Samenvatting CPB BLM terreinverkenning
De samenvatting die in de bundel staat is al vrij goed, lees deze dus ook aandachtig. Houd verder bij deze samenvatting constant de bundel ernaast, detail ontbreken volledig. Samenvatting geeft grote lijn, dat leert namelijk makkelijker
Hoofdstuk 2: methodologie
De basis van de monitoring is een groot aantal databestanden. Extern onderzoek + analyse is gericht op locatiefactoren
Er zijn verschillende ramingmethoden voor de vraag naar bedrijfsterreinen.
Achter deze eenvoudige stappen gaan ingewikkelde methodologische kwesties schuil.
Beschikbaarheid van gegevens.
Voor het BLM belangrijke databestanden, LISA en IBIS zijn gekoppeld
In IBIS wordt de jaarlijkse terreinuitgifte voor een aantal locatietypen geregistreerd.
In LISA wordt de jaarlijkse regionale werkgelegenheid ontwikkeling op vestigingsniveau geregistreerd.
Naast deze bronnen ook nog bronnen die als check dienst kunnen doen.
Hoofdstuk 6: omgaan met onzekerheid
Drie typen onzekerheid:
Bij een korte voorspel termijn zijn de onzekerheden kleiner dan bij een lange voorspel termijn.
Onzekerheid van de econ. Omgeving. (eerste categorie)
Economische ontwikkeling is een belangrijke determinant van de regionale werkgelegenheidsgroei. Voor de economische ontwikkeling zijn de technologische-, sociaal-culturele-, en demografische ontwikkelingen van belang. Veranderingen is deze factoren beïnvloeden de economische ontwikkeling en daarmee de ruimtevraag van bedrijven.
Onzekerheid over de parameters (tweede categorie)
De shift-share methodiek voorspeld een regionale werkgelegenheid uit de sectorstructuur (share) en een ruimtelijk effect (shift). De shifts zouden idealiter verklaard worden uit de regionale vestigingscondities. Het vestigingsklimaat veranderd geleidelijk. Naast desaggregatie per regio wordt ook gekeken naar de omvang van historische shifts op een lager niveau. De totale uitkomsten van de werkgelegenheid zijn afhankelijk van de ingezette ruimtelijke effecten. Hoe gevoelig zijn nu de uitkomsten voor de regionale werkgelegenheid voor de ruimtelijke effecten. De sectorstructuur is de belangrijkste determinant van de groei in het EC scenario. De verdeling van de werkzame personen over de onderscheiden locatietypen is een andere belangrijke schakel in de BLM methode. Locatietype voorkeuren van de bedrijfstakken kunnen veranderen door verschillende trends. Daarnaast kunnen trends binnen bedrijfstakken leidem tot een grotere behoefte aan kantoorlocaties. In de scenario’s is de dynamiek van de locatietypen voorkeuren bepaald met behulp van een enquete onder recentelijk verhuisde bedrijven.
De veranderingen van de locatie-type voorkeur bij de zakelijke diensten kan belangrijke consequenties hebben voor de vraag naar bedrijfslocaties.
Terreincoëfficiënt
Er bestaat onzekerheid over het huidige niveau alsmede de toekomstige veranderingen in het ruimtegebruik per werknemer. Ook verschil tussen provincies. Naast de omvang is ook de dynamiek van het ruimtegebruik per werknemer onzeker. Invloeden van:
ruimte-aanbod; plannen en ontrekkingspercentages.
Voor het roekomstig ruimteaanbod twee typen onzekerheid:
Modelonzekerheid
In hoeverre kan de methode het verband tussen economische groei en ruimtevraag verklaren?
Voor beoordeling aantal factoren van belang:
Hoofdstuk 7: conclusies en vooruitblik
De BLM aanpak lijkt plausibele bandbreedtes op te leveren voor de vraag naar bedrijfslocaties op een geaggregeerd niveau.
Met de BLM aanpak is een aantal belangrijke stappen voorwaarts gezet ter verbetering van de in het verleden gehanteerde aanpak. Fundamentele verbetering is het gebruik van terreincoëfficiënten
Er is een aantal belangrijke aandachtspunten ter verbetering van de gehanteerde methodiek.
Veranderingen in de shifts:
van economie naar ruimtevraag:
Twee belangrijke aandachtspunten:
confrontatie met het ruimteaanbod:
Twee belangrijke punten: