Rivierkleilandschap

Bladzijden: 92-103.

 

Vorming van het landschap

Het gebied: Begrensd door: N&Z: pleistoceen zand; W: veen.

Aanwezig: veen dat in Holoceen met rivierklei werd bedekt, getijdenrivieren.

Streekdorpen in het westen ontstonden door flauw reliëf (daardoor: grote kommen) en aanwezigheid van veen.

Esdorpen in het oosten ontstonden door onregelmatig reliëf, dat door de seizoenen wordt bepaald. Kleine kommen liggen in de Overbetuwe door ontstaan van fossiele stroomruggen.

De rivieren: Er zijn in de geschiedenis veel rivieren verdwenen en veel ontstaan. Verschuiving in belang van Rijn in Romeinse tijd via Lek (vroege ME) naar Waal (late ME). Oorzaak: menselijk ingrijpen (dammen, kanalen).

Ontginning in de Romeinse en Merovingische tijd: In Romeinse tijd woonde men alleen op hoogste delen van de stroomruggen, al was dat niet gedwongen uit technisch oogpunt. Door uiteenvallen Romeinse Rijk en verslechtering waterstaatkundige situatie (vanwege natter klimaat, ontbossingen in Duitsland) daalde bevolkingsaantal in 3e eeuw. Lichte toename vervolgens in Merovingische tijd.

Ontginning in de Karolingische tijd: Sterker staatsgezag veroorzaakte bevolkingstoename. In het westen legde men percelen dwars op hoogtelijnen waardoor goede afwatering mogelijk was. Lagere delen waren te nat voor akkerbouw. Kromakkers ontstonden door draaiing ploeg aan de rand van de akker. Erfdeling maakte van blokverkaveling mozaïekverkaveling.

Bewoningspatroon: Merovingische tijd: ronde dorp (kleine groepjes huizen). Karolingische tijd: gestrekte dorp (korte boerderijreeksen), meer planmatig gebouwd, vooral in het westen waar bevolkingscontinuïteit lager was dan in het oosten. De trek naar hogere plekken versterkte het gestrekte karakter van dorpen.

Ronde dorpen: vaak op bultig relïef; gestrekte dorpen: als aanpassing aan stroomruggen.

Toen lagere delen gebruikt werden voor akkerbouw werd ook veel in losstaande boerderijen gewoond.

Verkaveling in etappen: Verschillen in bodemkwaliteit en waterhuishouding kwamen stapsgewijs van hoog naar laag tot stand. Op broeken (zeer natte terreinen) na werd grond wel overal gebruikt. Verkaveling leidde vaak tot graven van sloten. Kaden waren daardoor noodzakelijk geworden om geen water door te laten.

Waterstaat

Kaden: Grasland op stroomruggen werd omgezet in bouwland, dwars op de rivier om toestroming van water te beletten. Aanleg van achterkade zorgde voor bescherming tegen overstromingswater. Eerste kaden (jaar 1000) dienden om ontginning in westen mogelijk te maken. Dorpen bouwden eigen kades en regelden samen afwatering (begin waterschap).

Sluiting van dijkringen: Dijkringen maakten het mogelijk laagste terreinen intensief te benutten. In 1300 waren de meeste dijkringen aangelegd. Hierdoor waren weteringen nodig om overstromingen te voorkomen. Uit samenwerking tussen waterschappen kwamen deze tot stand. Kwaliteit van grasland bleef laag, dus nauwelijks bouw van boerderijen hier.

Overstromingen: Dijken werden op afstand van zomerbed rivier gelegd, omdat waterpeil in de winter stijgt. Desondanks kwamen er dijkbreuken, want water kon niet meer afvloeien via kommen. Men antwoordde door dijken op te hogen en te verstevigen. Waar dijken doorbraken vormden zich kolkgaten (wielen): aantrekkelijke vestigingsplaatsen door hoge ligging en goede bodemkwaliteit.

Water kon vaak onder de dijk door sijpelen. Met een kwelkade werd tegendruk gegeven, maar de kans op dijkbreuken werd hiermee vergroot. In late ME bouwde men terpen (nauwelijks overstromingsgevaar).

Dwarsdijken en overlaten: Dwarsdijken en overlaten dienden als weerstand tegen overstromingen. Overlaten = verlagingen in deel van dijk (vluchtroute voor water).

Recente ontwikkelingen

Veranderingen buitendijks: Rivieren werden genormaliseerd in de 19e eeuw. Door aanleg van kribben werd de rivier nauwer en sneed zich verticaal in.

Veranderingen binnendijks: Hoogstammen werden vervangen door laagstammen, vanwege hogere plukkosten. Ruilverkaveling en specialisatie in veehouderij hebben het landschap ook doen veranderen.

Hosted by www.Geocities.ws

1