|
Schrijver |
Dros, Imme |
|
Titel |
Ongelukkig
verliefd |
|
Jaar van uitgave |
1995 |
|
Bron |
Levende talen |
|
Publicatiedatum |
4-06-1995 |
|
Recensent |
Kraaijeveld, Ruud |
|
Recensietitel |
Besprekingen |
Bijna vijftien jaar geleden
publiceerde Imme Dros De zomer van dat jaar, een
autobiografisch getint jeugdboek dat zich afspeelt op Texel. De hoofdpersoon
Daan List is een schuchtere jongen vantwaalf zonder
veel zelfvertrouwen die erg opkijkt tegen het komende schooljaar, waarin hij
voor het eerst naar de middelbare school in Den Helder zal gaan. Het verhaal
beschrijft de zomer die eraan voorafgaat. Daan List komt in die periode in
contact met het 'Geitewijf', een getalenteerde
tekenares, die Daan helpt bij het ontwikkelen van zijn creatieve gaven en
daarmee tegelijkertijd zijn zelfvertrouwen versterkt. Twee jaar na dit boek
verscheen Lange maanden, waarin Daan opnieuw de hoofdpersoon is. Hij is nu
zeventien en heeft aanvankelijk een moeizame relatie met Jetta
Geerts. Tekenen is nog steeds belangrijk voor hem en
hij neemt opnieuw les, nu bij de schilder Veerkamp. Daar ontmoet hij de mooie
Welmoed van de Werf, op wie hij verliefd wordt. Als
dat wederzijds blijkt te zijn, ontstaat een korte, stormachtige relatie, die
echter op niets uitloopt.
Deze beide Texelse
jeugdboeken werden destijds door de kritiek lovend besproken. Voor De zomer van
dat jaar kreeg de schrijfster zelf een Zilveren Griffel.
Ik vind het zeer verrassend
dat Dros na zoveel jaren nu met een derde jeugdboek over de belevenissen van
Daan List komt. Dit zal echt het laatste zijn, want volgens de achterkanttekst
rondt zij hiermee haar trilogie over een Texelse jeugd in de jaren vijftig af.
In Ongelukkig verliefd is
Daan iets ouder dan in Lange maanden. Hij heeft zich ingeschreven als student
in Amsterdam en het boek beschrijft wat hij gedurende dat eerste studiejaar
meemaakt. Het kost hem vreselijk veel moeite zijn draai te vinden. Hij heeft
weinig contacten en hij zit slecht in z'n vel: 'Mijn plannen
een groots en meeslepend leven te beginnen leken meteen gedoemd te mislukken.
Het was duidelijk, ik paste niet bij groots en meeslepend levende jongens. Ik
was niet ad rem en ik kende de wereld niet, kwam van het platste platteland dat
er bestond... Ik viel uit de toon, durfde mijn mond niet te open te doen.' Dat
hij zich diep ongelukkig voelt komt ook doordat hij tegen zijn zin Nederlands
is gaan studeren: hij had naar de Rietveldacademie gewild, maar zijn vader
heeft hem dit uit het hoofd gepraat. Daans grootste
probleem in deze periode is echter Reina Bor. Hij kan haar niet uit zijn gedachten zetten. Op Texel
is ze een tijdje zijn vriendin geweest, maar door allerlei verwikkelingen is
dat uit geraakt. En dat kan hij maar niet verwerken. Z'n
situatie verbetert iets als hij zijn tekentalent herontdekt; op elk moment van
de dag, in elke situatie zit hij te tekenen. In het studentenwereldje begint
hij al gauw bekend te staan als de jongen die 'op bierviltjes' tekent.
