Agapornis Lilianae
De Njassa agapornis, Agapornis Lilianae, komt voor in dalen langs de Zambesi in Zambia, en in delen van Tanzania en Mozambique.
Het zijn kolonievogels die laaggelegen gebieden opzoeken.
Men treft ze dikwijls op de grond aan, bij
water of op zoek naar graszaden.

Bessen zijn het hoofdvoedsel van deze soort.
Daarnaast eten ze ook
fruit, bladknoppen en zaden. Afgezien van het gegeven dat januari en februari er de maanden voor zijn, is er weinig bekend over hun parings- en broedgedrag in het wild.
De
Njassa agapornis gebruikt oude wevervogelnesten en uitstekende dakranden om zijn nest te bouwen.

Men verwart de
Njassa dikwijls met de Rozekopagapornis. Schedeldak en voorhoofd hebben een oranjerode tint, die op de wangen en keel overgaat in een blekere donkerzalmroze kleur. Het bovenstaartverendek van de Rozekopagapornis is blauw, terwijl die van de Njassa groen is.
Hosted by www.Geocities.ws

1