|
De Reis
In een grote bus, met veel kleine weekendtasjes, vetrokken we als zes groene kikkertjes naar Serfaus. De auto zat zo vol dat we elkaar niet eens meer konden zien. De conversatie onderling verliep dan ook via sms.
De reis verliep voorspoedig met weinig stops. De vriendinnen van Nolda roken tenslotte niet meer. We hadden onderweg veel bekijks in ons groene uniformpje. Menig automobilist hebben we achterstevoren achter het stuur zien zitten.
Omdat we die vrijdag pas in de loop van de ochtend vertrokken en Herr Bacher nog niet op ons rekende, gingen we onderweg op zoek naar een hotelletje. Op de valreep vonden we onderdak. In het hotel troffen we een stel landgenoten waarvan ��n dame zeer gecharmeerd van ons was. ..... "Meisjes�..wat zie ik? Jullie hebben allemaal hetzelfde het uuuuuuniformpje, en met jullie naam erop! en achterop? .... foen for siks". Uitspreken kon ze onze naam echt niet en we hebben er dan ook de hele vakantie nog veel lol om gehad.
De volgende ochtend waren we al weer vroeg op pad. In onze skikleding stapten we in de auto, op weg naar de bergen en de sneeuw. Serfaus, here we come! De agent die ons bij het inrijden van het dorp aanhield (oh jee, mogen we er niet in?) zette zijn zonnebril op. Zou het aan de kleur van onze trui hebben gelegen?
Op zaterdagmiddag - na koffie op het terras - stonden we al op onze ski�s, waarna we ons met een voldaan gevoel in de apres-ski konden storten.
Monique
|
|