|
Het axioma van R. Debrouwer
Bvb.: a = 1, b = 3, c = 0.3333...
(0.3333... = 3 * 10-1 + 3 * 10-2 + ... + 3 * 10-΅) Stel: a/b = c ofte
1/3 = 0.3333... (zoals
algemeen aanvaard) Dan: 0.3333... * 3 = 1 Maar: 0.3333... * 3 = 0.9999... (= 9
* 10-1 + 9 * 10-2 + ... + 9 * 10-΅) => 0.3333... * 3 < 1 => 1/3 > 0.3333... Mijn axioma stelt in dit voorbeeld: 1/3 = 0.3333... + 10-΅ (1 * 10-΅ = 10-΅ = de kleinste bestaande eenheid van
calculatie) Want: 0.3333... * 3 + 10-΅ = 0.9999... + 10-΅ = (9 * 10-1 + 9 * 10-2
+ ... + 9 * 10-΅+1 + 9 * 10-΅) + 10-΅ = 9 * 10-1 + 9 * 10-2
+ ... + 9 * 10-΅+1 + (9 * 10-΅ + 1 * 10-΅) = 9 * 10-1 + 9 * 10-2
+ ... + 9 * 10-΅+1 + 10 * 10-΅ = 1 (Maar aangezien dat voorlopig niet
wiskundig te bewijzen valt voor alle gevallen in het
algemeen (ik kan voorlopig enkel bewijzen dat de algemene aanname
foutief is en aangeven hoe het zit in specifieke gevallen), is het dus voorlopig
als een axioma geformuleerd.)                                                                                                                +1 Suggestie notatie: 1/3 = 0.3333 + 1 * 10-΅ = 0.3333΅ (waarbij de +1 centraal net boven het ΅-symbool zweeft) Legende: '' --> het 'behoort tot' teken '΅' --> het oneindigheidsteken (de platte 8) |