstap te zijn voor meer serieuzere literatuur, omdat hij daar meer te vertellen had dan het, overigens komische, verhaal. Hedonia is een statement over humor. Daarna ging Van Kooten weer terug naar de anekdote. De novelle Zwemmen met droog haar was ook een poging om meer dan leuk te zijn, maar bleek in feite niet meer te zijn dan een wat al te groot uitgevallen verhaal, dat door de al te opgelegde boodschap enigszins belerend was. Kortom, ik wacht op de grote ultieme roman van Van Kooten.  De roman waarin hij niet hoeft te scoren.
Misschien is het een foute gedachte van mij om te denken dat mensen die ergens satirisch commentaar op leveren, in staat zijn om meer te kunnen dan satire. De achterliggende gedachte is misschien wel het cliché over de clown; achter elke glimlach gaat een wereld vol leed schuil of een wereld vol wijsheid. Het is met die valse verwachting dat ik telkens hoopvol in de nieuwe Van Kooten start.

Honkbal
Dan maar gewoon lachen. En dat kun je om de nieuwe Van Kooten. Bijvoorbeeld in het verhaal 'Joejork' waarin Van Kooten een honkbalspel bezoekt en in een stadion vol vanggrage Amerikanen een intens begeerde honkbal uit het veld vangt, en tot verbijstering van iedereen het kleinood weer teruggooit. In Amerika koester je zo'n honkbal als een relikwie en de Hollandse gewoonte om een bal weer in het veld te brengen, levert slechts hoongefluit op en een levenslange verbanning van de honkbaltribunes.
Zo zou ik uit elk verhaal elementen kunnen halen waarom ik gelachen heb, en de kunde om iemand aan het lachen te krijgen, is zeker voldoende ter rechtvaardiging van een bestaan, maar toch... Zou Van Kooten over veertig jaar nog gelezen worden?  Hoeveel mensen lezen nog verhalen van Bomans of Carmiggelt? Hoe vluchtig is humor en vooral hoe houdbaar is Van Kooten?

Coen Peppelenbos
 

19 september 1993 

Hosted by www.Geocities.ws

1