Waarom mogen ratten nu geen koemelk maar wel kattenmelk of sojamelk? Dit heeft te maken met de in koemelk aanwezige lactose (= melksuiker), dat in kattenmelk en sojamelk niet of nauwelijks aanwezig is. Lactose kan bij ratten (en andere dieren) diarree veroorzaken.
Moedermelk van vrijwel alle diersoorten bevat in een bepaalde mate lactose. Lactosemoleculen zijn te groot om in het bloed opgenomen te kunnen worden. Om de lactose toch te kunnen verteren maken jonge dieren in cellen in de wand van de darm het enzym ß-galactosidase aan. Dit enzym splitst de lactose in kleinere deeltjes (glucose en galactose) die wel opgenomen kunnen worden.
Bij het ouder worden verdwijnt geleidelijk het vermogen om ß-galactosidase aan te maken, waardoor de lactose niet meer goed verteerd kan worden. Dit is een normaal natuurlijk proces dat bij alle diersoorten, inclusief het grootste deel van de menselijke wereldbevolking, voorkomt. De reden dat in Nederland over het algemeen wel koemelk gebruikt kan worden, is dat Noordwest-Europeanen (mogelijk door evolutionaire oorzaken?) ook op latere leeftijd nog ß-galactosidase aanmaken en daardoor in staat blijven de lactose te verdragen. Bij ratten is dit niet het geval en het is dus ook niet zo, zoals wel eens wordt gedacht, dat aan ratten gerust koemelk gegeven kan worden als ze dit van jongsaf aan gekregen hebben - het is geen kwestie van ontwenning.
Aan ratten kan wel (met mate!) yoghurt, karnemelk en kaas gegeven worden: door de bereidingswijze bevatten deze producten weinig tot geen lactose. Bovendien bevatten deze producten lactase, dat in de dunne darm helpt met het verteren van de lactose.