Pitty en Sally
zeulden hun zware koffers over het grote plein. Plotseling herinnerde Pitty zich
iets. “Sally,” zei ze, “ik heb nog een verrassing voor jou.” Sally keek
haar aan. “Een verrassing? Wat dan?” vroeg ze. “Dat zul je wel zien,”
antwoordde Pitty. “Alice en Betty zullen ook wel opkijken. Alice! Betty!” De
vriendinnen kwamen aangelopen. “Wat is er zo dringend Pitty?”
“Pitty heeft een verrassing voor ons,” zei Sally. “Precies,” antwoordde
Pitty geheimzinnig, “en daar heb ik jullie bij nodig, jullie weten immers al
een beetje de weg hier.”
“Klopt,” antwoordde Alice, “zeg het maar, waar moeten we naartoe?”
“Naar de bibliotheek, meer verklap ik niet,” zei Pitty. “En daarna gaan
Sally en ik op zoek naar onze kamer.” Opgetogen babbelend liep het viertal het
indrukwekkende gebouw in.
Pitty durfde
haast niet hardop te praten terwijl ze door het statige gebouw dwaalden. Wat
waren ze nog een ukkies vergeleken met de ouderejaars die ze telkens
tegenkwamen. Alice en Betty leken nergens last van te hebben, maar ook Sally
werd steeds stiller. “We moeten straks om de hoek nog een trap op,” riep
Alice, ze keek om. “Hé Pitty, slome, loop eens door.” Pitty hoorde haar
niet, ze staarde naar een groepje ouderejaars, waarvan er eentje duidelijk het
middelpunt vormde. “Sally, zie je dat,” fluisterde ze opgewonden, “ze
heeft een broek aan.” Sally giechelde, “Wat raar, dat mag vast niet.”
Alice begon te lachen, “Wat ben je toch een groentje Pitty, ik draag thuis ook
wel eens broeken, jij niet?” Het drong allemaal niet tot Pitty door. “Wat
een durf.” zei ze tegen zichzelf. Ze keek vol bewondering en ontzag naar de
lange slanke ouderejaars.
“Kom Pitty, je zei dat je een verrassing had,” drong Sally aan, ze vond het
niet prettig dat haar vriendin zo afgeleid werd. Een beetje onwillig liep Pitty
door, nog steeds onder de indruk.
“Voel jij je ook zo’n ukkie Sally?” vroeg Pitty zacht. Ook Alice hoorde deze woorden. “Wees niet zo’n baby,” grapte ze en ze trok even aan één van Pitty’s staartjes. “Pitty is geen baby, ze heeft zelfs al een verloofde.” De trouwe Sally sprong voor Pitty op de bres. “Een verloofde, “ teemde Alice “en jullie houden handjes vast en schrijven elkaar iedere dag? Nu snap ik het!” Ze sloeg met een theatraal gebaar haar hand tegen het voorhoofd. “Daarom staarde je zo naar die lange broek!” Betty proestte het uit terwijl Pitty kreeg een kleur kreeg. Die Alice met haar scherpe tong! Pitty wilde wat zeggen, maar Alice was haar voor. “Sorry Pit, ik plaagde je maar. Kijk, dat is nou een echte baby.” Ze knikte in de richting van een heel jong meisje dat al een tijdje achter hen liep. Ongelukkig genoeg sprak ze net te hard. Het meisje werd vuurrood en draaide zich om. “Ze bedoelde het niet zo,” riep Pitty nog, maar het kleintje bleef doorlopen. Pitty draaide zich boos om naar Alice, die nu ook een kleur had. “Die grote mond van me ook,” zei Alice ongelukkig “zeg maar niets Pitty en jij ook niet Sally.” Ze vond het werkelijk vervelend, dat was aan haar te zien, dus Pitty zweeg. De stemming was gedrukt toen ze verder liepen. “Ik maak het wel goed.” zei Alice uiteindelijk. “Heilige Alice!” riep Betty en ze lachten allevier, Pitty ook. Alice was goudeerlijk en ze kon nooit lang boos op haar blijven.
Jane liep een toilet binnen. De tranen prikten achter haar ogen. Ze keek in de spiegel. “Ja, ik ben een baby. Ik hoor hier niet.” Ze was klein, zelfs voor haar 17 jaar. De directrice van haar oude school had haar gewaarschuwd. “Je bent erg intelligent Jane, je zult goede resultaten halen. Alle andere studentes zijn echter ouder en ik weet niet of je aansluiting vindt. Waarom blijf je niet nog een jaartje bij ons?” O, wat had ze dat graag gedaan. Haar ouders leken maar niet te begrijpen dat ze bang was, ze hadden niet naar haar zachte protesten geluisterd. “We zijn zo trots op je Jane, dat je nu al op St. Andrews aangenomen bent.” Jane leunde met haar voorhoofd tegen de spiegel en voelde zich erg alleen.
