Macleod, G. (1998), In what sense a region? Place hybridity, symbolic shape, and institutional formation in (post-)modern Scotland. Political Geography 17 no.7, pp. 833-863.

 

macleodg1998artikel

 

In what sense a region? Place hybridity, symbolic shape, and institutional formation in (post) modern Scotland.  Gordon MacLeod

 

Jaren ’90: Regio: middelpunt van een effectieve economische ontwikkeling.

Sociaal Geografen: een regio is geen empirisch gegeven en het is geen opslagplaats voor sociale processen.

Murphy (’91): een regio moet worden behandeld als een veranderlijk ruimtelijk gegeven. Een regio, als sociale constructie is ideologisch noodzakelijk en een verklaring van de individualiteit en karakter kan niet compleet zijn zonder expliciet te overwegen wat hun ideeën zijn die zijn ontwikkeld en worden behouden in verband met het regionalisatieproces.

Sayer (’92): een regio vormt niet automatisch een geheel, niet een groep. Het begrijpen van een historisch proces of ontwikkeling is daardoor lastig.

 

Huidige stroming in de regionale geografie (’98): poging hoofdstructuren te begrijpen door middel van het richten op lokale gebieden en de impact van globalisering te bekijken in bepaalde regio’s.

Belangrijk: dit heeft geleid tot een serieuze overweging van het effect van politieke, natievormende en culturele processen op de economische ontwikkeling en het besturen ervan.

Eerdere traditie: het bestuderen van de regio als een natuurlijk object. (Paasi)

Regio’s en plaatsen geven de aspecten weer vanuit de ruimtelijke omgeving die door mensen zijn geproduceerd en veranderd zodat ze een product zijn van de maatschappij Urry, ’87

Anssi Paasi: ontwikkelde een model om te begrijpen hoe regio’s eruitzien en steeds opnieuw ontstaan en veranderen door individuen en instituten op verschillend schaalniveau. De nadruk ligt op bredere sociaal ruimtelijke structuren en collectief bewustzijn van de maatschappij. Het kan helpen voorspellingen te doen op ruimtelijk schaalniveau, grenzen,  natievorming en culturele identiteit. In deze context wordt de nadruk speciaal gelegd op het ontstaan van regio’s en culturele vorming.

Hij ontwikkelde hulpmiddelen om te begrijpen hoe regio’s en gebieden eruitzien, hoe ze voort blijven bestaan en verdwijnen op verschillend ruimtelijk schaalniveau. Een gebied buiten een regio is niet beperkt tot een specifiek ruimtelijk schaalniveau: het refereert aan een buurt, een stad, een gemeente, een land of een natiestaat. Het is abstract en kan niet worden beperkt tot

1 een gegeven administratieve eenheid

2 speciaal schaalniveau zonder de bredere sociaal ruimtelijke verbindingen mee te nemen

3 concrete of empirische regio

Er is sprake van een complex beeld door politieke, economische, sociale en historische processen. De regio bestaat uit zowel individuen als een collectief geheel.

Model Paasi: vier fasen/ vormen

1.      Territorial shape

2.      Conceptual or symbolic shape

3.      Emergence of institutions

4.      Establishment of a region

Hierbij schetst Paasi een scheiding tussen ruimte en regio

Place: persoonlijke kenmerken en ervaringen met het gebied of de regio

Regio: groter geheel met een geschiedenis en maatschappij waar de inwoners zich mee verbonden voelen.

Esoteric: over een langere tijd gezien (Regio)

Exoteric: alle dag (Place)

Ruimtelijke socialisatie: heeft betrekking op onderzoek om te ontdekken wat de processen zijn die door individuele actoren en collectieven worden gesocialiseerd als leden van speciale territoriale begrensde ruimtelijke gehelen en door wie ze min of meer actief binnendringen in een collectieve identiteit en gedeelte traditie.

 

Toegepast op Schotland:

1 Territorial shape

Schotland is onderdeel van het Verenigd Koninkrijk sinds 1707 door afspraken van de Schotse en Engelse elite. Hoewel onderdeel uitmakend van een politiek geheel, was Schotland niet volledig onderdeel van Engeland. Het behield een zekere burgerlijke en culturele autonomie met een eigen vorm van onderwijs en religie.

In 1707 ontstond dus niet de natie Schotland.

2 Symbolic shape

Bij de aansluiting in politiek opzicht bleef de naam, de ruimtelijke structuur en de grens intact. Symbolen vooral in de laat 19e eeuw uitgedragen door middel van boeken en literatuur die het Schotse bewustzijn moesten bevorderen.

Door een samenwerking met de Engelse taal in de 18e eeuw heeft Schotland de kans laten liggen op de ontwikkeling van de eigen taal. Maar desondanks heeft het voldoende middelen gehad om de symbolen uit te dragen. Meer dan twee derde van de bevolking voelt zich meer Schots dan Brits of Brits noch Schots.

Paterson 1994: 1 Nationalisme is een ideologie van de natie en niet de staat. 2 Het idee dat een natie alleen vrij kan zijn als ze een soevereine staat is zowel niet nodig als niet universeel.

3 Emerge of institution, institutional shape

De acceptatie dat Schotland vanaf 1707 deel uitmaakte van het Verenigd Koninkrijk ging zonder al teveel problemen omdat de Schotten zichzelf als een nationale regio zagen. Bovendien werden ze gerespecteerd door Engeland.

Eind 19e eeuw werd de wens om af te scheiden groter: de Schotten hadden het idee te worden genegeerd door Engeland. Ze wilden eigen bevoegdheden. Dit uitte zich in 1885 in het Liberal Government: een systeem voor recht, landbouw, onderwijs, lokaal bestuur en gezondheid. In 1926 werd dit veranderd in de Secretary of state en in 1937 kreeg het een officieel bestuur in Edinburgh met vier subdepartementen.

De situatie na 1945 leidde  institutionalisering.

4 Establishment of a region

Drie belangrijke processen die leidden tot de institutionalisering na de oorlog:

1.      Roep om economische vennootschap onder de regering, de SCDI (Scottish Council Development and Industry), lokale overheden en de Scottish Office.

2.      Het export systeem van de Scottish Office werd zo belangrijk voor de maatschappij dat de vorming van een instituut wenselijk was.

3.      De introductie van instellingen die Schotland belichaamden (zoals de Association for the protection of Rural Schotland), en de benaming hiervan, gaven aan dat de symolische vorm bestond en een instituut in feite was gevestigd.

De verspreiding van de collectieve instituten leiden tot het bewustzijn van Schotland als ‘Place’ via individuen en instituten binnen de ruimtelijke structuur van Engeland.

Op dit moment is Schotland nog niet helemaal onafhankelijk. Ze zijn bezig om onafhankelijk te worden. In 1995 leidde dit tot de Scotland’s Parliament en Scotland’s Right.

De Scottish Constitutional Convention: illustreert duidelijk de kracht van regionale verandering van institutionalisering. Een op zichzelf staande staat zou belangrijke voordelen bieden: een betere profilering van Schotland en de mogelijkheid gelijk te zijn aan andere Europese landen.

Hosted by www.Geocities.ws

1