|
Schrijver |
Beckman, Thea |
|
Titel |
Geef me de ruimte |
|
Jaar van uitgave |
1976 |
|
Bron |
De Volkskrant |
|
Publicatiedatum |
08-05-1976 |
|
Recensent |
Bresser, Jan Paul |
|
Recensietitel |
Middeleeuws verhaal boeiend opgezet door Thea
Beckman |
Met de regelmaat van de klok verschijnen er kinderboeken
op de markt die in de geschiedenis duiken. Schrijvers als Alet Schouten bijvoorbeeld
en Henk van Kerkwijk en Jan Terlouw zoeken inspiratie voor hun verhalen in het
(al of niet recente) verleden. Thea Beckman heeft met haar jeugdboek Kruistocht
in spijkerbroek bewezen een stuk historie helder en spannend te kunnen
verbinden met de actualiteit van vandaag. In haar nieuwe boek Geef me de
ruimte! Zijn onderwerp en motief opnieuw geput uit de Europese geschiedenis
ergens in de middeleeuwen. Dit keer zijn er geen lijnen uitgezet naar vandaag,
maar wordt het verhaal binnen de eigen tijd verteld.
Geef me de ruimte! Wordt aangekondigd als het eerst deel
van een trilogie. Dit eerste deel is al een pil van driehonderd bladzijden, dus
dat belooft wat. Wie het leest hoeft tegen die driehonderd pagina's niet op te
zien, want het verhaal is zo goed in variaties gecomponeerd en wekt daardoor
telkens opnieuw nieuwsgierigheid over der verder afloop, dat het zich bijna
moeiteloos laat boeien. Er zijn duidelijk enkele kenmerken aan te wijzen die
het boek zijn spanning geven. Ten eerste de benadering van de geschiedenis: er
spreekt uit het hele verhaal een gedegen kennis van zaken, waardoor de fantasie
niet op hol slaat in de richting van koene ridders en schone jonkvrouwen.
Integendeel: sfeer, karaktertekeningen, beschrijvingen van situaties komen in
zekere zin authentiek over, proberen althans de eigenheid van dit opnieuw in
beeld gebracht stukje geschiedenis te benaderen.
Interessant is daarnaast de benadering en uitwerking van
de thema's: het tijdsbeeld valt binnen de honderdjarige oorlog (1337-1453) en
geeft dus voortdurend verslag van strijdtonelen, niet alleen als uiterlijk
vertoon, maar ook als mogelijke aanzet tot maatschappelijke veranderingen. Die
aanduidingen zijn geen droge opsommingen, maar worden aangestipt binnen de
ervaringen van de hoofdrolspelers, die bijna allemaal de neiging vertonen vaste
patronen en tradities te doorbreken. Zonder dat het onmiddellijk helden zijn,
geeft de schrijfster bij al deze figuren iets van een vrijheidsdrang aan, van
het zoeken naar een verruiming van zeg maar rustig bewegingsvrijheid.
Persoonlij vind ik dat het meest boeiende aan dit jeugdboek: De poging om
mensen uit te tekenen die zich niet onophoudelijk willen conformeren aan de
opgelegde normen en regels van de staat(en in dit geval evenveel van de kerk).
Marije Wartelsdochter speelt in het eerste deel van deze trilogie de
belangrijkste rol. Als een regelrechte voorloopster van de Dolle Mina's breekt
ze uit het benauwde leefpatroon van Brugge en vlucht op haar eigen houtje
richting Frankrijk. Romantische fantasie en verbeelding zijn de directe oorzaak
tot de uitbraak van dit 15-jarige meisje. De werkelijkheid daarna (oorlog,
teleurstelling etc.) zorgen voor de ontnuchtering.
Thea Beckman tekent de ontwikkeling van deze Marije
genuanceerd uit en het is niet voor niets dat ze deze van nature opgewekte
vrijbuitster in het verhaal een jongleur en een trouvére laat ontmoeten, twee
onafhankelijke berichtgevers uit die tijd: als dichter, componist,
liedjesmaker, commentator. Ook neven-rollen bepalen de toon en de kracht van
het boek: zoals de jonge Matthis Cuvelier, die in Amiëns een pest-epidemie
meemaakt. En de boeren-ridder Bertrand du Cueselin, als een voorbeeld van een
middeleeuwse partisanenleider.
Wie geeft me de ruimte! Leest (de titel is veel te veel
een kreet en te weinig duidend op de inhoud) zal zonder twijfel met een zekere
nieuwsgierigheid uitzien naar het vervolg. Daarnaast is dit nieuwe boek van
Thea Beckman uitstekend te gebruiken als prikkelende begeleiding bij de
geschiedenis-lessen of zoals dat vandaag heet: de wereldoriëntatie op de
basis-scholen en in het voorgezet onderwijs.