Pitty hoopte
dat ze nu zonder verdere avonturen in de bibliotheek aan zouden komen. Er stond
hen echter nog een onplezierige ontmoeting te wachten. “Daar is het,”
kondigde Alice aan. Pitty begon sneller te lopen, in haar haast om de verrassing
te onthullen lette ze niet op. De botsing kwam onverwacht.
“Hé, kun je niet uitkijken?” Geschrokken deed Pitty een stap terug, wat een
onaangename stem. Ze bekeek de spreekster, een stevig meisje van haar leeftijd.
“Ik had verwacht dat hier alleen maar beschaafde meisjes studeerden,”
vervolgde de ander, ze klonk geaffecteerd en uit de hoogte. Dat paste niet bij
de groezelige kleding en het vettige haar. “Beschaafd, poeh,” dacht Pitty
die driftig werd. Naast haar hield Sally haar adem in. Voor Pitty kon uitvallen
was daar opeens Alice. “Vind je ook niet,“ zei ze tegen Betty, “dat het
hier stinkt, je hebt toch wel deodorant gebruikt?” Betty knikte, haar lach
verbergend. “Pitty en Sally toch ook?” vervolgde Alice. “Weet jij waar dat
vieze luchtje vandaan komt?” vroeg ze onverstoorbaar aan de nieuwelinge, die
eruit zag alsof ze uit elkaar ging springen. “Ik krijg jullie nog wel,”
siste ze, voordat ze woedend wegstampte. Sally kreeg de slappe lach, waarmee ze
de anderen aanstak. “Je bent onbetaalbaar Alice,” wist ze nog uit te
brengen. “Hier heb ik geen spijt van,” zei Alice met een brede grijns op
haar knappe gezichtje, “wat een vreselijk mens.”
De bibliotheek
van St. Andrews was veel groter dan die van Malory Towers. De meisjes waren diep
onder de indruk. “Als ik al die boeken moet lezen mag ik wel tot mijn
tachtigste op St. Andrews blijven,” fluisterde Alice. Betty giechelde: “Maar
Alice, we zijn toch niet alleen naar St. Andrews gekomen om te studeren?” Nu
lachte Alice hardop: “Natuurlijk niet, we gaan pret maken!”
Bij de receptie van de bibliotheek stond een dame met kort rossig haar, met haar
rug naar de meisjes toe. Ze had niet gemerkt dat de vriendinnen binnengekomen
waren. Pas toen Alice hardop lachte draaide ze zich om. “Eline!” riepen
Sally, Betty en Alice tegelijk. “Maar... wat... hoe?” ze praatten allemaal
door elkaar. Eline glimlachte veelbetekenend naar Pitty. “Had je het nog niet
verteld?” vroeg ze. “Ik wou ze een verrassing bezorgen,” antwoordde Pitty.
“Dat is je wel gelukt,” merkte Alice droog op. “Zoiets had ik echt niet
verwacht! Ben je bibliothecaresse geworden Eline? Laat me eens goed naar je
kijken, wat is er met je lange haar gebeurd?”
“Tja, doorstuderen, dat zat er voor mij niet in,” zei Eline met een spijtige
blik. “Maar,” zei ze, en haar gezicht klaarde helemaal op bij die woorden,
“dit is een hele leuke baan. En ja, mijn lange haar is eraf. Kort is veel
makkelijker en het staat een stuk vlotter. Zal ik jullie nu wegwijs maken?” Ze
stapte kordaat achter de balie vandaan en leidde de meisjes rond door de grote
bibliotheek. Pitty werd er stil van. Zo veel boeken had ze nog nooit bij elkaar
gezien, als ze die toch eens allemaal kon lezen!
Sally’s stem haalde Pitty uit haar overpeinzingen: “We zijn klaar, zullen we
onze kamer gaan zoeken Pitty?” Sally en Pitty pakten hun koffers weer op,
groetten Eline en verlieten al babbelend de bibliotheek, met Alice en Betty in
hun kielzog.
“Wat is die
veranderd zeg!” Sally raakte er niet over uitgepraat. “Weet je nog hoe ze
altijd huilde als ze afscheid van haar moeder moest nemen? En hoe ze dweepte met
leeghoofden?”
