Schrijver Haasse, Hella S.
Titel Transit
Jaar van uitgave 1994
Bron Leeuwarder Courant
Publicatiedatum
11-03-1994Recensent Gerrit Jan Zwier
Recensietitel Dubbele eenzaamheid
Hefia S. Haasse heeft het Boekenweekgeschenk opgedragen aan haar kleindochter Wie 'Transit' gelezen heeft vermoedt dat deze opdracht meer inhoudt dan een aardige geste: niet alleen probeert de schrijfster door te dringen in de geest van een achttienjarige kruidje-roer-me-niet, maar zij schetst tevens de groeiende verstandhouding die er tussen dit meisje en een oude man ontstaat. Voor het eerst van haar leven heeft Iks Westervliet werkelijk contact met iemand die niet tot haar generatie en vriendenkring behoort. Ifij zou haar grootvader kunnen zijn. Na een zwerftocht door Zuid-Europa is Iks in Amsterdam teruggekeerd. De inhoud van haar rugzak is haar hele bezit. Na anderhalf jaar liften en werken zag ze geen gat meer in dit 'vrije' leven. De opzet was dan ook heel anders geweest; swnen met haar vriendin Abna en haar vriend Daan zou ze over de wereld trekken: Ze wilden zoveel mogelijk landen en levenswijzen leren-kennen niet als toeristen of luxeparasieten maar door zich aan te passen aan het bestaan van alledag van die verschillende volken." Waar leefde men op een waarlijk tolerante pacifistische wijze. Met zijn drieën waren ze het erover eens dat het leven van een stomme consument niet de hunne was. Op initiatief van Iks verlieten ze voor hun eindexamen de middelbare school. Links en rechts namen ze allerlei baantjes aan om het spaargeld bijeen te brengen dat voor hun wereldreis nodig was. Ze leefden spartaans, in een uitgewoonde pijpela, zonder drugs en alcohol. Helaas raakten Alma en Daan verliefd op elkaar en sloten Iks steeds meer buiten. Zodat ze tenslotte maar in haar eentje op reis ging.
De eerste die ze in Amsterdwn tegenkomt is een apathische Daan die het leven van een stadszwerver leidt. Alma blijkt spoorloos. Dooreen merkwaardig toeval belandt ze in het huis van een oude man die zich van de wereld heeft afgewend. Oud-professor Cluysmans is werkelijk een kluizenaar zoals ook Iks (afkorting van Xenia=vreemdelinge) haar lot in haar naam meedraagt. De oude man vult zijn tijd met het schrijven van zijn 'rapiarium' dat wil zeggen met het noteren van losse invallen en beschouwingen van cultuurfilosofische aard. Die notities zorgen voor een bezonken contrapunt binnen het verhaal dat verder verslag uitbrengt van Iks zoektocht naar Alma haar nieuwe baantje bij de stadsreiniging en haar ontmoetingen met een louche type dat bij Cluysmans wil inbreken. Aanvankelijk doet de in het zwart geklede Iks de professor denken aan zijn Parijse tijd in de jaren vijftig toen de moordenaar 'e3dstentialisten eveneens zwart was. Maar de jongeren die h,1 kende waren eerder aanhangers van Genet dan van Sartre dus eerder crimineel georinteerd dan filosofisch. Zijn argwaan is echter van korte duur. Iks mag, in ruil voor enige verzorging in zijn huis slapen en zo de plaats van de weggelopen huishoudster overnemen. Hij herkent in het stugge meisje zijn eigen eenzaamheid. Wat ze ook gemeen hebben is hun afwijzing van de moderne tijd. Ieder verwoordt die op zijn eigen manier: Iks heeft het over de karakterloze glossy-achtigheid " van het leven om haar heen Cluysmans over een leven dat beheerst wordt door wetten van techniek industriële produktie en door gewoonten en mores die
een louter commerciële basis hebben", Het komt pas tot een conflict als Iks op een nacht de haveloze Daan mee naar huis neemt. Die moet er onmiddellijk weer uit roept de toornige huiseigenaar. later accepteert hij - in zijn notities althans - haar beschuldiging dat hij éen 'lafaard' en een 'egöïst' is. Het laatste wat Iks voor de kluizenaar doet, is hem dwingen haar op een wandeling te vergezellen. Een mens mag zich dan eenzaam voelen hij hoort niet als een asociale heremiet te leven. Zelf gaat ze na een week weer haar eigen weg op zoek naar Alma die diep in de prut is weggezakt. Zij bezit nog het 'verantwoordelijkheidsgevoel ' en het 'zedelijk onderscheidingsvertnogen' die volgens de professor in deze tijd steeds meer wegslijten. 'Transit' is vooral de moeite waard vanwege het portret van de weerbarstige Iks die haar eigen idealen heeft. De professor met zijn 'rapiarium' die als vrijwillige balling in zijn boekenkast leeg is heel wat minder overtuigend. Toch heb je steeds het gevoel dat Haasse zich in die boekenkast beter op haar gemak voelt dan in het milieu van vechtsporters en here;inehoeren. Maar als haar kleindochter een beetje op Iks lijkt dan zal ze de goede bedoelingen van haar grootmoeder zeker weten te waarderen.