Leestafel

Momo en de tijdspaarders
Momo is een klein meisje, zij leeft zonder familie
in een oud amfitheater. Haar gave is dat ze kan luisteren naar een ander, en
wel zodanig dat de ander er een hoop van leert over zichzelf, en daarvan
opknapt. Zo komt het dat alle mensen die in de stad vlakbij wonen graag bij
haar komen, en met haar praten. Doordat Momo
luistert, lossen zich hun problemen op..
Ook de kinderen komen, en zij beleven er heerlijke speelmiddagen, zonder zich
te vervelen of ruzie te maken.
Maar in de stad zijn de grijze mannen, de tijdspaarders:
"Er is en groot en toch heel alledaags geheim. Alle mensen hebben
er mee te maken, iedereen kent het, maar slechts weinigen
denken er ooit over na. De meesten accepteren het
gewoon en verbazen zich er helemaal niet over. Dit geheim is de tijd.
Want tijd is leven. En het leven woont in je hart.
Niemand wist dit beter dan de grijze heren. Niemand kende de waarde van een
uur, een minuut, ja van een enkele seconde leven zo goed als zij. Zij gingen er
wel op hun manier mee om, zoals bloedzuigers met bloed omgaan en handelen
daarnaar op hun eigen manier."
De grijze
heren krijgen langzaam aan all inwoners van de stad
in hun macht. Ze halen ze over om tijd te sparen: door steeds meer niet echt
noodzakelijke dingen in hun leven niet meer te doen, besparen ze tijd. De
grijze heren sparen die voor hen, zeggen ze, en niemand heeft in de gaten hoe
leeg, saai, en treurig het leven wordt als ze alleen nog maar hard werken en
geen tijd meer hebben voor rust en gezelligheid.
Zo komt het dat Momo steeds minder bezoek krijgt: de
volwassenen hebben geen tijd meer, en de kinderen ook niet. Momo
gaat de stad in, om te onderzoeken wat er aan de hand is. Zo trekt zij de
aandacht van de grijze heren. Eentje probeert ook Momo's
fantasie aan banden te leggen, maar bij haar lukt het niet. Ze luistert naar
zijn overredingspogingen en voor hij het weet is hij haar aan het vertellen wat
de echte bedoelingen zijn van het tijdsparen.
"Wij
mogen niet bekend worden,' hoorde ze als van verre,
'niemand mag weten wie we zijn en wat we doen...wij zorgen ervoor dat geen mens
zich ons herinneren kan...Alleen zolang we niet herkend worden kunnen we ons
werk voortzetten...een moeizaam werk, de mensen de tijd die ze te leven hebben
met uren, minuten en seconden af te troggelen...want alle tijd die ze sparen is
voor hen verloren..wij trekken die naar ons toe...wij slaan hem op...wij hebben
hem nodig...wij hongeren ernaar..Oh, jullie weten niet wat het is, jullie tijd!
Maar wij, wij weten het en zuigen jullie uit tot op het
bot...wij hebben ook steeds meer nodig..steeds meer...want ons aantal groeit
ook steeds...steeds meer...steeds meer..."
De grijze
heren weten nu dat Momo een vijand is. Ze probeert
nog met de weinige kinderen die nog komen spelen de volwassenen tot inzicht te laten komen, maar dat mislukt. Onder invleod van de grijze heren nemen de volwassenen een
besluit: er wordt opvang gecreeëerd, waar de kinderen
niet spelen, maar leerzaam bezig gehouden worden. Ze spelen niet meer, ze
hebben geen fantasie meer.
Momo is alleen...maar als de grijze heren haar komen
halen, is ze verdwenen..
Michael Ende heeft net als in
"Het oneindige verhaal" een bepaalde boodschap in een sprookjesachtig
jasje gestoken. Het is wederom een kind dat de wereld redt van een dreiging.
Maar het is geschreven als een spannend avontuur, niet belerend. Een heerlijk
boek.
Met illustraties van Dirk van der Maat
ISBN
9060694201 Gebonden Verschenen: augustus 2000 Uitgeverij Lemniscaat