Samenvatting hoofdstuk 6 Strahler & Strahler, pp 158-163 Circulatie warmte en vocht + FOS 6.1

(zie pagina 158-163 voor figuren)

Tropische en equatoriale weersystemen

De weersystemen rond en evenaar en middenlatitudes vertonen enige verschillen,

q       Rond de evenaar is het corioliseffect zeer zwak

q       Er is rond de evenaar geen duidelijk onderscheid tussen luchtmassa (airmasses) dus er zij geen

o       Duidelijke fronten

o       Intense golvencyclonen

q       Er is echter wel een intense convergerende activiteit

 

Oostelijke golven en zwakke equatoriale laagten

 

Een van de simpelste vormen van een tropisch weersysteem is een oostelijke golf, een langzaam bewegende trog met een lage luchtdruk binnen 5° en 30° N en Z (dus nooit op de evenaar). De vochtige luchtstromen over de oppervlakte stijgen aan de oost- of achterkant van de golf en zorgen er zo voor dat en een gebied met verspreide buien en onweer ontstaat. Een ander gelijksoortig weersysteem is de zwakke equatoriale laagte, een verstoring die op of bij de evenaar vormt.

 

Polar outbreaks

Dit is de doorbraak van tongen van zeer koude lucht van de polen richting de evenaar, dit gebeurt in de middenlatitudes. Er zijn twee soorten, degene vanuit het noorden (nortes) en degenen vanuit het zuiden (pamperos)

 

Tropische cyclonen

Het meest vernietigende en krachtige typen cyclonische storm is een tropische cycloon. (Hurricane in de Atlantische oceaan en typhoon in de pacific en Indische oceaan) Ze begint als een  zwakke laagte en heeft hoge zeetemperaturen nodig om zich te verdiepen en te intensiveren. Hij beweegt zich eerst westwaarts om vervolgens richting NW, N of NO af te buigen. Boven land worden de cyclonen minder sterk. Een tropische cycloon is een bijna rond centrum met een enorm lage druk, winden draaien naar binnen op een hele hoge snelheid begeleid door zware regenval. Karakteristiek is het centrale oog met een heldere hemel en kalme winden. Tropische cyclonen komen alleen gedurende bep seizoenen voor.

 

Poolwaards transport van warmte en vocht

 

Atmosferisch warmte en vocht transport

Belangrijk fenomeen Hadley cell circulatie, een wereldomvattende convectie lus, waarin vochtige lucht opstijgt in de ITC om vervolgens over de subtropische riemen verspreid te worden. De Hadley cell fungeert als een pomp om warmte uit de equatoriale zeeën richting de polen te transporteren. De warmte van de lucht wordt in de subtropische zones vrijgegeven.

 

Oceanisch warmtetransport

Ook oceanische cicrculatie is belangrijk voor het transport van warmte. Dit houd een langzaam bewegen van gigantische volumes water in die aan de oppervlakte snellere substromen bezitten. Het warme water zit aan de bovenkant, en het koudere onder (fig. 6.21). Ook deze convectielussen fungeren als warmtepomp.

 

FOS 6.1 Hadley Cell Circulation as a Convection Loop Flow System

De zon verwarmt de aarde, omdat hij dit niet uniform doet is er een syteem van warmte transport over de aarde. De Hadley Cell is een   goed voorbeeld van een wereldomvattend convectie systeem. Er zijn twee richting binnen een Hadley Cell, horizontaal en verticaal. In het horizontale vlak is er, vlak bij de grond, een zuidwaartse beweging te registreren, terwijl hoog in de atmosfeer de beweging juist noordwaarts is. Samen vormt dit een lus. De sterkste winden heersen rond de 10e lengtegraad. In het verticale vlak zijn ook twee van deze punten te vinden, rond de evenaar, omhoog en rond de 15e lengtegraad weer naar beneden. Samen vormen deze stromen een enkele convectielus. Op deze manier wordt warmte richting de Beide polen getransporteerd. Hoewel de Hadley Cell bijna een convectielus is, is de totale stroom van warmte veel ingewikkleder.Op aarde heerst een groot systeem dat warmte van lage naar hoge breedtegraden transporteert.

Hosted by www.Geocities.ws

1