Nachtzicht
Tijgers hebben een gezichtvermogen dat zes keer beter
is dan dat van de mens. Vooral in het donker kunnen ze
veel beter zien. Het is niet zo dat de tijgers in volstrekte
duisternis kunnen zien, maar bij gedempt licht, zoals in de
schemering kunnen ze uitstekend dingen waarnemen.
Wanneer licht in de ogen wordt geschenen in een hoek
van 17 tot 45 graden is er een opvallende groenachtige
glans zichtbaar.
Bij honden zie je hetzelfde. De glans wordt veroorzaakt
door de bijzondere eigenschappen van de choroidea
(vlies waarin de bloedvaatjes liggen) in de oogbal. In dit
vlies, dat achter het netvlies ligt, bevindt zich een
bindweefsellaag (tapetum lucidum genaamd). Deze
bestaat uit vezelachtige elementen die licht reflecteren.
Binnenkomend licht wordt door deze laag gereflecteerd
op het netvlies, zodat deze sterkere beelden door kan
sturen naar de hersenen. Licht wordt dus niet ��n keer,
maar twee keer op het netvlies geprojecteerd. De
speciale eigenschappen van de choroidea zijn bij vele
nachtdieren terug te vinden. Dieren die voornamelijk
overdag leven hebben kegelvormige cellen op het netvlies
die alleen bij daglicht werken. Hiermee kunnen ze wel
kleuren waarnemen en meer gedetailleerde beelden
vormen. Nachtdieren hebben weinig tot geen
kegelvormige cellen in de choroidea en kunnen daarom
geen kleuren waarnemen. Wel hebben katachtigen twee
soorten kegelvormige cellen op hun netvlies waarmee ze
blauw en groen licht kunnen onderscheiden. Met deze
"kegeltjes" kunnen waarschijnlijk niet zozeer meer kleuren
gezien worden, als wel licht van meer golflengtes. Verder
hebben katten een brede horizontale streep in het midden
van het netvlies, waar een grote hoeveelheid zenuwcellen
geconcentreerd is. Horizontaal zicht overdag wordt
hierdoor vergroot en hierdoor kunnen wegvluchtende
prooidieren beter worden waargenomen. Het laatste
bijzondere aan de ogen van katachtigen is dat de lens in
verhouding groter is dan bij de meeste andere
diersoorten. De pupil kan zich hierdoor meer verwijden,
waardoor meer licht doorgelaten wordt tot het netvlies.
Klauwen
Tijgers lopen, net als de andere katachtigen, op de
toppen van hun tenen. Hierdoor zijn de poten langer en
kunnen ze zich sneller bewegen. Hij heeft vijf tenen aan de
voorpoten en vier tenen aan iedere achterpoot. De eerste
teen aan de voorpoten, vergelijkbaar met de duim bij de
mens, zit meer aan de zijkant en de overige tenen aan de
voorkant. Mensen lopen plat op hun tenen en moeten de
hiel optrekken voordat we kunnen rennen en springen.
Katachtigen, zoals gezegd, lopen al op hun tenen en
hoeven dus deze extra beweging niet te maken zodat ze
zich sneller kunnen bewegen.
De klauwen zijn in ruststand opgetrokken in
beschermende scheden aan de voorkant van de poot en
hebben een lengte van 8 tot 10 cm, afhankelijk van de
leeftijd en de grootte van het lichaam
De Vacht
De vacht van de tijger is ��n de dingen die dit dier zo
bijzonder maakt. Helaas voor de tijger moeten we
zeggen, want naast het feit dat tijgers worden geschoten
om als ingredi�nt te dienen voor medicijnen, worden ze
ook gedood vanwege hun prachtige vacht.
Strepen
Niemand weet precies waarom de tijger gestreept is,
maar men vermoedt dat de strepen vooral een
camouflagefunctie hebben. In lage struikgewassen lost de
tijger als het ware op vanwege zijn vacht. De strepen zijn
zwart of donkerbruin van kleur en lopen parallel van de rug
naar de buik. Het voorhoofd, de wangen en poten zijn ook
gestreept. De staart heeft geen strepen maar ringen. Het
strepenpatroon bij individuele tijgers is nooit exact
hetzelfde en is vergelijkbaar met de vingerafdrukken van
de mens.
