Sally en Pitty
lagen op bed te bladerden in de informatieboekjes die ze op hun nachtkastjes
hadden gevonden. “Hm, welkom, collegeroosters, openingstijden van de
bibliotheek, de namen van alle leraressen...” mompelde Pitty. Plotseling
slaakte ze een kreetje van verbazing. “Wat is er?” vroeg Sally. “Er staat
hier een juffrouw Violet Peters in de informatiegids,” zei Pitty. “Zou dat
de juffrouw Peters zijn die we ook op Malory Towers hadden?”
Sally grinnikte. “Je bedoelt die mannelijke, norse juffrouw Peters die
maandenlang jouw heldin was?” plaagde ze. “Dat zal ze altijd blijven, dat
geef ik ruiterlijk toe.” verklaarde Pitty. “Iemand die midden in de nacht
een doodziek paard redt is voor mij de grootste heldin die er bestaat. Ik hoop
echt dat zij het is. Ze geeft Engelse taal en letterkunde, staat hier. We zullen
het wel zien.”
“Jij zult het wel zien Pitty, ik niet,” zei Sally. “Het enige college dat
we gezamenlijk hebben is psychologie, verder zien we elkaar alleen buiten de
colleges.” Pitty knikte. “Ik zal er wel aan moeten wennen Sally, dat je niet
meer altijd naast me zit. Ik hoop maar dat ik aardige medestudenten vind.”
“Dat hoop ik ook,” zei Sally. “Stel je voor dat ze allemaal zo zijn als
dat nare wicht waar je tegenop liep!”
“Of zoals Artemis,” zuchtte Pitty dromerig. Sally voelde een steek van
jaloezie door haar hart gaan. Wat zag Pitty toch in die Artemis? Zo’n
arrogante ouderejaars, die zomaar ‘kleintje’ zei tegen haar vriendin Pitty,
wat was daar nou zo leuk aan? “Ik wed dat ze rookt,” zei Sally tegen
zichzelf. Meteen schaamde ze zich voor die gedachte. Wat maakte het uit of Pitty
Artemis bewonderde. Zij en Pitty waren immers al jaren bevriend en ze hadden zo
veel samen doorgemaakt, daar zou vast niemand tussenkomen. Maar hoe zeer Sally
zich ook probeerde gerust te stellen, het jaloerse gevoel bleef zachtjes knagen.
“Jij gaat veel sporten toch Sally? Ik zal je helpen met tennis oefenen. Je
komt vast in het team!” Sally schaamde zich nu nog dieper. Wat was ze blij dat
Pitty haar gedachten niet kon lezen. “Ik hoop het,” zei ze. “Het lukt je
vast,” zei Pitty vol vertrouwen, “en dan kom ik je bij iedere wedstrijd
toejuichen!”
Pitty
spong op, ze was veel te onrustig om te blijven liggen. “Laten we ons gaan
voorstellen aan de buren,“ stelde ze voor. Sally knikte en kwam ook overeind.
De linkerburen waren er niet. Bij de rechterburen duurde het een tijdje voor de
deur openging. Een aantrekkelijk meisje met een nors gezicht verscheen.
“Hallo, ik ben Pitty en dit is Sally. We zitten in de kamer hiernaast,”
Pitty stak haar hand uit. Het norse meisje trok haar wenkbrauwen op en zei
niets. Ze keek bepaald vijandig. “We kwamen ons even voorstellen,” vertelde
Sally uiteindelijk toen de stilte lang genoeg geduurd had. “Nou, ik ben Claire,
mijn kamergenoot is er niet op dit moment.” Er klonk geen greintje
hartelijkheid in haar stem. Pitty en Sally keken elkaar aan. “Was dat
alles,” snauwde hun buurvrouw bijna, na Pitty’s knikje sloeg ze de deur voor
hun neus dicht.
