Van orde naar chaos, woestijn naar sneeuw, looking for freedom, found it in India....

Tja, het is misschien moeilijk voor te stellen, maar pas na vele kilometers Iran houdt de beschaving ineens abrupt op en dit maakt plaats voor een gigantisch onherbergzaam Beluchistan, wat gedeeltelijk in Iran en gedeeltelijk in Pakistan ligt. Er zijn veiligere gebieden in de wereld en daarom kozen we ervoor om dit maar niet te fietsen. De trein is een goed alternatief, zeker als die nog geen 30 km/u gaat.
De tocht duurde alles bij elkaar zo'n 50 uur ( een vertraging van 24 uur inbegrepen). Gelukkig hadden we het gezelschap van Theo en Laura en 4 bewakers. Dus we voelden ons niet onveilig. We konden lekker ons eigen potje koken ( Theo's befaamde knoflooksoep, 3 VOETEN knoflook). De grensovergang ging vlotjes, op wat geduw en getrek en 10000 pakistani na.
En dan zit je ineens in een andere wereld. Een grotere overgang was er eerder niet voor ons. Met name Quetta, wat veel te druk en vuil is, maar een fantastische sfeer heeft. De pakistani's zijn heel lief en lachen veel. Theo vergeleek een rondje Quetta met het innemen van hallucinerende paddestoelen. Wij konden ons er iets bij voorstellen... 
We vertrokken, alweer met de trein, zo snel mogelijk richting het noorden van Pakistan. Het was tricky, zo vlak voor de winter, maar we wilden op zijn minst een poging wagen om de befaamde Karakoram Highway te fietsen, al was het maar een stukje. En we hebben er geen moment spijt van gehad. Een sprookjeslandschap was het. Te mooi om te beschrijven. Wel zwaar, alleen maar klimmen natuurlijk, uiteindelijk naar 3000 meter, maar we deden er vooral heel lang over omdat we zoveel foto's moesten maken....
Na een aantal dagen fietsen werden we op een ochtend wakker met tien centimeter sneeuw. Daar ging de poging om de Kunjerab pas, die de grens naar China aanduidt, te beklimmen. Pijnlijk, we zaten er nog maar 80 km vandaan. Maar het was onverantwoord.
Terug in ons "thuishonk" Gilgit, kwamen we onze vrienden John en Alanna ( Australiers op een motor) tegen, die op het punt stonden om een trekking te maken naar het "basiskamp" van de Nanga Prabat, een berg van 8126 meter. Samen met 5 anderen vertrokken we de volgende morgen. Het is maar goed dat we toen nog niet wisten wat ons te wachten stond. We zijn geen moment bang geweest in Pakistan, behalve deze keer. En dat had niets met Osama of de Taliban te maken, maar met een jeeprit die wel zo verschrikkelijk eng en gevaarlijk was, dat we dachten dat we doodgingen. Een ongeasfalteerd pad, precies even breed als de jeep, tegen een bergwand aangeplakt met een afgrond van 500 meter hoog. Mijn god, als we er nog over nadenken krijgen we rillingen...
We werden na 30 bloedstollende minuten afgezet in een dorpje, van waar uit we nog 2.5 uur moesten klimmen. In het pikkedonker (het was al veel te laat inmiddels) door de sneeuw, over richels die we gelukkig toch niet konden zien. Maar het was de moeite zo waard!
Dat bleek toen we de volgende dag wakker werden en het uitzicht zagen.
En toen werd het tijd voor India. We fietsten van de grens naar Delhi en vonden in India de vrijheid die je stiekem toch wel blijkt te missen. Er waren weer vrouwen op straat, zelfs op motorfietsen. En het gevoel om weer met korte mouwen te fietsen is niet te omschrijven. Heerlijk, langs alle koeien en waterbuffels scheuren, paard en wagen inhalen en heerlijk lunchen langs de kant van de weg. En aankomen in Delhi, bekende straatjes die we op onze backpackerstocht al hadden gezien en waar we nu dan naartoe gefietst zijn! Een bizar, maar vooral erg trots gevoel!!
En nu de grootstse cultuurshock van allemaal, we zijn weer terug in Nederland. Toch wel heerlijk, hoor, met zo'n geweldige ontvangst van iedereen. Maar we zijn heel erg blij als we over een maandje of drie weer lekker kunnen vertrekken, want we zijn nog lang niet klaar met fietsen. We zitten net over de helft, Beijing is toch nog 7000 kilometer. Jippie!  

Hosted by www.Geocities.ws

1