Wang-teken
Het strepenpatroon op het voorhoofd van de tijger wordt
vaak vergeleken met het Chinese alfabetteken 'wang'
voor 'koning'. Het teken bestaat uit ��n enkele verticale
streep met daar loodrecht op getekend drie horizontale
strepen.
Kleur
De meest voorkomende kleur van de vacht is oranje.
Maar zoals we al weten zijn er ook nog andere variaties
mogelijk: zwart en wit. Ook de strepen zijn soms meer
chocoladebruin dan zwart. De witte vacht komt veel vaker
voor dan een zwarte, maar is nog steeds heel zeldzaam.
De afwijkende kleur wordt veroorzaakt door een recessief
allel dat alleen in combinatie met een ander recessief allel
de witte vacht veroorzaakt. Onder op de buik, de
binnenkant van de poten, de borst en de snuit is de kleur
van de vacht wit. OP de achterkant van de oren zijn witte
vlekken te zien; vermoedelijk maken hiermee tijgers hun
soortgenoten op hun aanwezigheid attent. Verder kunnen
tijgerwelpen hun moeder aan de witte vlekken op de oren
herkennen.
Er wordt aangenomen dat de kleur van de vacht een
natuurlijke aanpassing is aan de habitat van de tijger.
Deze theorie gaat echter niet altijd op. Luipaarden en
tijgers delen vaak dezelfde natuurlijke omgeving maar
verschillen wel degelijk in kleur. Luipaarden hebben een
geel- tot bruinachtige vacht terwijl de grondkleur van de
tijger oranje is. Een mogelijke andere functie van kleuren
en patronen zou kunnen zijn om signalen af te geven naar
andere tijgers en/of katsoorten en rivalen. Soorten
onderling kunnen elkaar op grote afstand herkennen en
rivalerende katachtigen kunnen elkaar ontwijken. Het is
hier interessant om op te merken dat katten met
overeenkomstige kleuren patronen nooit dezelfde habitat
delen. Wanneer dit wel het geval zou zijn zouden hybride
(kruisingen tussen verschillende katachtigen) soorten veel
meer voorkomen, zoals bij de 'lijger' een kruising tussen
een leeuw en een tijger. In het wild komen deze kruisingen
niet voor, maar in dierentuinen worden ze soms gezien.
Als uit het paren van de tijger en de leeuw al levende
jongen voorkomen, zijn deze vaak onvruchtbaar.
Dikte
De dikte van de vacht van de tijger is afhankelijk van het
overheersende klimaat in het leefgebied van de tijger. In
de warmere klimaten is de vacht allicht korte en minder
dicht. De Siberische tijger heeft de dikste vacht van alle
ondersoorten: ongeveer 4 tot 6 cm op de rug en 7 tot 10
centimeter op de buik. . De gemiddelde vachtlengte van
de tijger is 0,7 tot 2 cm op de rug en 1,5 tot 3,5 cm op de
buik. Verder heeft de Siberische tijger een haardichtheid
van 3.000 tot 3.300 haren per vierkante centimeter! De
gemiddelde haardichtheid van de Sumatraanse tijger is
1.700 tot 2.000 haren per vierkante centimeter. Alleen al
aan de vacht zijn de ondersoorten dus goed van elkaar te
onderscheiden:
Leeftijd
Tijgers in het wild kunnen 10 tot 15 jaar oud worden. In
dierentuinen worden ze gemiddeld een stukje ouder: 16
tot 20 jaar. De reden hiervan is dat voedsel over het
algemeen in het wild minder voldoende aanwezig is en
dat infecties en ziektes tijgers kwetsbaarder maken. In
dierentuinen kunnen deze meer onder controle worden
gehouden met behulp van medicijnen en operaties.
|