“Wat een raar kind, zo onbeleefd en grof,” Sally was ontdaan. Pitty was het
met haar eens, ze was net zo geschokt als haar vriendin. “Je zal zien dat we
haar dagelijks tegenkomen, vreselijk,” was haar commentaar. Ze liepen terug
naar hun kamer. “Op Malory Towers hadden we wel raad geweten met Claire. Wat
zou Alice van haar zeggen?” mijmerde Sally. Onverwacht schoot Pitty in de
lach, “Wat een pracht van een gezicht voor Linda’s zure gezichtenboek,”
hikte ze, “dat mens van vanmiddag ook!” Ook Sally schoot in de lach. “Ja
nu Eline zo veel aardiger is geworden moet iemand anders de zure gezichten
trekken.” De hele Claire was alweer vergeten. “Ik trek me niets van haar
aan,” besloot Pitty bij zichzelf, “niemand belet me om het hier geweldig te
hebben.”
Alice en Betty
zaten op hun kamer met de radio hard aan. “Wat fijn dat we hier radio op de
kamer hebben,” zei Alice, die zich nog goed herinnerde hoe ze op Malory Towers
altijd in een gezamenlijke ruimte naar de radio moesten luisteren. “Nu kunnen
we tenminste samen plannen maken, zonder dat daar anderen bij zijn,”
antwoordde Betty. “Wat zullen we het komende jaar eens gaan doen?”
Alice pakte het informatieboekje van St. Andrews en gooide het naar Betty.
“Wat dacht je van studeren?” Betty lachte. “Studeren? Ben je gek geworden?
Ik dacht aan hele andere dingen! We moeten minstens één goede grap uithalen,
enne... onderweg hiernaartoe heb ik gezien dat er in het dorp twee pubs zijn,
én een concertzaal. Wie had het hier over studeren?”
“Je hebt gelijk Betty,” zei Alice, “Verstandig worden kunnen we altijd
nog. Laten we eerst de wereld gaan ontdekken. Bovendien missen we hier op St.
Andrews iets dat noodzakelijk is voor onze opvoeding: mannen! En waar anders kom
je mannen tegen dan in de pub? Zodra we de kans krijgen gaan we
gezellig uit, en we nemen Pitty en Sally mee.”
“Als die twee mee willen tenminste,” wierp Betty tegen. “Onze brave Pitty
is immers verloofd?” Alice zag het niet zo somber in: “Die krijgen we wel
mee hoor. En die verloving houdt ook niet lang stand, let op mijn woorden. Ook
Pitty gaat de wereld ontdekken, daar durf ik om te wedden.”
Eline zat aan
haar bureau in de bibliotheek. Voor haar lagen de brieven van Pitty. Die waren
het enige lichtpuntje van die lange zomer geweest. Nadat ze vervroegd van Malory
Towers weg moest, omdat haar vader ziek geworden was, had Eline een hele
moeilijke tijd gehad. Elines moeder had haar hulp hard nodig. Toen haar vader
eindelijk was hersteld van zijn ziekte had Eline een hele verandering ondergaan.
Van een slap en egoïstisch meisje was ze veranderd in een vriendelijke,
zelfstandige jonge vrouw.
Eline streek met haar vingers over de bovenkant van de stapel brieven. Wat had
ze genoten van Pitty’s opgewekte schrijfstijl, van haar lange brieven waarin
ze honderduit vertelde over alles wat ze meemaakte. O, als Pitty toch eens zou
beseffen hoezeer Eline haar gezelschap waardeerde. “Maar dit trimester zal ik
Pitty vertellen dat ik haar vriendin wil zijn,” nam ze zich voor. “Wat heb
ik geluk gehad dat ik deze baan bij St. Andrews heb gevonden. In de bibliotheek
nog wel! Nu krijg ik de kans om Pitty heel vaak te zien, en die kans zal ik
benutten ook.” Eline verzonk in gedachten. Ze stelde zich voor hoe zij en
Pitty langs al die rijen boeken zouden lopen, hoe ze Pitty zou helpen bij het
vinden van de juiste boeken, hoe Pitty dankbaar naar haar zou lachen. “O Eline,”
zou ze zeggen, “ik ben zo blij dat je me helpt. Ik wil zo graag iets
terugdoen! Vertel eens Eline, wat zou je het liefste willen?” En dan, zo
mijmerde Eline, zou ik zeggen: “Niets, lieve Pitty, zolang je mijn vriendin
wil zijn. En Pitty antwoordt dan dat ze niets liever wil dan dat. En we kijken
elkaar aan en...” Ze werd ruw onderbroken in haar overpeinzingen. Een nors
kijkend meisje kwam de bibliotheek in. “Waar vind ik boeken over politiek?”
vroeg ze, zonder ook maar een spoor van vriendelijkheid op haar aantrekkelijke
gezicht. Eline wees haar waar ze moest zijn en stopte het stapeltje brieven in
haar tas. Ze zuchtte. Dagdromen was leuk, maar er moest ook gewerkt worden.
