Schrijver Gestel, Peter van
Titel Nachtogen
Jaar van uitgave
1996Bron De Stem
Publicatiedatum 02-05-1996
Recensent Muriel Boll
Recensietitel Pubers en halve gedachten
'Meisjes van dertien, niet zo gelukkig... Meisjes van dertien, er net tussenin,'zong Paul van Vliet eens. Over zo'n meisje schreef Peter van Gestel een boek: Nachtogen. Hij schreef eerder boeiende verhalen, o.a. Lieve Claire, over pubers die niet klakkeloos doen wat volwassenen van hen verwachten. Nachtogen gaat over Laura. Ze is niet echt mesjokke, vindt Laura zelf, maar volgens haar moeder is ze wel een beetje mal en haar vader ziet haar vast als 'die slome Laura die er niets van snapt'. Laura draagt een bril sinds haar zevende jaar en nog steeds heeft ze daar een enonne hekel aan. Ze kan toch alles zien, vindt ze zelf vooral in het donker. Dat de dingen er in het echt vaak anders uitzien, is voor Laura geen probleem, integendeel, ze schept haar eigen wereld. De dag voor haar veertiende veijaardag begint slecht. Laura verslaapt zich, omdat ze tegen een proefwerk biologie opziet en later ontdekt ze dat haar vader niet met een paar vrienden naar de wintersport gaat, zoals hij beweert, maar met een opgetutte mevrouw die in een parfumerie werkt. Door de ontdekking dat haar vader met een vreemde vrouw gaat 'rollebollen in de sneeuw', raakt Laura nog meer van slag. Die dag, die avond en die nacht blijft ze van huis weg en als ze 24 uur later weer opduikt, is ze heel wat ouder geworden. Laura gaat aan het zwerven in het centrum van de stad, waar ze haar oudere nichtje Liesbeth tegenkomt; ze worden gesnapt bij het stelen van een lippenstift. Later jaagt Laura de parfumeriemevrouw de stuipen op het lijf en heeft ze een vreemd filosofisch gesprek met een oude man in een snackbar. 'Mooi stelletje zijn wij,' zei de oude man. 'Jij bent pienter. Niet datje daar gelukkiger van wordt. Evenknieën zijn dun gezaaid. Je krijgt te maken met mensen die donnner of nog pienterder zijn, tel uitje winst."s Avonds gaat ze naar een feest waar ze Liesbeth weer treft en Liesbeths vriendje, Tomniie. Het is zo'n feestje waar je voornamelijk in je eentje feestviert en waar je uiterst diepzinnige onzingesprekken kunt hebben met een wildvreemde. Laura en Liesbeth gaan met Tomnlie in een gejatte auto op weg naar het zuiden, weg van ouders waar je toch niets aan hebt. Echt ver komen ze niet, maar dat is ook niet de bedoeling. Onderweg nemen ze een lifter mee. Kris heeft gedaan waar de anderen. mee koketteren: hij is echt van huis weggelopen. Van de vier jongeren is Liesbeth de meest realistische, van wie je voelt dat ze zich vrij gauw aan het leven zal aanpassen, Tommie is een sympathieke jongen die een beetje de macho uithangt en Laura is het denkende, observerende type. Kris blijkt Laura's evenknie te zijn en net zo kwetsbaar. Van Gestel portretteert hen als pubers van vlees en bloed. Hij laat ze in hun gesprekken als het ware hun nagels aan e@ slijpen, terwijl ze razendsnel hun gedachten ontwikkelen achter adremme zinnen. Die gedachten schrijft hij niet kant-en-klaar voorje op, de lezer moet zelf maar achter de woorden zoeken naar wat hij wil vinden. Zo laat hij de gedachten in het hoofd van de lezer ontstaan, zoals dat ook bij Laura en de anderen gebeurt. Hier en daar vind ik de dialogen wat te bedacht, maar het is wel de manier waarop veel pubers denken. Van Gestel maakt Laura's eenzaamheid des te schrijnender door haar kippigheid, en door de manier waarop hij haar in het
lege huis laat rondscharrelen en laat praten met een opgezette uil met zijn nachtogen. Bij gebrek aan ouderlijke belangstelling neemt die uil soms de rol van ouder over, soms is hij het stemmetje van binnen waartegen Laura zich afzet of het juist mee eens is. In Nachtogen geeft Van Gestel een levendig beeld van 24 spannende uren uit het leven van Laura, maar meer dan die beelden geeft hij je niet. Genoeg om de kleuren en geluiden vanzelf in je hoofd te laten ontstaan die er een mooie film van maken. Het boek ziet er heel aantrekkelijk uit met op de omslag een tekening (van Nonnan Rockwefl) van een meisje dat peinzend in de spiegel kijkt.