Alice viel haar bij:
“En dat ze zichzelf zo geweldig vond, en tegen haar moeder zei dat ze de beste
van de klas was? En hoe haar vlassige haar elke avond honderd streken borstelde?
En dan die vréselijke gouvernante, juffrouw Winter!”
“Nu, ze staat eindelijk met beide benen op de grond!” zei Pitty. “En ze is
ook niet meer zo dweperig.” Alice sprak haar tegen: “Dat moet je niet zo
hard zeggen Pitty. Hoe ze naar je keek! En jullie hebben elkaar toch regelmatig
geschreven?”
“Eline dweept echt niet met mij hoor,” verzekerde Pitty haar vriendinnen.
“Het idee alleen al. Nee, ze is gewoon aardiger geworden, vriendelijk en
eerlijk. En ze heeft een moeilijke tijd achter de rug, dat moeten jullie niet
vergeten. Ze heeft heel wat te verduren gehad toen haar vader zo ziek was.”
Dat moesten de vriendinnen beamen. Ze waren blij dat Eline uiteindelijk zo goed
terechtgekomen was.
“Ziezo,” zei Alice. “Wij zijn bij onze
kamer aangekomen, gaan jullie nog even mee naar binnen of lopen jullie meteen
door?” Sally en Pitty volgden Alice en Betty en bewonderden het uitzicht en
alle leuke spulletjes van Alice en Betty. Daarna gingen ze op zoek naar hun
eigen kamer.
“We zijn
verdwaald Pitty,” zei Sally ongerust “we moeten de weg vragen.” Pitty wist
dat Sally gelijk had. Ze zette haar koffer neer en keek om zich heen. “We
kunnen het haar vragen, “ ze knikte in de richting van de ouderejaars in de
lange broek. Tot haar verbazing schudde Sally haar hoofd. “Laten we het iemand
anders vragen.“ “Er is niemand anders Sally, “ zei Pitty een beetje geërgerd.
Waarom deed Sally zo raar? Sally zweeg, ze kon het niet uitleggen. Oh, konden ze
maar doorlopen. “Als jij het niet durft, dan vraag ik het wel.” Met die
woorden liep Pitty weg. Ze voelde zich echter niet zo dapper toen ze de
ouderejaars aansprak.
“Mag ik je wat vragen?” wist ze met een klein stemmetje uit te brengen. De
ander draaide zich om. “Jij altijd kleintje,” zei ze. Pitty kreeg een kleur.
“Mijn vriendin en ik kunnen onze kamer niet vinden en….” ze durfde
nauwelijks op te kijken. “Heb je ook een naam kleintje?” vroeg de
ouderejaars geamuseerd. “Pitty, en mijn vriendin heet Sally,” antwoordde
Pitty, iets minder verlegen nu. “Ik ben Artemis, dit is Melissa,” zei
Artemis, “Pitty, die naam past bij je, net als je staartjes. Vind je niet
Melissa?” Vanuit haar ooghoeken zag Pitty Sally kijken. “Onze kamer….,”
probeerde ze weer. Artemis glimlachte traag. “Natuurlijk Pitty, hier de hoek
om, twee trappen omhoog en dan linksaf. Daar zijn de kamers van de
eerstejaars.”
“Bedankt,” zei Pitty ademloos, ze holde terug naar haar vriendin. Artemis
keek haar na. “Hm. Pitty en Sally, denk je dat ze het met elkaar doen?”,
vroeg ze aan Melissa.
Uitgeput van
het sjouwen vielen Sally en Pitty op hun bedden. “Pfff, eindelijk hebben we
het gevonden. Ik neem nooit meer zoveel spullen mee,” verzuchtte Sally. “Ik
dacht ook dat het wel mee zou vallen,” zei Pitty, “maar je koffer is altijd
zwaarder dan je denkt.”
Ze stond op en liep naar het raam. “Wat een reusachtig uitzicht!” riep ze
uit. “Kom eens kijken Sally!” Sally hees zich overeind en kwam naast Pitty
staan. Vanuit hun raam keken ze uit over de kliffen en de zee. “Heel mooi,”
zei ze, “we hebben vast de mooiste kamer van het hele gebouw.” Ze glimlachte
naar Pitty. Op dit moment wist ze zeker dat ze een geweldige tijd tegemoet
gingen op St. Andrews. Pitty glimlachte terug en dacht precies hetzelfde.