Bedeesd
klopte Jane op de deur. Ze keek nog een keer op het briefje met haar
kamernummer. Ze hoopte dat haar kamergenoot vriendelijk tegen haar zou zijn. Een
stevig meisje deed open. “Hallo,” zei Jane zacht, “ik ben Jane.” De
ander glimlachte en stak haar hand uit. “Ik ben Fiona, dus jij bent mijn
kamergenoot, kom snel binnen.” Opgelucht liep Jane naar binnen. “Dit is
Camille,” zei Fiona, “mijn zus. Ze is derdejaars.” Jane knikte verlegen
naar het grote meisje. Dat het zussen waren kon je goed zien, vond Jane. “Dat
is je bed Jane,” wees Fiona. Terwijl Jane haar koffer op haar bed legde
vervolgden Camille en Fiona hun gesprek.
“En toen durfde ze te zeggen dat ik stonk, verbeeld je,” zei Fiona, “maar
ik krijg ze nog wel, die Pitty, Sally en Betty, hoe die ander heet weet ik
niet.” Jane keek op, “Die heet
Alice,” ze fluisterde het bijna.
De beide zussen keken nu naar Jane, die een vuurrode kleur kreeg. “Je kunt
beter niet met hen omgaan Jane,” zei Camille, “Fiona is een veel betere
vriendin voor je.” Jane dacht aan de harde stem van Alice. “Ik vind ze ook
helemaal niet aardig,” zei ze zacht.
“Het is vreselijk wat voor onbeschaafde types er hier toegelaten worden,”
sprak Camille, “de ergste is nog wel Artemis, die zit in mijn jaar. Voor
Artemis moet je uitkijken Fiona, en jij ook Jane,” haar stem klonk
waarschuwend, “verbeeld je, ze heet gewoon Diana, maar ze wil dat iedereen
haar Artemis noemt. Ik zal jullie eens wat over Artemis vertellen…” Fiona
boog gretig naar voren: “Vertel ons alles Camille!” Dat haar stem onprettig
klonk hoorde Jane niet, ze was veel te blij dat er iemand met haar praatte. Ze
luisterde huiverend naar wat Camille te vertellen had.
“Dat worden veel buitenschoolse activiteiten,” zei Artemis tegen haar vriendinnen Melissa en Jodie. Ze hadden zich verzameld in Artemis’ kamer. Melissa lachte, maar de serieuze Jodie met wie Melissa kamer en bed deelde fronste even. “Je zou meer moeten studeren Art,” zei ze. “Ik bestudeer het leven dames,” reageerde Artemis, ze trok een zedig gezicht. Ze dook in haar klerenkast en kwam even later tevoorschijn met een fles port en een pakje sigaretten. “Je bent lerares in de levenskunst,” grinnikte Melissa, “en dan heb je al die eerstejaars om les aan te geven.” Artemis schonk drie glazen port in en deelde sigaretten uit. Ze liet zich op bed vallen. “Ik geniet van het leven,” zei ze met een brede grijns. Zelfs de serieuze Jodie moest nu lachen. “Die kleine met die staartjes vond je wel leuk hè Art,” klonk Melissa’s stem plagerig. Ze vertelde Jodie, die er niet bij was geweest, over Pitty. “Zo groen als gras, vers van kostschool, dat arme kind weet niet wat haar te wachten staat.” Artemis hief haar glaasje port. “Op de eerstejaars dames, en dat ze maar veel kennis op mogen doen!”
Later lag Artemis nog wat soezerig van de port op haar bed. Morgen zou het gewone leven beginnen. Haar gedachten gingen weer naar die eerstejaars die haar die middag blozend had aangesproken. Die staartjes; het ontbreken van ieder spoortje van make-up; die frisheid sprak haar aan, wist ze. “Zo groen als gras,” had Melissa gezegd. Artemis glimlachte in zichzelf en nam een trek van haar sigaret. Ja, het zou een interessant trimester worden.