Een echte ommezwaai vindt
plaats als de volkomen geschrifte Icarus Bakker zich
over Daan ontfermt. De bijna afgestudeerde, schatrijke Icarus
trekt dagelijks met Daan op, hij helpt hem aan een goedkope kamer in het
centrum en laat kennismaken met het echte studentenleven. Icarus
neemt ook Daans tekentalent serieus. Hij vraagt Daan
een portret te maken van zijn zus Liliane en is
verrukt over het resultaat. Hoewel Daan Liliane
aanvankelijk een lelijke, lompe trien vindt, wordt hij verliefd op haar. Dat
avontuur duurt maar kort, omdat Liliane van de ene
jongen naar de andere fladdert. Echt diepgaand zijn Daans
gevoelens ook niet voor haar. Steeds blijft Reina Bor in zijn hoofd rondspoken. De mensen in zijn omgeving
zorgen daar ook steeds voor. Daans vriend Wubbe, ook van Texel en ook in Amsterdam studerend, hoort
regelmatig wat van Reina en vertelt dit tegen Daan.
Ook Daans zus Klaartje
blijft hem op de hoogte houden. Zo weet hij dat Reina,
die in Leiden studeert, een andere vriend heeft. Daan doet alsof die berichten
hem niet raken, maar inwendig voelt hij zich verschrikkelijk gekwetst.
Een moeilijk
periode dient zich aan als hij een paar keer zakt voor zijn schriftelijk
literatuurtentamen en nog één mogelijkheid krijgt: een mondelinge herkansing.
Als hij daarvoor slaagt en terugkeert naar zijn kamer, zit daar tot zijn grote
verbazing Reina op hem te wachten. Ze hoeven elkaar
maar aan te kijken om te weten hoe ze over elkaar denken: ze zijn nog steeds
dolverliefd op elkaar.
Ongelukkig verliefd is een
voorbeeldige jeugdroman. Het boek heeft een interessant, aansprekend en
herkenbaar thema, vertelt over een afwisselende en belangrijke periode van een
jong mensenleven, geeft boeiend, levendig en psychologisch haarscherp beeld van
een jongen in moeilijke omstandigheden zonder te vervallen in omslachtige
psychologiserende beschrijvingen, bezit door de vele gebeurtenissen genoeg
vaart, heeft diepgang en humor, is prachtig van taal, vernuftig van opzet, maar
toch helder van compositie en toegankelijk voor een grote groep lezers. Dat
laatste is opmerkelijk want veel van wat Dros tot nu toe had geschreven, leek
vooral bestemd te zijn voor literaire fijnproevers. Doordat een volwassen
aanpak gecombineerd is met een aansprekende, toegankelijke manier van
vertellen, kan dit boek een belangrijke schakel vormen tussen de
jeugdliteratuur en de literatuur voor volwassenen.
Er zijn de laatste jaren
diverse interessante jeugdboeken verschenen die zich bevinden in dat
overgangsgebied, maar die zogenaamde young adult literature van Chambers (De tolbrug), Voigt (De ruiter
met het masker, Orfie), Von
Bredow (Ik en mijn broer), Silver
(Pythondans) en Pohl (We noemen hen Anna) vraagt door
de ingewikkelde vorm, de compositorische uitwerking, het subtiele gebruik van
literaire symboliek en de stilistische moeilijkheidsgraad nogal veel
intellectuele inspanning en veronderstelt bij de middelbare scholier een
tamelijk ver ontwikkelde literaire competentie. Soms eisen die boeken zoveel,
dat ze moeilijk toegankelijk zijn, met name die van Chambers. Net als Anne Provoost met Vallen, is Imme Dros er met Ongelukkig verliefd in geslaagd een
'overgangsboek' te schrijven dat wél voor velen geschikt is, zonder dat ze op
literaire kwaliteit heeft ingeleverd. Dat is een prestatie van de eerste orde.
Dros heeft hiermee opnieuw bevestigd dat zij één van de belangrijkste en meest
veelzijdige jeugdboekenschrijfster van het moment is. Kortom, dit boek is een
absolute aanrader voor 4-havo en 3-vwo.