B3VAK, Denken over regio’s,
Daniël vd VeenH6 De regio in de culturele geografie
Omdat cultuur op meerdere wijzen is opgevat, hebben cultureelgeografen de culturele regio op diverse wijzen omschreven.
6.1 Wat is cultuur?
In de brede opvatting van cultuur is cultuur alles wat geen natuur meer is. In deze opvatting behoren ook economie, politiek, technologie en andere door de mens gemaakte zaken tot de cultuur. In smalle zin wordt cultuur opgevat als iets dat ook te onderscheiden is van economie, politiek en technologie. De mate van transformatie en beheersing van de natuur door een groep mensen heeft in het Westerse denken lang gegolden als maatstaf voor het culturele niveau van die groep. Tegenwoordig is deze blik meer gerelativeerd: culturen zijn niet gelijkaardig, maar wel gelijkwaardig.
Een andere verschuiving die is opgetreden is die van de materiële kant van de cultuur (bv dijken, kleding) naar de immateriële, mentale kant. Cultuur is de laatste decennia meer opgevat als een manier waarop een groep mensen de wereld ziet en beleeft, als een stelsel van waarden en normen.
Karakteristiek voor cultuur is dat ze niet aangeboren is, maar iets is dat geleerd moet worden. Dit wordt socialisatie of enculturatie genoemd. Dit leerproces start van oudsher in het gezin, in het dorp of stad en op school. Tegenwoordig spelen ook de media een grote rol in cultuuroverdracht. Dankzij de media kunnen mensen kennis nemen van de waarden en normen van gebieden ver weggelegen en van andere sociale groepen dan de eigen groep. Cultuur is daarmee minder gebonden aan de ruimtelijke en sociale omgeving waarin iemand geboren is. De Britse socioloog Stuart Hall vat cultuur op als een mentaal kader dat door een groep mensen gebruikt wordt om betekenis en waardering te geven aan de haar omringende wereld en aan haar plaats in die wereld. Die groep mensen hoeven geen niet persee een territoriale basis te hebben. Stuart Hall benadrukt dat cultuur en cultuuroverdracht ook te maken heeft met macht.
Er bestaan 3 soorten culturele geografie:
Regio’s kunnen enkel een administratieve functie hebben, maar kunnen ook een eigen cultuur (gedeelde visie op de wereld) hebben. Deze regio’s (vb Twenthe, Zaanstreek) worden vernacular regions genoemd.
6.2 Morfologie: how the world looks
Met de analyse van de morfologie van cultuurlandschappen (eerste groep cultuurgeografen) hebben generaties geografen zich beziggehouden. Zeker in de eerste helft van de twintigste eeuw verschenen er talrijke regionale inventarisaties van cultuurlandschappelijke vormen. In Duitsland bloeide de "Kulturlandschaftsgeographie". Grondlegger was Schlüter. Andere geografen waren Leo Waibel en zijn leermeester Hettner. De bescrijving van een regio begon vaak met een deel over het natuurlandschap, gevolgd door een deel over het cultuurlandschap.
6.3 Mechanismen: how the world works
De tweede groep cultuurgeografen bogen zich over de vraag hoe en waarom mensen landschappen op een bepaalde manier vorm hebben gegeven. Het antwoord zochten zij in de manier waarop cultuur is ingebed in het sociale, politieke en vooral economische systeem van de betreffende groep. Carl Sauer was een bekend geograaf binnen deze stroming, hij en zijn navolgers staan bekend als de "Berkeley School". Hij wilde weten door welke krachten en factoren het cultuurlandschap was gevormd. Sauer had een voorliefde voor traditionele samenlevingen. Terwijl Waibel (6.2) lovende woorden wijdt aan het Europese plantagelandschap in Midden-Amerika, spreekt Sauer van de vernietiging van een inheemse beschaving door Europese indringers. Uit deze verschillende opvattingen blijkt dat groepen mensen de wereld op verschillende wijzen kunnen zien en interpreteren. Dit is een opvatting van cultuur en deze opvatting heeft pas aandacht gekregen in de derde, hedendaagse, stroming van de culturele geografie.
6.4 Betekenissen: what the world means
De culturele geografie is sinds halverwege de jaren tachtig van de twintigste eeuw aan een wederopbloei begonnen. De meer beschrijvende culturele geografie was door de ontwikkeling van de Ruimtelijke Analyse buiten beeld geraakt. Met het toenemen van kritiek op de Ruimtelijke Analyse kreeg de culturele geografie weer aandacht. In deze nieuwe culturele geografie gaat het om de betekenissen die actoren aan hun omgeving toekennen, hoe zien zij de wereld (Stuart Hall). Één en hetzelfde gebied kan in deze visie verschillende betekenissen krijgen en dus tot verschillende culturele regio’s gerekend worden. Culturele regio’s worden gecreëerd door een bepaalde actor of een groep actoren. Actoren produceren of construeren een culturele regio door aan een gebied een bepaalde indentiteit toe te kennen. Actoren spannen zich niet zomaar in om een culturele regio in het leven te roepen. Ze hebben er specifieke bedoelingen mee. Een succesvolle constructie van een regio maakt de belangen van haar bewoners als het ware zichtbaar in de wereld. Mensen kunnen zich de culturele identiteit van hun regio accepteren, maar ook ontkennen. Een culturele regio raakt gecommodificeerd als de identiteit van die regio gebruikt wordt voor commercieële doeleinden. De regio wordt zo een verhandelbaar product. Het zal duidelijk zijn dat de identiteit van culturele regio’s vaak betwist wordt door actoren met verschillende overtuigingen en belangen. Onderscheid kan gemaakt worden door actoren van binnen en buiten de regio, echter niet alle actoren uit bv de regio zelf hebben dezelfde overtuiging en belangen. Actoren met veel macht slagen er het beste in hun denkbeelden over een regio dominant te maken. Hoe geloofwaardiger het verhaal, hoe groter de kans dat anderen zich aangesproken voelen en de identiteit overnemen en uitdragen. Soms wordt echter ook gesuggereerd dat een geproduceerde regionale identiteit niet veel meer is dan een onwaarachtig verkoopverhaal in een door de markt gestuurde wereld (vb Het Zeeuwse platteland; zo’n eenvoud, wat een rijkdom). Echte betekenis zou geen rol meer spelen.
Regionale culturen hebben meer dynamiek gekregen dan in het verleden. De externe invloeden zijn groter. Dankzij de media en migratiestromen treed er menging op. Het ontstaan van culturele mengvormen wordt hybridisering genoemd. Culturen zijn minder dan vroeger in geografische territoria geworteld.
De huidige culturele geografie vat cultuur op als een complex van waarden en normen, met behulp waarvan een groep mensen betekenis geeft aan de wereld. Culturen zijn niet ergens, maar worden gemaakt. In dit proces spelen economische en politieke factoren een grote rol. De visie van mensen heeft dus een grote invloed op de manier waarop beelden van regio’s geconstrueerd worden.